Expertisepunt Open Overheid

Vijf vragen over data.overheid.nl

Zorgen dat zoveel mogelijk overheidsorganisaties – ministeries, provincies, gemeenten en ZBO’s – aansluiten op het Open Data register data.overheid.nl. Dat is wat Inger Waling en haar collega’s van het Open Data team bij KOOP (Kennis- en exploitatiecentrum Officiële Overheidspublicaties) doen. Ze bemiddelen tussen hergebruikers en aanbieders: “Denk in beide gevallen aan ons, als je data hebt of juist op zoek bent.”

Inger Waling (externe trainee informatiemanagement via DisGover) is datamanager voor data.overheid.nl bij KOOP. “Aanvankelijk was het voor zes maanden, maar het bevalt zo goed, daarom ben ik nog steeds bezig met Open Data.” De redactie van Rijksportaal stelde haar vijf vragen over data.overheid.nl:

Wie willen Open Data van de overheid hergebruiken?
Neem een scheepsbouwbedrijf. Dat wil voor de bouw van nieuwe schepen die in de Rotterdamse haven zullen varen, weten hoe het staat met de getijden, de diepte van de vaargeulen en dergelijke. Dit soort gegevens is er gewoon én ze zijn vaak verzameld met publiek geld. Zolang het geen vertrouwelijke gegevens zijn, kan die data vaak pro-actief beschikbaar worden gesteld voor hergebruik door derden. Dit is maar een voorbeeld, je kunt het zo gek niet bedenken of er is wel data over die nuttig hergebruikt kan worden.’

Een andere belangrijke reden achter de publicatie van Open Data is Wob-verzoeken voorkomen zeg je. Leg eens uit?
Door organisaties te helpen hun gegevens openbaar te maken, besparen we indirect veel werk en tijd en dus kosten. Bij een Wob-verzoek aan een organisatie gaat de juridische regelgeving in werking en moeten ambtenaren zich goed houden aan de gestelde termijnen. Door data die openbaar mag ook als Open Data te publiceren, kan een groot deel van de Wob-verzoeken worden afgevangen.

Met hoeveel mensen werken jullie aan het beschikbaar maken van deze Open Data?
Mijn collega Jelle en ik zijn een soort vertaler, bemiddelaar en makelaar tussen hergebruikers en aanbieders van open data. Er is een team van zo’n zeven technici, vooral ontwikkelaars, die bezig zijn met bijvoorbeeld de doorontwikkeling van data.overheid.nl, en het beheer en ontwikkelen van standaarden om de data beschikbaar en vindbaar te maken. Bij KOOP werken in totaal zo’n 100 tot 120 mensen, maar die werken aan tal van overheidspublicaties, zoals de Staatscourant, wetten.nl en eigenlijk alles wat op www.overheid.nl te vinden is.

Wat wil je dat wij vooral onthouden van jouw werk?
Ik denk dat het waardevol is om als rijksoverheid te weten welke data er beschikbaar is en die data waar mogelijk ook te gebruiken bij het opstellen of uitvoeren van beleid. Veel open overheidsdata staat al op data.overheid.nl, maar heel veel ook nog niet. Daarvoor wil ik heel graag meer bekendheid genereren. Dus: denk in beide gevallen aan ons, als je data hebt of juist wanneer je ernaar op zoek bent.

Tot slot, waar kunnen we het Open Data register bekijken?
Daarvoor ga je naar data.overheid.nl.

Meer weten?
Kom dan naar de gebruikersbijeenkomst van data.overheid.nl op vrijdag 29 september.

Dit interview werd op 13 augustus 2017 op het Rijksportaal (intranet Rijksoverheid) gepubliceerd door Marjolein Mars.

Aanleiding voor dit korte interview zijn de rijksbrede open data-inventarisatie en de Kamerbrief over het Open Data beleid. De inventarisatie geeft een overzicht van de Open Datasets die de departementen in huis hebben, welke datasets er nieuw zijn bijgekomen en welke datasets we het komende jaar kunnen verwachten.

Lees mee en reageer: evaluaties actieplan Open Overheid

Het Nederlandse actieplan Open Overheid 2016 – juni 2018 is halverwege de looptijd. Het actieplan is onderdeel van het Nederlandse lidmaatschap bij het internationale Open Government Partnership (OGP). Het is gebruikelijk dat landen halverwege de looptijd van hun actieplan verslag uitbrengen over de uitvoering van hun actieplan. Daarnaast maakt een onafhankelijke reviewer voor het OGP ook een beoordeling van de voortgang.

Heeft u belangstelling voor het onderwerp open overheid en voor het Nederlandse actieplan? Laat dan van u horen! U kunt op twee manieren reageren:

1. In de ‘zelfevaluatie’ rapportage van de Nederlandse overheid staat de stand van zaken van alle negen actiepunten uit het plan. Ook blikt het rapport terug op hoe het actieplan destijds is opgesteld. U kunt uw reacties op deze rapportage sturen naar actieplan@open-overheid.nl. Als u dat uiterlijk 1 september 2017 doet, dan kunnen deze gebruikt worden voor de definitieve versie van het rapport. Bekijk ook de bijlage van de rapportage voor meer informatie.

2. Daarnaast is er een enquête over het actieplan 2016-2018 van de onafhankelijke reviewer van het OGP. Hierop kunt u reageren via: https://nl.surveymonkey.com/r/openoverheid.

Meer weten over het actieplan Open Overheid?
Op de actieplan pagina leest u alles over het actieplan Open Overheid 2016 – juni 2018.

Het korte lijntje van dienstverlening naar democratie

Steven Gort, in de rol van @datafluisteraar werkzaam bij ICTU, is een man met een missie. Hij gelooft er heilig in dat je door het radicaal innoveren van dienstverlening het vertrouwen in de overheid kunt herstellen. En daardoor zelfs, of juist, de broodnodige democratische vernieuwing kunt realiseren. In dit interview legt hij uit hoe hij dit gedachtegoed tot realiteit wil maken door het uitvoeren van kleinschalige experimenten met publieke en private partners. Onder het motto: klein doen, groots effect!

