Expertisepunt Open Overheid

10 x tijd voor Open Overheid

Hoeveel tijd besteed jij aan Open Overheid? Vanuit het Leer- en Expertisepunt zijn we er allemaal gemiddeld drie dagen per week erg druk mee. We willen immers bijdragen aan een opener overheid door de community te ondersteunen en hun actie in beeld te brengen. Zo bouwen wij van het LEOO (Leer- en Expertisepunt Open Overheid) aan een community die van elkaar leert en opgedane kennis en expertise borgt. Dit doen we bijvoorbeeld door het voeren van vele gesprekken bij verschillende organisaties. Welke? Lees mee met wat 10 keer tijd voor Open Overheid opleverde.

1. Algemene Bestuursdienst (ABD)
Een aanzienlijk aantal topambtenaren van de Rijksoverheid meldden aan de ABD dat zij graag “met diepgang” meer te willen weten over open data. De ABD vroeg het LEOO of wij hierin konden samenwerken. Dit leverde concrete plannen op voor een dag waarop de topambtenaren in gesprek gaan met Saskia Stuiveling, de voormalig president van de Algemene Rekenkamer en deelnemers aan de SODA (Stuiveling Open Data Award) zoals Bleeve, de winnaar van vorig jaar.

2. Programma Modernisering Openbaarmaking Overheidsinformatie (MOOI)
Binnen het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK), de directie CIO-Rijk wordt op dit moment een nieuw programma ingericht. Doel van dit programma is te zorgen voor de doorontwikkeling van de wetgeving op het gebied van openheid en (passieve en actieve) openbaarheid van bestuur en de uitvoering daarvan. Wij maakten kennis met de programmamanager van MOOI en zij neemt vanaf februari van dit jaar ook deel aan de stuurgroep van het LEOO. Of de Woo (Wet open overheid) er nu wel of niet komt, één ding is zeker: Het LEOO wil graag aansluiten op de ontwikkelingen vanuit MOOI.

3. Handvestgroep Publieke Verantwoording (HPV)
Een reis naar Groningen leverde een lang gesprek op dat veel inzicht gaf op in de wijze waarop uitvoeringsinstellingen zoals DUO en de SVB omgaan met Open Verantwoording. Wij zetten de HPV op onze Open Kaart en Kaspar van den Ham schreef een informatierijke blog over het goede werk van de Handvestgroep Publieke Verantwoording (HPV).

4. Algemene Rekenkamer
De Stuiveling Open Data Award (SODA) is vernoemd naar de vorige president van de Algemene Rekenkamer, Saskia J. Stuiveling. Deze prijs, bedoeld om het innovatief gebruik van Open Data te stimuleren en te belonen, is vorig jaar voor het eerst uitgereikt. Om dit jaar de krachten nog meer te bundelen dan bij de eerste editie het geval was, zijn we met de Algemene Rekenkamer in gesprek over hoe we elkaar kunnen versterken.

5. Nationaal Archief
Met het Nationaal Archief voeren we vanuit het LEOO al langere tijd één-op-één gesprekken en dat is niet verwonderlijk. Want, zoals zij zelf zeggen: “Openheid van zaken geven als overheid is een groot goed. Maar: dat kan alleen als je je informatiehuishouding op orde hebt. Als je ervoor zorgt dat je informatie duurzaam toegankelijk is.” De afgelopen jaren resulteerde dit in diverse samenwerkingen. Het meest recente voorbeeld hiervan is de gastblog van Suzi Szabo, de eerste in een reeks gastblogs van het Nationaal Archief.

6. CBR
Het Centraal Bureau Rijvaardigheid (CBR) heeft gekozen voor een Open Aanpak in innovatie. Het CBR organiseerde een bijeenkomst met deelnemers vanuit verschillende hoeken. Zo waren er sprekers met een singularity University achtergrond, maar ook ontwikkelaars van Virtual Reality omgevingen en organisatiedeskundigen van banken. Vanuit het LEOO leverden we een bijdrage aan de onderdelen Open Aanpak en Open Data. Zo heeft een Open Aanpak het CBR zeker verder geholpen in het denken over innovatie. We vinden het indrukwekkend om te zien hoe innovatief het CBR al is. Het ontwikkelen van examens met behulp van virtuele beelden is al praktijk, en het ontwikkelen van beeldmateriaal is ook al heel ver gevorderd. Zo zagen we eenvoudige animaties van verschillende verkeerssituaties voor mensen met dyslexie en die waren voor hen direct helder.

7. Clarity
Clarity is een door de Europese Commissie gefinancierd project waarin een consortium met onder andere De Waag werkt aan het opstellen van uitgangspunten voor Open eGovernement services. Het project Clarity onderzoekt hoe de overheid digitale diensten kan aanbieden die het vertrouwen van burgers vergroten, en hoe daarbij transparantie en efficiëntie te bevorderen. Clarity doet daarom behoefteonderzoeken bij verschillende doelgroepen en verzamelt succesvolle voorbeelden van nieuwe en opkomende technologie. Vanuit het LEOO leverden we een inhoudelijke bijdrage aan de uitgangspunten van Clarity.

8. Stefaan Verhulst
Het LEOO is regelmatig (mede-)organisator van bijeenkomsten waarin we het gesprek aangaan met met toonaangevende sprekers. Afgelopen 2 maart was dat Stefaan Verhulst, Adjunct Professor aan New York University en medeoprichter van Governance Laboratory. Hij houdt zich primair bezig met (impact van) open data en open overheid. Daarnaast is hij editor en curator van de GovLab weekly, een onmisbare informatiebron als je op de hoogte wilt zijn van wat er over de grenzen heen gebeurt in de wereld van digitale overheid, Open Data en Open Overheid. Volgens Stefaan focussen veel data-aanbieders zich op het leveren van data, maar niet op de gebruikerskant of de impact van Open Data. Het doel is dan het openbaar maken en de aanname is dan dat hergebruik vanzelf gaat. Maar dat laatste gebeurt vaak niet. Lees hier een gastblog met een verslag van de presentatie van Stefaan Verhulst.