Toegegeven, van digitale dienstverlening naar democratische vernieuwing lijkt een grote stap. Maar niet als je het verhaal van Steven volgt:

Het gaat in dienstverlening en democratie om het erkennen van behoeftes
“We zijn volledig de grip kwijt op hoe we het overheidsapparaat hebben ingericht. De overheid vernieuwt niet snel genoeg, sluit niet snel genoeg aan op veranderingen in de maatschappij. Daardoor zijn we het contact met de samenleving volledig kwijtgeraakt. Veel mensen en partijen voelen zich niet begrepen. En als resultaat wordt de vertrouwensbreuk nog groter en ontstaat er een soort schaduw-maatschappij. Van de politiek hoeven we de oplossing niet te verwachten. Het is juist de overheid zelf die de lead moet pakken in het digitale domein. Bestuurders die snappen hoe digitale dienstverlening echt kan werken, kunnen uiteindelijk ook werken aan vernieuwing van de democratie. Dat is ook mijn eigen drive. Het draait er om of ik door de dienstverlening op een kleine postzegel op orde te krijgen, jou kan erkennen in je behoefte. Van daar uit kunnen we de grotere maatschappelijke en ethische vraagstukken oppakken. En echt, ik struikel elke dag over de problemen. Maar ook over de oplossingen!”

Door experimenten de leefwereld weer leidend laten zijn
Wat zijn dan de oplossingen die Steven voor zich ziet? “Volgens mij is de weg dat we vanuit de echte leefwereld kleinschalige experimenten in de praktijk gaan doen, die een enorme olievlekwerking kunnen krijgen. En van waaruit we al doende kunnen leren, permanent beta. Dat is de enige manier om de leefwereld en de systeemwereld weer met elkaar in verbinding te krijgen. We moeten helder voor ogen hebben voor wie de dienstverlening bedoeld is en wat de behoefte is van de ander. Consensus bereiken over het resultaat dat beiden willen bereiken. En vooral stoppen met automatiseren vanuit het eiland van de organisatie.”

Eén werkelijkheid, twee waarnemingen
Steven illustreert dat met een voorbeeld van mensen met een uitkering die voor zichzelf willen beginnen: “Het UWV staat opstarten naast je uitkering toe, maar je moet wel beschikbaar blijven voor de arbeidsmarkt. Om die reden zou de opgave van de uren eerder lager dan hoger uitvallen. Dat kan ook want een deel van de uren is indirect en staat niet geheel in de weg aan beschikbaarheid. Denk aan het posten van zakelijke brieven, dat kan ook onderweg bij het boodschappen doen. Kijken we naar de Belastingdienst, dan kun je in aanmerking komen voor startersaftrek vanaf een minimum aantal bestede uren. Om die reden zou de opgave van de uren juist eerder hoger dan lager uitvallen. Dat kan ook want een deel van de uren is indirect maar effectief genoeg om tot de ondernemingsactiviteiten geteld te worden. Denk weer aan het posten van zakelijke brieven, onderweg naar de supermarkt. De werkelijkheid wordt dus twee keer waargenomen. Iedere waarneming kent zijn eigen subjectiviteit en de besluitvorming daarmee ook. De uitdaging is dus niet alleen gegevens uit te vragen, maar dit telkens te blijven relateren aan het ‘waarom’. En dat kan ingrijpende gevolgen hebben voor hoe we de overheid nu hebben georganiseerd. En dat zou ik nu juist zo graag zien gebeuren.”

De bedrijfsvoering moet door
Het mooiste is als oplossingen die bedacht worden de bestaande bedrijfsvoering zo min mogelijk geweld aandoen. En dat kan! Steven vertelt over het idee dat tijdens de Dutch Blockchain Hackathon is ontwikkeld door team ‘216 Quorra’ om btw-carrouselfraude te voorkomen: “Bij dit type fraude draagt een ondernemer geen btw af terwijl hij die bijvoorbeeld wel in rekening brengt. Het komt vaak voor dat goederen voortdurend worden doorgeleverd binnen een groep van ondernemingen. Waarbij voor elke levering wel btw wordt teruggevraagd maar niet afgedragen. Met het doorverkopen van de goederen via dezelfde ondernemingen is de carrousel compleet. Dat kun je oplossen door goederen en btw te scheiden. Door simpelweg het geld uit het systeem te halen. Daarmee verander je niets aan de bedrijfsvoering van ondernemers. Maar je voorkomt dat deze vorm van fraude überhaupt kan voorkomen. Het ministerie van Financiën kijkt nu naar deze suggestie.”

Experimenten onder de vlag van ‘Maak Waar!’
Recent verscheen het rapport ‘Maak Waar!’ van de Studiegroep Informatiesamenleving en Overheid over het (verbeteren van) het functioneren van de digitale overheid. In het rapport wordt onder andere gepleit voor ruimte voor publiek-private samenwerking en ruim baan voor deskundigen en voortrekkers. Dat is precies de ruimte die Steven zoekt. Met een aantal collega’s heeft hij daarom voor het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) een hele lijst met mogelijke experimenten en pilots uitgewerkt die prima passen binnen een uitvoeringsprogramma voor ‘Maak Waar!’. Variërend van initiatieven op lokaal niveau, zoals een huishoudboekje gebaseerd op Blockchain voor inwoners van de gemeente Utrecht, tot landelijke initiatieven, zoals een Persoonlijk Data Management Concept voor de Kamer van Koophandel.

Een code-bibliotheek die overstroomt van herbruikbare code
De experimenten moeten volgens Steven radicaal transparant en compromisloos open source zijn. De logica daarvan is voor hem volstrekt helder: “Je betaalt maar één keer de ontwikkelkosten en stelt wat je ontwikkeld hebt kosteloos ter beschikking. Op die manier bouw je aan een code-bibliotheek die overstroomt van de herbruikbare code! Je vindt deze onder Github op discipl.org: een verzamelplek voor iedereen – die van niemand is. Zoals het volgens mij hoort.”

Data op orde en oog voor menselijk contact
Daarmee zijn we bij het bruggetje van het vernieuwen van digitale dienstverlening naar de maatschappelijke en ethische vraagstukken aanbeland. “Het is ontzettend belangrijk dat data eenmalig worden gecreëerd, bij de bron blijven en iedereen zelf de beschikking heeft over zijn of haar eigen data. Dat is de enige manier om uit het enorme data-infarct te komen waar we nu in zitten. En zorgdragen voor fatsoenlijke digitale grondrechten. Niet voor niets pleitte het Rathenau-instituut onlangs voor een nieuw Europees verdrag met twee nieuwe mensenrechten. Dat gaat over het recht om niet gemeten, geanalyseerd of beïnvloed te worden. En over het recht op betekenisvol menselijk contact. En daarmee is het kringetje voor mij weer rond, want nogmaals: goede dienstverlening gaat voor mij om het erkennen van de behoefte van de ander en het bouwen aan echt vertrouwen. Want dat hebben we keihard nodig in deze maatschappij.”