9. E-democracy
Binnen het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties werken diverse ambtenaren aan ‘e-democracy’: het inzetten van technologische innovatie om inwoners inspraak te geven en democratische vernieuwing te realiseren. Concreet krijgt dit vorm in een aantal pilots bij gemeenten die gebruik zullen maken van de open source tools van het D-CENT project. Hier zijn zeker raakvlakken met Open Overheid, waardoor van beide kanten het voornemen is meer samen op te trekken.

10. Ministerie van Financiën
Een lunchgesprek leverde naast veel inspiratie om met Open Overheid door te gaan ook een prachtige vraag op: “Nu we de datasets geïnventariseerd en gepubliceerd hebben, hoe regelen we dan dat als we nieuwe data hebben, de datasets opnieuw gepubliceerd worden?” Het LEOO hoort variaties op deze vraag vaker, dus we gaven snel een antwoord in onze rubriek ‘Een open vraag over ….‘. Als je wilt weten hoe je Open Data up-to-date houdt, dan kun je het hier dus altijd teruglezen.

Maak jij tijd voor Open Overheid? En voeren wij samen een gesprek waarin jouw vraag of behoefte centraal staat? Neem dan contact met ons op!

Open Data is not a thing, it’s a process

Deze gastbog is geschreven door Angelique Genemans, secretaris Programma Modernisering Openbaarmaking Overheidsinformatie (MOOI)

Op uitnodiging van MOOI (CIO-Rijk), LEOO (DIO en DenB) en Digitale Agenda (DIO) gaf Stefaan Verhulst op donderdag 2 maart een presentatie bij het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) over de impact van Open Data. Stefaan noemde veel wereldwijde voorbeelden van de wijze waarop openheid leidde tot initiatieven van maatschappelijke meerwaarde. In dit verslag geef ik mijn weergave van zijn spreekpunten.

Stefaan Verhulst is Adjunct Professor aan New York University en medeoprichter van Governance Laboratory en houdt zich primair bezig met (impact van) Open Data en Open Overheid. Daarnaast is hij editor en curator van de GovLab weekly, een onmisbare informatiebron als je op de hoogte wilt zijn van wat er over de grenzen heen in de wereld van digitale overheid, Open Data en Open Overheid.
Stefaan stond in zijn presentatie stond onder meer stil bij de vragen ‘Hoe kan technologie bijdragen aan het verbeteren van het besturen van de overheid?’ en ‘Hoe kunnen we de technologie van vandaag gebruiken voor een meer rechtmatige en effectieve overheid?’. Volgens hem zijn er twee pilaren waardoor technologie kan bijdragen aan het verbeteren van het besturen van de overheid:
1. Bestuur meer rechtmatig
2. Bestuur meer effectief

Hoe we de technologie van vandaag kunnen gebruiken voor een meer rechtmatige en effectieve overheid is lastiger te beantwoorden. We weten heel veel (nog) niet. Bijvoorbeeld: Wie weet wat in de samenleving? Als die informatie inzichtelijk is, kunnen beleidsmakers veel effectiever aan de slag.

Open Data gebruikers
GovLab onderzocht voor het Amerikaanse Witte Huis welke organisaties hun Open Data gebruiken. Zelf kon het Witte Huis 4 voorbeelden noemen. GovLab concludeerde dat 500 organisaties niet kunnen bestaan zonder de Open Data van het Witte Huis. GovLab heeft in kaart gebracht welke organisaties de Open Data gebruiken en nu weet het Witte Huis met wie ze moeten praten over datahergebruik. Volgens Stefaan focussen veel data-aanbieders zich op het leveren van data, maar niet op de gebruikerskant of de impact van Open Data. Het doel is dan openbaar maken en hergebruik gebeurt dan vanzelf… maar dat gebeurt vaak niet. Stefaan ging daarom in zijn presentatie ook in op de positieve impact van Open Data.

Positieve impact van Open Data

1. Open Data kan het werken van overheden verbeteren;
Beleidsmedewerkers kunnen Open Data gebruiken voor het maken van beleid mits het goed vindbaar is.

Voorbeeld: Open contracting Slovakia
+ Meer vertrouwen in de overheid
+ Meer bewustwording voor het tegengaan van corruptie
+ Eerlijkere processen

2. Sterkere datapositie voor burgers;
+ Door toepassingen van data kunnen burgers data gebruiken in hun eigen dagelijks leven.
+ Burgers worden beter geïnformeerd over besluitvormingsprocessen.

Voorbeeld: Kennedy vs. The city of Zanesville, Verenigde Staten

Open data gaf het bewijs dat in een deel van de stad waar een dominante groep met een Afrikaanse achtergrond wonen, geen watervoorzieningen waren. In tegenstelling tot een ander deel van de stad waar de dominante groep met een blanke huidskleur wel watervoorzieningen had. Het bedrijf dat daarvoor verantwoordelijk is, is veroordeeld voor discriminatie.

3. Open Data draagt bij aan het evidence based oplossen van maatschappelijke problemen.

Voorbeeld: Empowering citizens Mexico
+ Datagedreven besluiten en beleid over onderwijs
+ Er stonden docenten op de loonlijst die inmiddels 120 jaar oud zouden zijn, die zijn inmiddels gecorrigeerd

4. Open Data creëert mogelijkheden.

Voorbeeld: Business impactatlas New York
+ Open Data laat zien wat het demografische profiel is van de omgeving. Dat kan handig zijn als iemand een bedrijf wil starten

Successen en uitdagingen
Verder vertelde Stefaan waarom sommige Open Data initiatieven werken en sommige niet. Er zijn vier voorwaardelijke condities die ten grondslag liggen aan succesvolle initiatieven:

1. Partnerschappen: alle succesvolle initiatieven werken samen. Denk aan dataleverancier en datagebruiker.
2. Er moet naast een fysieke data-infrastructuur ook sprake zijn van een openbare data-infrastructuur.
3. Beleid en performance metingen: zonder beleid is het moeilijk om data te eisen.
4. Probleemdefinitie: vaak wordt een oplossing gecreëerd zonder dat er een probleem is.

Meestal, bij een goede probleemdefinitie, zijn er weinig datasets nodig. Het is ook nodig om te weten wat de impact is van de beoogde oplossing. Een probleemdefinitie is nodig want dan is er een indicatie om de impact van Open Data te meten. Naast de succesvolle Open Data initiatieven, kregen ook 4 uitdagingen aandacht:

1. Gebrek aan gereedheid; ontsluiten we onbruikbare data of iets waardevols?
2. Gebrek aan responsiviteit; ontsluiten we data waarnaar gevraagd wordt?
3. Risico’s, zoals; reputatie, privacy en veiligheidsrisico’s.
4. Toewijzing van middelen; het openbaar maken en het onderhouden van data kost geld.

Tot slot roept Stefaan op om anders te besturen. Hij ziet graag dat de overheid meer gaat werken als een platform. Daarbij zou de focus bij Open Data moeten liggen op de gebruikers. Wees open in de overheidsprocessen en werk en voer samen met organisaties uit!

De presentatie van Stefaan staat hier online.

 

 

 

 

 

 

 

Stefaan Verhulst (op de foto rechts) kreeg als dank voor zijn presentatie een open data trui van Paul Suijkerbuijk (op de foto links).

8 uitgangspunten voor Open Data

Op 22 juni 2016 stuurde de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties de uitgangspunten voor Open Data van de overheid aan de Tweede Kamer. In de praktijk merk ik dat deze uitgangspunten nog niet bij iedereen bekend zijn. Daarom dit overzicht van de uitgangspunten en een toelichting daarop. Komende tijd zal ik dieper ingaan op deze uitgangspunten. Heb je een vraag of opmerkingen over deze uitgangspunten? Dan horen we het natuurlijk graag.

Uitgangspunten

1. Afwegingskader voor openbaarheid.
2. Open Data zijn gratis.
3. Open Data zijn vrij van rechten van derden.
4. Open Data zijn zonder registratie toegankelijk.
5. Open Data zijn computerverwerkbaar.
6. Open Data zijn voorzien van metadata.
7. Open Data zijn zo volledig en onbewerkt als mogelijk.
8. Open Data zijn vindbaar.

1. Afwegingskader voor openbaarheid.
Data van een overheidsorganisatie worden proactief beschikbaar gesteld als Open Data als er geen uitzonderings- of beperkingsgronden van de Wet openbaarheid van bestuur of bijzondere openbaarmakingsregelingen van toepassing zijn. Bij het beschikbaar stellen als Open Data dient een afweging plaats te vinden of de data bij hergebruik risico’s opleveren voor fundamentele waarden en privacy of daarmee in strijd zijn.

2. Open Data zijn gratis.
Een overheidsorganisatie brengt geen kosten in rekening voor het beschikbaar stellen van Open Data, tenzij wet- en regelgeving dit anderszins regelt.

3. Open Data zijn vrij van rechten van derden.
Open Data worden gevrijwaard van rechten van derden door vrijgave met een CC0 verklaring. Indien de vermelding van de bron van de data van belang is voor een overheidsorganisatie, kunnen Open Data worden vrijgegeven met een CC-By verklaring.

4. Open Data zijn zonder registratie toegankelijk.
Open Data zijn toegankelijk zonder dat er enige vorm van registratie van gegevens van de potentiële gebruiker plaatsvindt.

5. Open Data zijn computerverwerkbaar.
Open Data worden aangeboden op een manier die verdere verwerking met een computer mogelijk maakt. Bij voorkeur worden Open Data beschikbaar gesteld in een open standaard.

6. Open Data zijn voorzien van metadata.
Open Data zijn voorzien van metadata conform de DCAT-AP standaard.

7. Open Data zijn zo volledig en onbewerkt als mogelijk.
Open Data worden door een overheidsorganisatie beschikbaar gesteld in een vorm die hergebruik ondersteunt, bijvoorbeeld in de vorm van API’s. Open Data zijn qua kwaliteit en actualiteit zo gelijk mogelijk aan de binnen de publieke organisatie gebruikte data en worden zoveel mogelijk ‘as-is’ beschikbaar gesteld. Data kunnen bewerkt worden om te voldoen aan het afwegingskader voor openbaarheid zolang deze bewerking niet in strijd is met de mededingingswet. Bij bewerking is de gedragsregel over gegevensgebruik van toepassing.

8. Open Data zijn vindbaar
Overheidsorganisatie maken hun Open Data vindbaar door op data.overheid.nl een verwijzing naar de door hen beschikbaar gestelde Open Data te maken.


Verder lezen

Meer te weten komen over hoe je deze uitgangspunten in praktijk kunt brengen? Bekijk de Toolkit Open Data.

Een Handreiking Open Data voor de Waterschappen

Deze gastblog is geschreven door Olle de Geest van de Unie van Waterschappen

Open Data wordt steeds belangrijker voor de waterschappen en de vraag naar Open Data neemt toe. Daarom heeft de Unie van Waterschappen een Handreiking Open Data voor de Waterschappen geschreven.