Een meer passende besturing in de digitale wereld
Om deze ambities waar te maken zal er ook anders gekeken moeten worden naar bestuurlijke verantwoordelijkheid. “Ik denk dat het advies van de Raad voor het Openbaar Bestuur over de bestuurlijke verantwoordelijkheid voor systemen  haarscherp aangeeft waar het aan schort en dus ook waarvoor bestuurders nu aan de lat moeten gaan staan”, zegt Steven. “De Raad geeft aan dat je van systeemverantwoordelijkheid naar systeembesturing moet gaan. Dus van een hiërarchisch systeem met één eindverantwoordelijke naar gedeelde verantwoordelijkheid van alle betrokkenen die deel uitmaken van het systeem. Waarbij elke partij, of het nu een publieke of private is, ter verantwoording kan worden geroepen voor hun bijdrage aan het geheel. En dus veel meer met elkaar in gesprek moeten zijn over hun taak en rol in het geheel, dwars door alle niveaus heen. Ik hoop dat we met de kleine initiatieven waar we nu mee starten kunnen uitproberen hoe dat kan werken op grotere schaal.”

Wil je meer weten over dit onderwerp? Lees dan het whitepaper van Discipl: Technology for a future society.

Deze gastblog van Steven Gort werd opgetekend door Renata Verloop.

 

Actieplan Open Overheid update 10

Elke acht weken publiceren we een blog waarin je de laatste stand van zaken voor alle actiepunten vindt. De actiehouders die verantwoordelijk zijn voor de actiepunten leveren deze informatie aan. Vandaag is het tijd voor Actieplan Open Overheid update 10.

Actiepunt 1: Nationale open data agenda

Actiehouder: ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. In samenwerking met: alle ministeries.

Om het hergebruik van overheidsdata te bevorderen is het nodig dat het aanbod aansluit op de wensen van hergebruikers. In opdracht van het ministerie van Infrastructuur & Milieu (I&M), Economische Zaken (EZ) en Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK), voeren het Kadaster en het CBS een pilot uit die gericht is op het bevorderen van hergebruik van open data bij maatschappelijke vragen in  krimpregio’s. Centraal hierbij staan de vindbaarheid en bruikbaarheid van datasets, beschikbare en benodigde services en taakverdeling tussen publieke en private partijen. De eerste stap is gericht op het in kaart brengen van de behoeften, zodat in de daaropvolgende stap diensten ontwikkeld kunnen worden. De resultaten van de pilot worden begin 2018 opgeleverd.

Actiepunt 2: Stuiveling Open Data Award

Actiehouder: ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. In samenwerking met: het Leer- en Expertisepunt Open Overheid.

“Het wordt vaak gezegd: data is het nieuwe goud. En vanaf vandaag heeft u een gouden kans, als u iets met open data doet”. Met deze woorden opende Prins Constantijn van Oranje de nieuwe editie van de Stuiveling Open Data Award (SODA). Als ’Special Envoy’ bij Startup Delta riep hij in een videoboodschap tijdens de Accountability Hack op 9 juni jl. mensen op hun toepassingen met open data in te zenden. Deelname staat open voor iedereen die een toepassing heeft gemaakt waarbij open data van publieke organisaties gebruikt wordt, zoals een website, app of visualisatie. De winnaar ontvangt een geldbedrag van €20.000 voor de verdere investering in en doorontwikkeling van de toepassing. Meedoen kan tot en met 15 september via het deelnameformulier op SODA2017.nl. De uitreiking kun je alvast in je agenda zetten: die vindt plaats op 16 november tijdens het Jaarcongres ECP in de Fokkerterminal in Den Haag.

Actiepunt 3: ROUTE-TO-PA: Hergebruik van open data in de provincie Groningen

Actiehouder: Universiteit Utrecht, departement Bestuurs- en Organisatiewetenschap. In samenwerking met: provincie Groningen, de gemeente Den Haag, het ministerie van BZK, Open Knowledge Foundation (Verenigd Koninkrijk) en diverse Europese universiteiten.

Route-to-PA is gestart met de ontwikkeling van GUIDE. Dit project levert naast online tools ook een handleiding op met tips and tricks voor overheden op om het hergebruik van open data te stimuleren. Eén van de onderdelen die aan bod komt in GUIDE, is het ontwikkelen van scenario’s. Een scenario bestaat uit een concreet maatschappelijk vraagstuk waar open data een bijdrage aan kan leveren.

Meerdere landen hebben het afgelopen jaar aan verschillende scenario’s gewerkt. In de provincie Groningen was dat aan gezondheidszorg en de circulaire economie. De gemeente Prato (Italië), een andere partner in het project, vroeg aan burgers waar in de stad behoefte is aan wifi hotspots. En Issy (Parijs) richt zich op het stimuleren van economische ontwikkeling.

In welke scenario’s is het gelukt om het hergebruik te stimuleren? Wat werkte goed, wat minder en waarom? Deze leerervaringen worden meegenomen in GUIDE.

Actiepunt 4: Actieve openbaarheid van informatie

Actiehouder: ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. In samenwerking met: alle ministeries en uitvoeringsorganisaties.

De voorbereiding van de evaluatie van actiepunt 4: openbaarmaking onderzoeksrapporten is gestart. In het najaar zal een extern bureau de stand van zaken en de resultaten in kaart brengen én het proces van de rijksbrede uitrol van de werkafspraken onderzoeken. De onderzoeksvragen zijn dan onder andere: in hoeverre zijn de dienstonderdelen van de rijksoverheid operationeel in het uitvoeren van de werkafspraken en per wanneer? Welke belemmeringen zijn er en hoe kunnen we die wegnemen? Hoe waarderen betrokken de aanpak waarbij maatwerk per departement mogelijk is?

De evaluatie begint in september met een gezamenlijke bijeenkomst van alle betrokken contactpersonen en projectleiders.

Actiepunt 5: Open over geld: Openspending detaildata

Actiehouder: Open State Foundation (OSF). In samenwerking met: Provincies, Waterschappen, Gemeenten, Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK), Interprovinciaal Overleg (IPO), Unie van Waterschappen (UVW) en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG).