Een schat aan informatie

De waterschappen hebben voor het waterbeheer in Nederland veel waardevolle openbare meetgegevens en geografische informatie in huis. Hierbij kan bijvoorbeeld worden gedacht aan gegevens over het waterpeil, de watertemperatuur, waterkwaliteitsgegevens, maar ook het energieverbruik en energiewinning van de waterzuiveringen en gemalen. Aannemers, ingenieursbureaus en onderwijsinstellingen, maar ook applicatieontwikkelaars en burgers willen graag dat Open Data van de waterschappen goed beschikbaar is. Dit maakt het hergebruik van de informatie uit deze Open Data eenvoudiger.

Voor wie is de handreiking?

De nu beschikbare handreiking geeft medewerkers binnen de waterschappen inzicht in wat open data is, en wat er bij ‘aan Open Data doen’ komt kijken. De handreiking is zowel voor de directeur, gegevensbeheerders, juristen als de stagiairs geschreven. Het Open Data gedachtegoed wordt namelijk steeds breder gedragen binnen de waterschappen, en zowel medewerkers als bestuurders van de waterschappen zetten zich steeds meer in om de voordelen van open data te benutten.

Waarom Open Data?

Door Open Data beschikbaar te stellen kan meerwaarde, zowel voor de waterschappen als voor andere overheidsorganisaties, burgers en bedrijven. Een mooi voorbeeld van hergebruik van Open Data van de waterschappen is de website www.zwemwater.nl en de Zwemwater App. Tijdens een periode van warme zomerdagen kan de kwaliteit van het zwemwater in Nederland snel veranderen, en dit brengt mogelijke gezondheidsrisico’s met zich mee. Met de Zwemwater app kun je precies zien waar je in jouw buurt met een gerust hart een duik kunt nemen. Allemaal dankzij Open Data over de waterkwaliteit.

Kom naar de themabijeenkomst

Op 21 maart vindt er naar aanleiding van het verschijnen van de handreiking een Themabijeenkomst Open Data plaats. Werk je bij één van de waterschappen of maak je veel gebruik van (open) data van de waterschappen en ben je geïnteresseerd in het programma van deze bijeenkomst? Meld je dan aan via ogeest@uvw.nl.

Open data dienen de democratie

Deze column van Arno Visser (president Algemene Rekenkamer) werd gepubliceerd in de Blik op BZK

Wie wil weten waar een rijkssubsidie voor voedselzekerheid in verre ontwikkelingslanden terechtkomt, is maar een paar muisklikken van het antwoord verwijderd. Het ministerie van Buitenlandse Zaken verzamelt deze informatie in het eigen managementinformatiesysteem en met één druk op de knop zijn de gegevens voor iedereen toegankelijk. ‘Gevoelige’ informatie wordt automatisch geanonimiseerd. Een mooi voorbeeld van de toepassing van nieuwe technologie ten behoeve van klassieke waarden als transparantie en publieke controle.

Hoe anders is dit voor het rijksgeld dat niet elders maar in eigen land wordt uitgegeven. Bijvoorbeeld rijksgeld dat naar gemeenten gaat. Medeoverheden ontvangen, direct en via fondsen, vanuit Den Haag bedragen die vele malen groter zijn dan het budget van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking (BHOS). Toch is het voor iedereen, maar ook voor onderzoekers van de Algemene Rekenkamer, een hele klus om uit te vinden  hoe dat rijksgeld wordt verdeeld. Voor kritische, individuele burgers is dit niet te doen, terwijl het toch gaat om publiek geld dat om publieke controle vraagt. Laat staan dat ze weten welke volksvertegenwoordiger kan worden aangesproken om rekenschap af te leggen. Bij wie kan een bezorgde moeder terecht als haar kind geen passend onderwijs aangeboden krijgt en de school zegt daarvoor geen budget te hebben? Het samenwerkingsverband van scholen? Een wethouder? Of toch de minister van Onderwijs? Weet u het?

Het ministerie van Binnenlandse Zaken is traditioneel de hoeder van de Grondwet, het openbaar bestuur en burgerschap. Het is de plek waar de klassieke democratische beginselen moeten worden bewaakt, en waar mogelijk in een modern jasje moeten worden gegoten. Juist dit departement moet in actie komen. Hoe is het mogelijk dat ik de uitgaven van BHOS kan volgen tot de 250.000 euro die wordt besteed aan het voorkomen van kindhuwelijken in Ethiopië, terwijl dat voor de school om de hoek onmogelijk is?

Het IATI-initiatief voor ontwikkelingsgelden is niet duur of moeilijk
De technologie is er. De informatie is er. Wat lijkt te ontbreken is de wil om die op een slimme manier te delen. Gemeenten beroepen zich op autonomie, en willen allemaal hun eigen definities en normen bedenken. Daardoor ontstaat onduidelijkheid en kan men niet van elkaar leren. Maar wie in Nederland is er gebaat bij 388 verschillende sets van standaarden en bijbehorende normen? Het leidt alleen maar tot onduidelijkheid. Het voorbeeld van BZ laat zien dat het wel degelijk kan. Tien jaar geleden was het ondenkbaar dat financiële informatie over projecten in de ontwikkelingssamenwerking op dit niveau toegankelijk zou zijn voor alle geïnteresseerden. Maar de betrokken partijen sloegen de handen ineen. BZ stelde het gebruik van de IATI-standaarden verplicht en nu is er vergelijkbare informatie. Zonder veel extra kosten of moeite: de publicatie van open data is verbonden met het managementsysteem van Buitenlandse Zaken en het maandelijkse publicatieproces is geautomatiseerd. Wanneer brengt Binnenlandse Zaken ons de digitale eenheidsstaat?


Arno Visser (president Algemene Rekenkamer)

 

Een open vraag over…
Open Data up-to-date houden

Bij het Leer- en Expertisepunt Open Overheid komen regelmatig vragen binnen over uiteenlopende onderwerpen die te maken hebben met Open Overheid. We hebben daarbij vaak de rol van kennismakelaar: wij hebben lang niet alle antwoorden, maar betrekken degenen die ze wel hebben. Omdat de vragen en antwoorden ook voor anderen nuttig kunnen zijn, delen we deze in de rubriek ‘Een open vraag over…’. We ontvingen onderstaande vraag van een ministerie.

De vraag

‘Nu we de datasets geïnventariseerd en gepubliceerd hebben, hoe regelen we dan dat als we nieuwe data hebben, de datasets opnieuw gepubliceerd worden?’

Het antwoord

De eerste slag is geslagen! Je hebt een inventarisatie van datasets uitgevoerd binnen je organisatie, overwogen of ze openbaar gemaakt kunnen worden, een plekje gezocht om ze op te slaan én je hebt de registratie op data.overheid.nl natuurlijk gedaan. Dan kan het rusten op de lauweren beginnen…. Of toch niet?

Data wordt constant gebruikt in je organisatie. Daarmee worden datasets aangevuld, verbeterd, er komt nieuwe data bij of er wordt data verwijderd (voor de technisch onderlegden onder ons CRUD: Create, Read, Update, Delete). Er gebeurt dus veel met de data en als je die weer als Open Data beschikbaar wilt stellen vraagt dat aandacht. Hoe zorg je ervoor dat Open Data actueel blijft?

Het up-to-date houden van Open Data komt in verschillende varianten voor, in onderstaande scenario’s worden deze toegelicht.

Gepubliceerde bestanden overschrijven voorgaande versie

De data staat al online en wordt voorzien van een nieuwe versie. Dat kan handmatig gebeuren waarbij de bestaande versie wordt overschreven. In dit geval gaat de bestaande versie van het bestand verloren en is alleen de nieuwe versie beschikbaar als Open Data. De registratie in data.overheid.nl moet worden aangepast met de nieuwe periode waar de data betrekking op heeft.

Gepubliceerde bestanden vullen voorgaande versie aan

De data staat al online en wordt aangevuld met een nieuwe versie. Dat kan handmatig gebeuren waarbij naast de bestaande versie ook de nieuwste versie wordt gepubliceerd. De registratie op data.overheid.nl moet worden aangevuld met een verwijzing naar het nieuwe bestand en de nieuwe periode waar de data betrekking op heeft.

Bestanden automatisch updaten

In bovenstaande scenario’s is een handmatig proces beschreven, maar dat kan natuurlijk ook automatisch plaatsvinden, een overschrijffunctie of publicatiefunctie kunnen geautomatiseerd worden met natuurlijk dan ook een automatische registratiefunctie in data.overheid.nl. Dat laatste kan worden ingeregeld via de programmeerinterface van data.overheid.nl.

API’s

Bovenstaande scenario’s gaan uit van Open Data als bestanden. Open Data kan ook beschikbaar zijn via een directe koppeling met de data van de organisatie via een API (Applicatie Programmeer Interface). Via een API kan de gebruiker direct werken met de laatste versie van de data zoals deze in de organisatie beschikbaar is. Voor het werken met een API is specifieke programmeerkennis noodzakelijk.

Historische gegevens

Bij het beschikbaar stellen van Open Data wordt niet altijd de historie beschikbaar gesteld en wordt alleen de laatste versie beschikbaar gesteld als Open Data. Of wordt via een API alleen de laatste stand van zaken doorgegeven. De mogelijkheden voor hergebruik worden hiermee beperkt. Zo zijn de regenradarbeelden van de actuele situatie natuurlijk interessant, maar de vraag: ‘Regende het op mijn geboortedag?’, kan dan niet beantwoord worden.

Veel van deze historische data is wel beschikbaar binnen overheidsorganisaties. De ontsluiting daarvan kan ook weer leiden tot nieuwe innovatieve toepassingen. Het is daarom aan te raden om ook de historische data beschikbaar te stellen en daar bij de ontwikkeling van het Open Data beleid – en de uitvoering daarvan – rekening mee te houden.

Mensen

Mensen? Alle scenario’s vergen inzet, inzet van systeembeheerders of data-beheerders maar ook inzet van hun managers en van de bestuurders van de organisatie. Allemaal moeten ze het erover eens zijn dat het up-to-date houden van Open Data een taak is die hoort bij de organisatie. Dat zal zeker in het begin lastig zijn. De Open Data wordt nog maar weinig hergebruikt en dan is de vraag ‘waar doen we dit voor?’ al snel gesteld. Voor je het weet zijn de prioriteiten verlegd en is de Open Data verouderd. En met verouderde data kunnen hergebruikers weer niet zoveel, waardoor ze de Open Data niet gebruiken.

Stimuleer hergebruik

De beste garantie voor het up-to-date houden van Open Data is gelegen in hergebruik. Als zichtbaar is dat de Open Data wordt gebruikt voor nieuwe toepassingen, versterking van beleid, economische en maatschappelijke toepassingen is het up-to-date houden van de Open Data een logische taak waarvan duidelijk is dat deze baten heeft voor de organisatie en voor de maatschappij.

Tips

1.      Organiseer en beleg het management en beheer van de Open Data scenario’s.

2.      Maak het up-to-date houden van Open Data een formele taak van de organisatie.

3.      Zorg dat bestuurders zich hard maken voor het uitvoeren van het Open Data beleid.

4.      Stel ook historische gegevens beschikbaar als open data.

5.      Stimuleer hergebruik.

Zelf een ‘open vraag’?

Heb je zelf een vraag waar je een antwoord op wilt? Laat het ons weten dan behandelen we jouw vraag wellicht in deze rubriek. Antwoord krijg je in ieder geval!

 

Wie stemde er voor Open Data in de Tweede Kamer?

Vorige maand publiceerden we op open-overheid.nl een overzicht van welke politieke partijen aandacht besteden aan Open Overheid en Open Data in hun verkiezingsprogramma voor de Tweede Kamer verkiezingen van 2017. Open State Foundation maakte een overzicht waarin zij terugblikken op de afgelopen periode: wie stemde er tussen 20 september 2012 en 17 januari 2016 voor Open Data?