Om de kwaliteit van Open Spending Detaildata te verbeteren, zijn we in gesprek gegaan met verschillende overheden om samen te werken aan de verbeteringen. Van belang is daarbij dat er wederzijdse duidelijke afspraken worden gemaakt. Ondertussen hebben we OpenSpending.nl technisch verder verbeterd. De nieuwe Iv3-data voor de eerste kwartalen van 2017 zijn nu beschikbaar. Daarnaast werken we aan het toevoegen van de waterschappen en het automatisch updaten van de Iv3-data. Actuele Iv3-data is belangrijk voor Detaildata, omdat ze met elkaar samenhangen.

Verder is in de testomgeving van Open Spending nu de eerste financiële data op basis van de programma-hiërarchie succesvol toegevoegd. Binnenkort komen deze beschikbaar in de live-omgeving van OpenSpending.nl. De programma-indeling is de indeling die ook gebruikt wordt in de begrotingsboeken en jaarverslagen van de gemeenten. Deze indeling is zo inzichtelijker voor raadsleden, ambtenaren en journalisten die gebruik maken van deze P&C documenten.

Actiepunt 6: Open over besluitvorming bij gemeenten: open raadsinformatie

Actiehouder: Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG). In samenwerking met: de Open State Foundation, diverse gemeenten en het ministerie van BZK.

Met Open Raadsinformatie zetten we goede stappen in de richting van een standaard! Inmiddels is een concept-informatiemodel afgerond en dat door de leveranciers positief werd ontvangen. Zij kunnen de komende tijd nog inhoudelijk reageren op het informatiemodel. Dit leidt tot een standaard waarmee raadsinformatie als open data op een betrouwbare wijze vergelijkbaar wordt gemaakt tussen gemeenten en leveranciers. Hiermee worden zowel gemeenten, leveranciers en hergebruikers geholpen met het hergebruiken van raadsinformatie. Op dit moment is de informatie namelijk nog verschillend per gemeente en leverancier, waardoor hergebruikers maatwerk moeten uitvoeren om apps goed te laten functioneren.

Aanvullend zijn we momenteel bij KING bezig met het bevorderen van het hergebruik en het aanhaken van meerdere gemeenten in aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen van maart 2018. Al deze zaken zullen in goed overleg met leveranciers, hergebruikers en belangrijke stakeholders, zoals griffiers, plaatsvinden.

Actiepunt 7: De ambtenaar als vakman in de energieke samenleving

Actiehouder: ministerie van Infrastructuur en Milieu. In samenwerking met: de energieke samenleving en het ministerie van BZK.

De eerste zes tranches van het werkatelier ‘Kunst van het Verbinden’ zijn afgerond. Naar aanleiding van de reacties en de ervaringen van deelnemers, worden regelmatig aanpassingen gedaan waardoor de inhoud (nog) beter aansluit bij de inhoud van het werk en de beleving van de medewerkers. Zo is er bijvoorbeeld een plenaire start ingericht, waarin het kader wordt geschetst en het gedachtegoed van de NSOB-rollen worden ingeleid en uitgelegd.

Ook wordt elk werkatelier voorbereid met een bijeenkomst met de leidinggevenden van de deelnemers van de betreffende tranche. Het gesprek over de verschillende overheidsrollen en wat specifiek de netwerkende en participatieve overheidsrol in je werk betekent, komt steeds meer op gang.

Om te zorgen dat het gesprek niet hierbij blijft, is de aanpak ‘Versterking Vakmanschap’ begin 2017 gestart. Binnen deze meerjarige aanpak worden meerdere activiteiten georganiseerd, gericht op het toepassen van de verschillende rollen en de netwerkende ambtenaar in het dagelijks werk. Voorbeelden hiervan zijn: organiseren van reflectie op het werk, opstellen van Body of Knowledge en Netwerk van Versnellers.  Tevens zal 10-15 beleidsdossiers gevolgd worden hoe het is als netwerkende ambtenaar om het werk uit te voeren. In deze dossiers wordt een leerproces ingericht dat moet leiden tot tastbare lessen.

Het ministerie van Infrastructuur en Milieu is niet het enige ministerie dat werkt aan vakmanschap. Via de werkgroepen Ambtelijk Vakmanschap en Interactief Beleid worden ervaringen uitgewisseld met andere ministeries.

Actiepunt 8: Informele aanpak Wob-verzoeken

Actiehouder: ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. In samenwerking met: diverse gemeenten en het Leer- en Expertisepunt Open Overheid.

Tijdens het landelijke PCMO-congres op 28 september aanstaande, vindt de volgende masterclass Informele Aanpak WOB-verzoeken plaats. Tijdens die masterclass wordt een nieuwe handreiking voor de toepassing van de informele aanpak bij Wob-verzoeken uitgereikt, die vanaf 28 september ook via de website kan worden gedownload. Meer informatie hierover is deze zomer te vinden op de website www.pcmo.nl.

Actiepunt 9. Ondersteuning van overheden: het Leer- en Expertisepunt Open Overheid (LEOO)

Actiehouder: ministerie van Binnenlandse zaken en Koninkrijksrelaties. In samenwerking met: ICTU, maatschappelijk betrokken partijen, diverse gemeenten, provincies en ministeries.

Een aantal highlights van het Leer- en Expertisepunt (LEOO) sinds 16 mei 2017:

  1. Tijdens de Innovation Fair van het UN Public Service Forum in het World Forum op 23 juni jl. in Den Haag waren met het voltallige LEOO aanwezig om in onze stand ‘Open Government for Innovation’ aan de hand van voorbeelden te laten zien dat Open Overheid en innovatie hand in hand gaan.
  2. Op onze website open-overheid.nl plaatsten we diverse content, waaronder meerdere gastblogs en een interview met Constantijn van Oranje over Open Data.
  3. Ook gaven we verschillende workshops, onder meer tijdens de netwerkdag ‘Rijk aan Informatie’.
  4. Inmiddels is bekend dat het jaarevent Open Overheid plaatsvindt tijdens de Dag van de Lokale Democratie op 17 november aanstaande. Het uitgebreide programma volgt nog, er zal in elk geval aandacht zijn voor Openspending en Open Raadsinformatie. Save the date!

 

 

Open Overheid en Aardgasvrije wijken
Wageningen blogt over ervaringen

Aardgastransitie in de Benedenbuurt in Wageningen

De riolering in de Benedenbuurt moet vervangen worden. Toen een bewoner dat hoorde benaderde hij de gemeente om te onderzoeken of er in zijn buurt dan maar meteen een warmtenet aangelegd kon worden aangesloten op een Ecovat; twee vliegen in een klap! De gemeente had wel oren naar een onderzoek en zeker naar samenwerking met bewoners. Wageningen had namelijk net een wijk geselecteerd om te starten met de grote aardgas-transitie opgave, daar kon er nog best één bij. De gemeente haalde de woningstichting (die de helft van de woningen in de buurt bezit) aan tafel en van het een kwam het ander.