Bekijk de website van Open State Foundation voor een overzicht van het stemgedrag van de fracties in de Tweede Kamer. In de linker kolom staat het voorstel met informatie en is aangegeven of het voorstel positief of negatief is voor Open Data en hergebruik. De kleuren geven aan of een fractie voor (groen) of tegen (rood) heeft gestemd.
wie stemt voor open data en open overheid - open state foundation

Naar aanleiding van het overzicht van Open State Foundation maakte Stephan Okhuijsen – ook wel de Datagraver – een alternatief overzicht. Aan jou de keuze om te bepalen welke je het meest overzichtelijk vindt. Zelf aan de slag gaan met de data kan natuurlijk ook!

Stephan Okhuijsen

Wat staat er in verkiezingsprogramma’s?

Met de verkiezingen in aantocht is het natuurlijk ook interessant om te zien wat de verkiezingsprogramma’s van politieke partijen zeggen over Open Overheid en Open Data? Open State Foundation maakte de verkiezingsprogramma’s doorzoekbaar.

Open Data vraag en aanbod beter op elkaar afstemmen,
hoe doe je dat?

´Kennis om Open Data vraag en aanbod beter op elkaar af te stemmen´. Dit was veruit het meest gegeven antwoord op de vraag ´Naar welke kennis ben jij opzoek als het om Open Overheid gaat?´. Deze vraag was onderdeel van een korte enquête die we onlangs hielden, om te inventariseren naar welke informatie veel vraag is. Omdat gemeente Utrecht door andere gemeenten veel genoemd wordt als best practice op dit terrein, gingen we naar Utrecht om ervaringen op te halen bij Donovan Karmat Ali, Open Data coördinator en informatiecommissaris aldaar.

In alle bescheidenheid geeft Donovan aan “Ik weet niet of we als landelijke open data community veel verder zijn dan een jaar geleden.” Om er lachend aan toe te voegen: “Maar dat is het beeld blijkbaar wel”. Wat al snel duidelijk wordt tijdens het gesprek, is dat vraag en aanbod op elkaar aan laten sluiten geen kwestie is van data naar buiten gooien, en kijken wie het opvangt. De aanpak in Utrecht is grondig en kijkt ook naar de cultuur binnen de organisatie, naar de kwaliteit van het data-aanbod en het soort open data dat wordt aangeboden. Het gaat met name om actief de verbinding zoeken met de stad en daar de vraagstukken en behoeften ophalen.

Op ons verzoekt schetst Donovan een aantal stappen die in Utrecht genomen zijn, waarbij hij uitlegt waarom hier voor gekozen is, en welk effect het heeft.

1. Interne pilots datagedreven sturing

Op het gebied van interne pilots op het gebied van datagedreven sturing, dus ook met gesloten data, hebben we echt flinke stappen gezet. We kunnen bijvoorbeeld woninginbraken tot op 70-80% betrouwbaar voorspellen. Dat soort pilots werken als een olievlek binnen de organisatie: “Oh, als die directeur nieuwe inzichten kan verkrijgen voor zijn business, dan kan dat bij mijn directie ook”. Dan zie je dat open data gewoon van pas komt. Zo zie je daar een groep ontstaan van mensen die heel erg voorop lopen, maar ook de achterblijvers die daar vervolgens wel weer in meekomen.

2. Een Open Data coördinator

De gemeenteraad deed de afgelopen jaren verschillende moties ten aanzien van open data. Zo wilden ze een inventarisatie hebben van wat voor data er in huis is, hoe je die classificeert als open of privacygevoelig, dat soort vraagstukken. Daarnaast werd gezegd: “een open data coördinator zou fijn zijn”. Dat ben ik sinds begin 2015. Ik ben nu dus twee jaar onderweg. Ik heb daarin heel veel gezien, ik heb het ook zien groeien, met name het bewustzijn. Twee jaar geleden wist bijna niemand binnen de gemeente wat open data was, inmiddels is een heel groot deel van de collega´s hiervan op de hoogte. Ook van wat het kan betekenen voor hun werk en voor de stad.

3. Interne opleiding

Dat komt deels ook door de training en opleiding die we hier intern bij de gemeente verzorgd hebben. Op heel verschillende niveau´s. Zo zijn er data scientists, die bij de VU worden opgeleid. De collega die dat heeft gedaan liet weten: “dat is echt een pittig traject”. Maar die is nu wel data scientist en hij doet nu wel binnen zijn afdeling echt hele mooie en leuke dingen, zoals de zorgbehoefte in kaart brengen. Dat zijn wel trajecten waarvan je denkt “dat is investeren”, maar daar heb je als gemeente wel profijt van. Daarnaast moet je ook laagdrempelige opleidingen aanbieden. We hebben op een gegeven moment bijvoorbeeld een datatrip voor collega´s gedaan. Dat ging veel meer over de basis: wat is data, wat moet ik ermee, wat betekent het voor mijn werk?

4. Platform als dienst

We zijn op een gegeven moment naar een nieuw platform gegaan. We maakten eerst gebruik van een platform dat minder functionaliteit biedt. We maken nu gebruik van Dataplatform. Wij zijn als een van de eerste gemeenten naar Dataplatform gegaan, omdat het meer functionaliteit biedt, de DCAT-standaard geïmplementeerd heeft, en een koppeling heeft met data.overheid.nl. Het waren allemaal dingen waardoor we dachten: “ja, daar kunnen we zelf achteraan hollen, maar het zou mooi zijn dat een leverancier die er goed in zit dat biedt”. Dat was een wens en daar werd aan voldaan.

5. Aansluiten bij bestaande trajecten

We zijn op een gegeven moment aangesloten bij een aantal pilots, waar ook BZK een rol in heeft gespeeld als opdrachtgever en qua financiering. Openraadsinformatie en Openspending. Daar waren we heel blij mee, dat we daarop aan konden haken als één van de participerende gemeenten. Openraadsinformatie – Openspending trouwens ook hoor – sloeg hier ontzettend aan. Dat vonden mensen een mooi iets. Dat komt ook echt door de gemeenteraad, die daar een motie voor had ingediend. Al hadden we er zelf ook wel eens over nagedacht. En ik kijk nu ook wel of we een dergelijk mechanisme ook voor andere dingen kunnen bedenken. Ik ben er nog niet helemaal uit, maar ik denk: “als het met raadsinformatie kan, een bak data die wordt uitgelezen met  een presentatiefunctionaliteit overheen waarmee je kunt filteren, zoeken en mooie dingen visualiseren, dan moet dat bij meerdere dingen kunnen”. Het mooie aan zulke projecten is ook dat ze schaalbaar zijn: het begint bij vijf gemeenten, het jaar erop vijftig, er zo gaat het verder.

6. Samen met de stad

Dat we het voor de stad doen, staat bij mij voorop. Je moet zorgen dat je de vraag goed kent en actief ophaalt, of verkent. Hier gaat het dus echt over vraag en aanbod. Wij wisten bijvoorbeeld dat er een Open Data community is in Utrecht met innovatielabjes, mensen die bij hackathons bijeenkomen. We wisten ook wel ongeveer wie dat waren. Vervolgens hebben we moeite gedaan om dat uit te breiden. We hebben af en toe eens in een cafeetje met wat mensen gezeten om te horen wat ze precies doen. Er op af gaan dus. En dat helpt wel. We hebben ook gezegd: jongens, we gaan niet de community naar de gemeente halen, maar we gaan als deelnemer daarop inpluggen, anders werkt het niet. Je kan niet als gemeente een community bouwen. Dat is volgens mij niet wat je moet willen, in deze tijd en het lukt je ook niet, denk ik. Maar een club als SETUP bijvoorbeeld, dat is een medialab op het gebied van digitale innovatie, die zijn met veel datagedreven dingen bezig, ze publiceren artikelen, er zijn heel veel interessante dingen waar ze over nadenken. Die hebben soms iets nodig van de gemeente, zoals bepaalde data, of ze zeggen “hé, gemeente, denk eens mee”. Inwoners vinden het in ieder geval fijn dat wij zelf de stap nemen om bij hun wereld aan te sluiten.

7. Regionale samenwerking

Tegelijkertijd zien we ook dat heel lokale Open Data, op stadsniveau, niet altijd even interessant is. Er is veel data waarvan we zouden willen dat die gewoon voor álle gemeenten beschikbaar is, op dezelfde manier. Maar dat is natuurlijk moeilijk te organiseren, als gemeente zijnde. Daarom richten wij ons nu op regionale samenwerking. We hebben bijvoorbeeld een convenant nu. Dat hebben de wethouders van alle regiogemeenten ondertekend, dat we samenwerken op het gebied van Open Data. Met Amersfoort, die er al redelijk goed in zit, Zeist, Stichtste Vecht en nog een aantal. En ik denk zelf dat dat een manier is om de schaal te vergroten, en zo aan relevantie te winnen. Dus een grote gemeente die wat meer middelen en mogelijkheden heeft, die al wat verder is, die de rest een beetje op sleeptouw neemt. Ik vind dat ook wel een verantwoordelijkheid van een grotere gemeente.

5 tips van Donovan

Tot slot samenvattend een vijftal tips van Donovan:

1. Doe het samen met de stad.
2. Zet die eerste stap.
3. Pak om te beginnen een paar echt gerichte vraagstukken.
4. Sluit aan bij wat al bestaat.
5. Als je echt even niet weet hoe, bel het Leer- en Expertisepunt Open Overheid, VNG of gemeente Utrecht, maar ga het in ieder geval niet in je eentje uit lopen vogelen, want dan kom je in een traject waarbij je misschien daarna ook niet meer wil.

Verder lezen over wat Donovan doet als Open Data coördinator en informatiecommissaris bij gemeente Utrecht? Lees het interview met Donovan.

Terugblik Gemeentelijk Leernetwerk Open Data

In 2016 vond het Gemeentelijk Leernetwerk Open Data plaats, een samenwerking van Kennisland en het Leer- en Expertisepunt Open Overheid. Benieuwd hoe dat was? Kennisland maakte een video waarin de deelnemers vertellen waarom ze meededen en wat hun grootste eye-openers waren.

Publicatie Kennisland

Meer weten over Open Data? Bekijk dan ook de publicatie ‘Open Data: van technologie naar maatschappelijke vernieuwing‘ die Kennisland naar aanleiding van het Gemeentelijk Leernetwerk Open Data schreef.

Vervolg leernetwerk

In 2017 wordt het Leernetwerk vervolgd met een programma over Open Overheid in de praktijk. Nieuwsgierig? Neem contact op met Tessa de Geus voor meer informatie.

 

ROUTE-TO-PA: Open Data en maatschappelijke vraagstukken

Vijf lessen op basis van de ervaringen van de provincie Groningen

Door: Erna Ruijer (Postdoctoraal onderzoeker Universiteit Utrecht) & Peter Millenaar (Informatiemanager/IT-jurist provincie Groningen)

Wereldwijd publiceren steeds meer overheden hun data op open dataportals. Op die portals zijn tientallen, honderden of soms zelfs duizenden datasets te vinden. Zo staan er op de Amerikaanse overheidssite data.gov een duizelingwekkend aantal van meer dan 190.000 datasets. Maar ook data.overheid.nl telt er inmiddels meer dan 9800. De verwachting is dat het openbaar maken van overheidsdata kan bijdragen aan ondernemerschap en innovatie, maar ook aan democratische waarden zoals transparantie en participatie.