Wijk Transitie Aanjager
Na toepassing van het Ecovat – zie het als een groot opslagvat voor warm water – werd een quick scan gedaan. Die leverde nog niet voldoende informatie op. Ook wilden we wel eens zien of er niet nog meer technieken haalbaar waren in deze wijk. Dat leidde tot het opzetten van een brede haalbaarheidsstudie geleid door TAUW.

Ondertussen kreeg de bewuste bewoner, Wanka Lelieveld,  vanuit de gemeente opdracht op te treden als ‘Wijk Transitie Aanjager’. Het aantal uren dat hij er vrijwillig in stak werd erg veel en de kwaliteit van zijn werk was goed. Een sprong in het diepe voor ons als gemeente maar wellicht een goed recept voor de wijken die gaan volgen. Langzaam probeert Wanka het aantal betrokken bewoners te vergroten. De afspraak was dat eerst ‘zwaan kleef aan’ te doen en in het najaar 2017 gezamenlijk, dus vanuit gemeente, woningstichting én actieve bewoners) een huis aan huis brief aan de hele wijk te gaan sturen.

Energietransitie-spel
Via de zwaan-kleef-aan-methode kwamen er twee weken geleden al 40 bewoners in een nabijgelegen buurthuis opdraven voor een toelichting op het proces. Het kinderkookcafé zorgde voor soep. Daarna werd een energietransitie-spel gespeeld dat de Rijksuniversiteit van Groningen, die burgerparticipatie in dit proces wil volgen, had aangedragen.

Soep koken voor bewonersbijeenkomst Benedenbuurt.

We probeerden gezamenlijk eerst een dorp en daarna een stad energieneutraal te maken. Je zag bij de bewoners het besef indalen wat een immense opgave de energietransitie is. Wat fijn dat wij dat ‘alleen’ voor onze wijk hoeven te doen. Heel grappig om dat als beleidsmedewerker klimaat een bewoner te horen zeggen.

Eén van de bewoners, een oudere heer, vond na afloop dat het spel wel overdreven veel aandacht had voor bezwaren vanuit burgers voor diverse vormen van energieopwekking: “In de praktijk valt dat toch wel mee?” De ambtenaar hield wijselijk haar mond. Het was een andere buurtbewoner die zei: “Nou, dat weet ik niet… In Wageningen staan niet voor niks nog geen windmolens”. “Nee, god zij dank niet!” riep de man. Na een korte stilte volgde een daverende lach in de zaal.

 

 

Open Contact en Open Data
Open Contact en Open Data zijn twee belangrijke voorwaarden om dit een proces een goed gevolg te geven. Dat bleek ook bij de tweede bijeenkomst gisteravond. Met hun Smart Energie Planner (SEP) zou TAUW ons gaan helpen het aantal scenario’s terug te brengen naar ongeveer drie. De 15 bewoners luisterden zeer geboeid naar de uitleg van de scenario’s. Er werden veel vragen gesteld. Geen enkele vraag was dom. Domme vragen bestaan namelijk niet: “Waar komt de data vandaan? Klopt dat gemiddelde verbruik wel? Moet ik bij de volgende bijeenkomst niet mijn eigen rekening meenemen? Leg ‘COP’ nog eens uit, ik snap het nog niet helemaal.”

Next step?
Er is nog geen enkel scenario afgevallen. Daar was geen tijd meer voor. De volgende stap is dat een aantal bewoners met behulp van een tool van Alliander hun eigen woning gaat ‘finetunen’. Want het is duidelijk dat ook daar flink geïnvesteerd moet gaan worden.

Maar er zijn ook zorgen in dit proces. Hoe krijgen we de rest van de woningbezitters en huurders aangehaakt? Hoe open je het proces ook aanpakt het onderwerp is heel erg technisch en complex, er moet fors geïnvesteerd worden, ook in het eigen huis. Voelen mensen voldoende urgentie om nu mee te doen?

Voor een succesvolle transitie is een open lokale overheid die haar eigen data deelt en echt samenwerkt van groot belang. Een krachtige rijksoverheid die ons hiervoor financiële middelen aanreikt en landelijk uitdraagt dat het aardgas tijdperk definitief ten einde is, is cruciaal!

Gastblog door Sanne Meelker en Niki Jansen (beleidsmedewerkers klimaat en duurzaamheid) van de gemeente Wageningen, één van de deelnemers van Open Overheid in de Praktijk – Aardgasvrije wijken. Lees ook de gastblogs van andere deelnemende gemeenten.

 

Open Overheid en Aardgasvrije wijken
Purmerend (1) blogt over ervaringen

En bedankt!

Ook Purmerend tekende de Green Deal aardgasloos. We lopen immers al voorop. Al 75% van onze inwoners heeft een aansluiting op ons warmtenet Stadsverwarming Purmerend. Zij weten niet beter dan dat hun verwarming en koken aardgasloos is. Dus teken je zo’n Green Deal. Hoe moeilijk kan het zijn om die laatste 25% van het aardgas af te krijgen?

De laatste 25%
Laten we eerst even kijken hoe we die eerste 75% ook alweer op het warmtenet kregen. Het was de tijd van grote nieuwbouwprojecten, van Vinex en Almere. Van Hoofddorp en Leidsche Rijn. Achter elkaar stampte de BV Nederland nieuwe woningen uit de groene weilanden. Er was geen enkele infrastructuur, dus je kon aanleggen wat je wilde. En dat deden veel van dit soort locaties. Zo ontstond het Purmerend van vandaag en zo legden we er meteen een warmtenet onder. Dat gestookt wordt op biomassa. Hoe groen wil je het hebben?

Die laatste 25% daar hebben we een heel ander klusje te klaren. Die woningen zijn er al. Ze hebben al een infrastructuur, zowel binnenshuis als buitenshuis is de beschikbare ruimte voor kabels en leidingen behoorlijk vol. Zo vol dat je goed moet kijken wat wel en niet tot de mogelijkheden behoort. Voordat je oplossingen kiest. Zo’n eenvoudige opdracht is dat niet. En bedankt dus, voor die Green Deal!

Nu andere oplossingen kiezen
Dus ontstaat ook in Purmerend de vraag opnieuw: waarom doen we dit ook alweer? Omdat in de grote emmer met het beschikbare aardgas de bodem in zicht komt. We halen inmiddels gas uit kleine veldjes, we boren waar we kunnen en mogen, maar we weten nu al: het raakt op. Dat is één. Er is nog een twee: daar waar we nog gas aanwezig weten, creëren we ineens ons eigen aardbevingsgevoelige gebied. Niks Italië, Indonesië, of andere gebieden waarvan we deze ellende kennen. Gewoon Oost-Groningen en dat is akelig dichtbij. Dan is er nog drie: die hele gedachte dat wij in onze energiebehoefte kunnen voldoen door fossiele brandstoffen te gebruiken, is behoorlijk gedateerd. Als we onze planeet niet zelf een nieuw klimaat tijdperk in willen duwen, moeten we nu andere oplossingen kiezen. En bedankt dus, samenleving!

Oké we weten het weer: daarom stappen we in Nederland over van aardgas op niet-fossiele alternatieven. En daarom tekenen we vol overtuiging zo’n Green Deal. Daarom gaan we een ingewikkeld proces in, daarom gaan we rekenen en tekenen, daarom gaan we communiceren, daarom gaan we die laatste 25% oplossen. Aan Purmerend zal het niet liggen!

En bedankt Purmerend, voor het tekenen van de Green Deal.

Gastblog door Joke Dijkstra (communicatieadviseur) van de gemeente Purmerend, één van de deelnemers van Open Overheid in de Praktijk – Aardgasvrije wijken. Lees ook de gastblogs van andere deelnemende gemeenten.

 

Open Overheid en Aardgasvrije wijken

Deelnemende gemeenten bloggen over ervaringen

Van mei tot oktober 2017 organiseert Kennisland in samenwerking met het Leer- en Expertisepunt Open Overheid het leerprogramma ‘Open Overheid in de Praktijk – Aardgasvrije wijken’. Het programma wordt georganiseerd in het kader van de Green Deal Aardgasvrije wijken. Kennisland heeft zich met het ondertekenen van deze Green Deal actief verbonden aan de warmtetransitie in de vorm van aardgasvrije wijken. De transitie naar aardgasvrije wijken raakt aan de rol van de overheid, maar ook aan bedrijven, het maatschappelijk middenveld en inwoners. Open Overheid principes helpen deze transitie goed vorm te geven en Kennisland begeleidt vijf gemeenten uit de Green Deal daarbij.

In dit traject leren gemeenten van elkaars perspectieven en aanpak. Ook krijgen ze een introductie in en ondersteuning bij het toepassen van Open Overheid principes. De reader van het leerprogramma ondersteunt gemeenten die aan de slag willen met deze principes. In gastblogs reflecteren de deelnemende gemeenten reflecteren tussentijds op hun ervaringen. Hierbij presenteren we graag de eerste blogreeks – er volgen er meer!

Gastblogs ‘Open Overheid in de Praktijk – Aardgasvrije wijken’

  1. Purmerend (1)
  2. Purmerend (2)
  3. Wageningen
  4. Rotterdam (volgt)
  5. Alkmaar (volgt)
  6. Leeuwarden (volgt)

 

Open Overheid en Aardgasvrije wijken
Purmerend (2) blogt over ervaringen

Een nieuw project! Of is het een programma? Of een proces? Traject? Transitie? Hoe dan ook, in Purmerend gaan we aardgasloos en we zijn maar gewoon begonnen. Hoe het heet en wat het is, dat zien we nog wel. Eerst maar eens om de tafel met elkaar.

Met wie gaan we om tafel?
Vraag 1: met wie eigenlijk? In Purmerend begint aardgasloos met de vervanging van de riolering. Niks eerst alles goed doordenken, stakeholders inventariseren, strategie bepalen. Nee, wij hebben twee grote wijken waar de bewoners al jaren wachten op een vervanging van de riolering en daar zouden wij nu mee beginnen. Of eigenlijk vorige maand. Maar we zijn niet begonnen en waarom niet?

Wie een rioleringsbuis vervangt, komt in de ondergrond terecht in een uitgebreid stelsel van kabels en leidingen. Van nutsbedrijven als KPN en Liander, van kabelgiganten en van onszelf. Een wereld op zich met een boeiende infrastructuur. Nou is in Purmerend niet alleen de riolering aan vervanging toe, maar de aardgasbuizen ook. Zelfs zo erg dat wij niets mogen beroeren in de ondergrond, want dat kan de aardgasinfra niet meer aan. Dan moeten we die ook vervangen. En ziedaar: een relatie met Purmerend aardgasloos is geboren.

Dus wie zitten er aan tafel? De mensen van de rioleringswerkzaamheden. Die hebben een beeld van een logische planning, waar kunnen we beginnen? En zij bepalen meteen de start van de communicatie: de bewoners moeten een brief hebben waarin staat dat we de werkzaamheden opschorten tot minstens september. Dan horen ze meer van ons. Dus de raad krijgt ook een brief, met wat er speelt en wat we aan het doen zijn.

Wat doen we nu al?
Zijn we dan al iets aan het doen? Jazeker! Een bureau is voor ons aan het inventariseren waar we tegenaan lopen, qua planning, qua kosten, qua uitvoerbaarheid. Dat rapport is in september klaar. Vandaar die datum. Ondertussen verzamelen we meer mensen aan tafel. Een jurist bijvoorbeeld. Want Purmerend heeft een complexe relatie met het warmtenet. Wij zijn er grootaandeelhouder van. Zo zijn er niet 1, maar 2 wethouders betrokken bij onze energietransitie. En een jurist, om te monitoren of we binnen de lijnen blijven en toch voortgang maken. Dat we alle alternatieven in beeld brengen en toch neutraal kunnen constateren dat het warmtenet kostentechnisch voor de meeste inwoners de beste keuze zal zijn.

Natuurlijk zitten onze beleidsmedewerkers duurzaamheid aan tafel, daarvan hebben we er twee. Zij overzien het krachtenveld, kennen andere initiatieven, kennen de meeste stakeholders en zijn op landelijk niveau aangehaakt. En dan ben ik er nog. Voor de communicatie, lees: lastige vragen. Want natuurlijk ga ik graag los met een communicatietraject, natuurlijk heb ik al ideeën over de strategie, natuurlijk ben ik al in gesprek met mensen die ertoe gaan doen voor ons. Maar intern, aan de tafel met collega’s, in het vertrouwen dat we in elkaar hebben, stel ik ook de lastige vragen. Want in de eerste plaats zie ik mezelf als openstaand venster, vragen waar bewoners mee komen, kan ik tot op zekere hoogte voorspellen.