Het zoveel mogelijk beschikbaar stellen van informatie en datasets binnen de wettelijke kaders aan de samenleving valt onder de noemer nominale transparantie. Van effectieve transparantie is sprake als burgers, journalisten en/of bedrijven echt iets doen met de beschikbare data. Zoals data transformeren in kennis, ideeën en acties. De provincie Groningen heeft met het Europese innovatie project ROUTE-TO-PA  – onderdeel van het Actieplan Open Overheid – de afgelopen anderhalf jaar ervaring opgedaan met het proces van nominale naar meer effectieve transparantie. Dat wil zeggen: het proces van aanbodgerichte (nominale) naar vraaggerichte (effectieve) transparantie.

Het stimuleren van hergebruik van Open Data staat centraal bij het project ROUTE-TO-PA, wat staat voor Raising Open and User-friendly Transparency Enabling Technology for Public Administration (zie www.routetopa.eu). Bij de start van het project had de provincie Groningen samen met de gemeente Groningen 70 datasets op de gezamenlijke portal staan. De datasets die er op stonden werden echter nauwelijks gebruikt. Ook kreeg de provincie nauwelijks feedback op haar datasets.

ROUTE-TO-PA is niet gericht op commercieel hergebruik van open data, maar analyseert hoe open data kan bijdragen aan maatschappelijke vraagstukken. De provincie Groningen is in samenwerking met burgers, onderzoekers en studenten aan de slag gegaan met vraagstukken rondom het beleidsthema leefbaarheid. Op basis van deze eerste ervaringen kunnen vijf lessen worden getrokken.

1. Werk samen met burgerinitiatieven

Door samen te werken en te communiceren met vertegenwoordigers van burgerinitiatieven werd voor de provincie duidelijk aan welke datasets behoefte is. Aan het begin van het project heeft de provincie twee burgerinitiatieven die al actief waren op het gebied van leefbaarheid benaderd. Met deze initiatiefnemers is besproken aan welke vraagstukken zij werken en welke specifieke informatie of data zij nodig hebben.

2. Betrek verschillende vormen van expertise

In het overleg met de stakeholders kwam naar voren dat voor effectieve transparantie mensen met verschillende rollen nodig zijn. De stakeholders die de vraag hadden geformuleerd vroegen bijvoorbeeld hun collega’s met datavaardigheden om de open data te duiden. Ook binnen de provincie waren mensen met verschillende kennis en expertise nodig: zowel beleidsmedewerkers als dataspecialisten. Tenslotte werden er ook innovatieve oplossers bij het project betrokken: studenten van de Universiteit Utrecht die in samenwerking met de provincie en de stakeholders op basis van open data ideeën en inzichten genereerden voor de vraagstukken.

3. Ga op zoek naar relevante data

Het afstemmen van de behoeften aan data van de burgerinitiatieven en de beschikbare overheidsdata bleek een uitdaging. De data die de provincie op het moment van het project op de portal had staan bevatte wel demografische informatie en andere datasets gerelateerd aan leefbaarheid, maar meer informatie en andere datasets bleken in het gesprek met de stakeholders nodig te zijn. Bovendien bleken relevante datasets verspreid te zijn over diverse organisaties. De Provincie beschikt niet over haar eigen onderzoeksbureau waardoor het afspreken van het eigenaarschap van data in contracten met derden van essentieel belang bleek. Daarnaast bleek de beschikbare data soms te generiek te zijn voor het specifieke vraagstuk of niet analyseerbaar door een gebrek aan metadata.

4. Zorg voor steun binnen de organisatie

Steun binnen de organisatie – zowel op ambtelijk als politiek niveau – is een belangrijke voorwaarde voor het slagen van het project. Vanaf het begin van het project zijn daarom zowel informatiekundigen als de beleidsafdeling ‘Ruimte en Samenleving’ (waar de opgave leefbaarheid onder valt) betrokken. Zij zijn samen in gesprek gegaan met de burgerinitiatieven. In eerste instantie werd het project vooral gedragen door enkele enthousiastelingen, maar door open data te koppelen aan maatschappelijke vraagstukken, groeit ook het bewustzijn van de mogelijkheden van open data binnen de organisatie.

5. Zie het als leerproces

Het werken met open data rondom maatschappelijke vraagstukken van burgers, kan beschouwd worden als een gezamenlijk leerproces. Het is een nieuwe en innovatieve manier van werken waarbij gedurende het proces ervaringen worden opgedaan die leiden tot nieuwe inzichten. Dit vraagt om een open houding van de betrokkenen, een bereidheid om de positie van de ander te exploreren en  een bereidheid om samen te werken.

Kortom, in het proces van nominale naar meer effectieve transparantie gaat het niet alleen om het zoveel mogelijk beschikbaar stellen van datasets. Het gaat vooral om de samenwerking en communicatie met gebruikers, om inzicht te krijgen in welke data relevant is voor maatschappelijke vraagstukken. Gebruikers kunnen data transformeren in kennis én kunnen impact genereren voor maatschappelijke vraagstukken. Onmisbaar hierbij zijn ook het betrekken van deelnemers met verschillende expertises en de steun binnen en buiten de organisatie!

 

Bronnen:

Grimmelikhuijsen, S. G. and Feeney, M. K. (2016), Developing and Testing an Integrative Framework for Open Government Adoption in Local Governments. Public Administration Review. doi:10.1111/puar.1268

Heald, D. (2006). Varieties of Transparency. In C. Hood, & D. Heald, Transparency the Key to Better Governance. Oxford: University Press.

Meijer, A. (2013), Understanding the Complex Dynamics of Transparency. Public Administration Review, 73: 429–439. doi:10.1111/puar.12032