Dit is alleen nog maar de interne groep collega’s. Alsof je een opgave als deze in je eentje kunt doen. Trouwens, al zouden we het willen, in veel gevallen gaan we er niet eens over. We hebben onze corporaties hard nodig, ons warmtenet, Liander. Met hen hebben we ook maar vast een tafel gevuld. Om op alle sporen voortgang te kunnen maken.

En de bewoners dan?
Zijn we er dan? Nou, nee. We missen onze bewoners nog. Die passen er niet allemaal bij aan die tafels. Maar we hebben ze wel nodig. Om te kunnen rekenen, om te kunnen inschatten wat er achter die voordeuren voor situaties bestaan om rekening mee te houden, om te kunnen bepalen welke alternatieven mogelijk zijn. Gelukkig spreken we al bewoners, aan hun eigen tafels. Want zij bellen al met vragen, sinds ze de riolering brief hebben ontvangen. Relevante vragen: kunnen ze hun contract bij hun energieleverancier nog verlengen? Wat doen ze met de verouderde cv-ketel? Ze gaan hun keuken verbouwen en kunnen ze nog op gas blijven koken? Met hen gaan we in gesprek, zij doen voor ons hun deuren open, wij kunnen beginnen met rekenen en inschatten en voorstellen doen.

Zo schuiven we de hete aardappel nog even voor ons uit: wie gaat dat in hemelsnaam allemaal betalen? Daar gaat het aan elke tafel over!

Gastblog door Joke Dijkstra (communicatieadviseur) van de gemeente Purmerend, één van de deelnemers van Open Overheid in de Praktijk – Aardgasvrije wijken. Lees ook de gastblogs van andere deelnemende gemeenten.

 

De diepte in met Open Spending

Open Spending Detaildata is het vervolg op Open Spending. Sinds oktober 2015 zijn namelijk alle huishoudboekjes die lokale overheden met het CBS delen beschikbaar als open data. Via OpenSpending.nl zijn deze in te zien, maar ook via de Open Spending API zijn de data eenvoudig herbruikbaar. Hiervoor wonnen we vorig jaar een Award van de Open Government Partnership. Detaildata voegt extra informatie toe aan de data die via het CBS beschikbaar is. Maar het ontsluiten van deze informatie is nog niet eenvoudig. Wil je weten waarom? Hieronder lees je meer over de uitdagingen!

Waarom detaildata?
Uit onderzoek onder ambtenaren, raadsleden en journalisten bleek meer detail en context gewenst. De Iv3-matrices, wat staat voor Informatie voor Derden, bieden namelijk weinig detail. Deze informatie wordt door gemeenten, provincies, waterschappen en gemeenschappelijke regelingen aangeleverd aan het CBS ten behoeve van verantwoording van uitgegeven geld en benchmarking. Hiervoor is gedetailleerde informatie niet vereist.

Iv3-data geeft dus voor gebruikers geen inzicht in kosten van externe inhuur of ICT-uitgaven van een overheid. Daarnaast biedt Iv3 geen context over waarom het geld uitgegeven is en wat precies allemaal valt onder een bepaalde post. Hiervoor is dus additionele informatie nodig die alleen bij de lokale overheden zelf berusten en nog niet gedeeld worden.

Informatie ontsluiten
Om die additionele informatie beschikbaar te stellen als open data moet je direct informatie gaan ontsluiten vanuit de financiële systemen van de lokale overheden. Daarvoor moeten zij vanuit het financiële boekhoudsysteem, zoals SAP en Cognos, regels instellen om data te exporteren volgens een vast format. Hierbij krijg je naast de vaste Iv3-hierarchie nog additionele lagen die hieronder liggen. Dit zijn detaillagen zoals grootboekcodes, kostenplaatsen en kostensoorten. Deze liggen net boven het transactieniveau.

Uitdagingen
Het ontsluiten van deze detaildata hebben we succesvol gedaan voor een tiental lokale overheden. De data is te zien via OpenSpending.nl en ook via de Open Spending API is de data te hergebruiken. Maar we kregen verzoeken van overheden en hergebruikers om de functionaliteiten uit te breiden. Detaildata is namelijk (nog) niet vergelijkbaar. Dit in tegenstelling tot Iv3. Overheden houden er namelijk onder de gestandaardiseerde lagen van Iv3 allemaal een geheel eigen boekhouding op na.

Daarnaast biedt Detaildata ook nog niet de gevraagde context. Uit de exports van de financiële boekhoudsystemen komen posten als ‘Accred. SZW’. Leken hebben uiteraard geen idee waar dit precies over gaat. Ook werken veel gebruikers helemaal niet met de Iv3-indeling, maar met de gemeente-eigen programma-indeling. Vandaar het verzoek aan ons om ook de programma-indeling te kunnen ondersteunen. Die kun je dan naast de normale begrotingen en jaarverslagen houden, maar dan dieper de details in duiken.

Het laatste verzoek hangt samen met participatie. Steeds meer initiatieven, zowel analoog als digitaal, proberen inwoners van gemeenten, wijken en buurten te laten meedenken over de besteding van het publieke geld. Buurtbegrotingen, Right to Challenge en Budgetmonitoring zijn daar voorbeelden van. Dus hoe kun je met Open Spending deze trajecten helpen? Enerzijds door context aan de data toe te voegen, maar anderzijds ook door locaties toe te voegen aan de data. Dus waar wordt het geld binnen een gemeente of provincie uitgegeven?

Doen jullie mee?
Met deze drie uitdagingen gaat de Open State Foundation dit jaar aan de slag. Op basis van het uitvoeren van deze drie verbeteringen kunnen we bekijken hoe we op een schaalbare manier kwalitatief betere Open Spending Detaildata kunnen ontsluiten. Wil jouw overheid als een van de drie pilotoverheden deelnemen aan een of meerdere van deze kwaliteitsverbeteringen? Of heb jij andere ideeen om de kwaliteit van Detaildata te verbeteren en te realiseren? Neem dan contact op met Tom Kunzler van Open State via tom@openstate.eu.

Meer weten over Open Spending Detaildata?

Innovatiegericht inkopen: meer mogelijk dan we denken!

Technologie, de wereld van start-ups en innovaties. Er wordt veel over gezegd en geschreven. Zelfs Matthijs van Nieuwkerk ontvangt zo nu en dan een startup aan tafel. Overheidsinstellingen oriënteren zich in toenemende mate op de kansen, maar ook op risico’s van technologie. Een manier om dat te doen is het inkopen van de laatste state of the art kennis en expertise. Veel overheidsinstellingen verkennen daarom de mogelijkheden van innovatiegericht inkopen. Floris den Boer (adviseur PIANOo), Mildo van Staden (CIO office BZK/Start-up officer BZK) en Paul Suijkerbuijk (Leer- en Expertisepunt Open Overheid) nemen je mee in de wereld van innovatiegericht inkopen.

Toegankelijker voor kleine partijen en startups
Overheidsinstellingen kijken naar nieuwe contractvormen, samenwerkingsovereenkomsten en co-creatie met innovatieve partijen. Daarnaast verkennen overheden de mogelijkheden om het aanbestedingsproces zo te veranderen dat het innovatiepotentieel van de markt beter benut en overheidscontracten toegankelijker worden voor kleinere partijen zoals startups.

Van het woord ‘aanbesteden’ krijgen veel mensen kriebels. Ze denken meteen aan een maandenlang traject met grote hoeveelheden juridische teksten. Of dat ze vast zitten aan mantels en het niet mogelijk is om kleinere partijen in te schakelen. Kriebels zijn niet altijd nodig!

Gemeenten en overheidsinstellingen hebben aanbestedingsspecialisten in dienst om alles in goede banen te leiden. Startups, aan de andere kant, weten vaak niet wat hun rechten en plichten zijn in een aanbesteding en welke informatie relevant is. Ze hebben simpelweg de tijd en kennis niet om mee te doen in een aanbesteding. Daarnaast voldoen ze vaak niet aan de eisen die gesteld worden door de aanbestedende partij. Er wordt bijvoorbeeld gevraagd om omzetcijfers van de afgelopen 3 jaar of 5-10 jaar ervaring in het betreffende domein. Deze eisen zijn voor startups onhaalbaar, waardoor overheden en startups elkaar vaak niet vinden. Overheden die zaken willen doen met startups versimpelen daarom hun aanbestedingsprocedures en maken deze vrij van ingewikkeld jargon.

Hoe kun je innovaties inkopen bij startups zonder een maandenlang traject?
Startup in Residence is een nieuw concept waarbij overheden ‘urban challenges’ bij startups neerleggen. Via dit programma kunnen startups meedoen in een (potentieel grote) aanbesteding terwijl ze werken aan hun eigen product of service én een maatschappelijk probleem oplossen.

Wat er wordt gegund is een programma van vijf maanden waarin startups hun producten of diensten verder ontwikkelen, onder inhoudelijke begeleiding van ambtenaren en ondernemers. Na deze vijf maanden heeft de aanbestedende dienst de mogelijkheid om op te treden als (eerste) klant of investeerder.

Ook bij het Startup in Residence concept volg je de kaders van de Aanbestedingswet. Het is nog steeds een volwaardig aanbestedingstraject, alleen een stuk korter, overzichtelijker en toegankelijker. Op basis van een functionele uitvraag zoek je de ondernemer met de beste oplossing. Door het concept actief te promoten zijn ook startups bekend met het programma. Deelname aan het programma en het oplossen van ‘urban challenges’ staat ook open bij andere ondernemers, maar blijkt vooral populair onder startups.

Productontwikkeling in opdracht (SBIR)
Een andere manier om te komen tot productontwikkeling biedt de overheid in de vorm van een SBIR-traject. SBIR staat voor Small Business Innovation Research. Een ministerie of andere overheidsdienst identificeert een specifieke uitdaging en stelt een budget beschikbaar. Bedrijven kunnen hierop inschrijven. De beste inschrijvers krijgen een SBIR-opdracht. De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) kan ondersteunen bij het beschrijven van het vraagstuk in een SBIR-oproep en maakt deze oproep vervolgens openbaar. RVO informeert het bedrijfsleven en begeleidt het proces. Meer informatie over deze aanpak wordt gegeven op de website van RVO.

PIANOo
PIANOo is het expertise centrum aanbesteden van de overheid. PIANOo geeft een zeer rijk overzicht van de manieren waarop de overheid innovaties kan inkopen, bijvoorbeeld door doelgericht het bedrijfsleven uit te dagen een innovatieve oplossing te ontwikkelen voor haar probleem. Of zij kan ruimte bieden aan marktpartijen om een ontwikkelde innovatieve oplossing aan te bieden. De routekaart van PIANOo bij aanbesteden is weergegeven in een metrokaart inkopen en aanbesteden. Uitgewerkte instrumenten, trajecten en cases zijn te vinden in de innovatiekoffer.

Startups inzetten? Definieer een duidelijke vraag
Via SBIR, Hackathons en accelerators zijn er veel manieren om innovaties en startups in te zetten voor de doelen van de eigen organisaties. Maar voor het zover is moet je een goed inzicht krijgen in de eigenlijke vraag die er is. Welke maatschappelijke vraag moet opgelost worden. Vaak is een vraagstuk vanuit de eigen organisatie gedefinieerd en dan is het maar net de vraag of dat ook écht het vraagstuk is wat er opgelost moet worden.

Om te kunnen achterhalen wat de echte vraag is moet er gesproken worden met alle stakeholders. Dus met de betrokkenen bij de vraag, partijen die een mogelijke oplossing hebben en de overheid. Organiseer rondetafelgesprekken om de juiste vraag te definiëren. Deze gesprekken kunnen worden geïnitieerd en gefaciliteerd door de overheid, maar niet geregisseerd, het is aan alle partijen om daar met de goede ideeën en oplossingen te komen. Een open gesprek dus.

Tips:

  1. Zorg voor een open aanpak bij het werken met start-ups en innovatieve ondernemers;
  2. Kijk of een hackathon een goede manier is om innovatieve oplossingen te verkrijgen;
  3. Zorg voor een innovatievriendelijk aanbestedingsproces;
  4. Maak gebruik van de regelingen en diensten van de overheid als SBIR en PIANOo;
  5. Anticipeer op aanbod van innovatieve oplossingen zoals Rijkswaterstaat dat doet;
  6. Definieer een heldere en duidelijke maatschappelijke vraag in samenwerking met alle stakeholders;
  7. Stel Open Data beschikbaar voor het maken van oplossingen;
  8. Eigenaarschap van de oplossing hoeft niet altijd bij de overheid te liggen;
  9. Betrek de eigen organisatie;
  10. Deel de ervaringen.

Meer weten over samenwerken met startups? Bekijk dan ook het kennisinstrument een open samenwerking met een start-up, waarom en wat zijn de mogelijkheden?