Expertisepunt Open Overheid

Hoe ga je open?

Gastblog door Maike Klip, eerder verschenen op haar eigen website.  

Twee weken geleden schreef ik over de schoonheid van de achterkant van de overheid. De overheid moet open werken, dat maakt alles zoveel beter. Dat willen is één ding, maar hoe begin je? Na die blog kreeg ik een berichtje van drie dames van de Gemeente Amsterdam die met een project open wilden werken, maar niet wisten hoe ze concreet konden beginnen. Samen bedachten we een aantal stappen die je kunt nemen om ‘open te gaan’. In dit blog zet ik ze op een rij.

Stap 1: Voor wie ga je open?

Open ben je niet in je eentje. Dat doe je juist zodat de ander je kan zien en bij je kan komen. Zodat anderen je begrijpen en met je samen kunnen werken. De eerste stap die je moet nemen is bedenken wie die ander is. Met wie wil je samenwerken? Dat kan je doelgroep zijn, maar ook medewerkers van andere organisaties of kritische burgers en ondernemers.

Bijvoorbeeld, bij CoronaMelder werkten we open op verschillende manieren.

  • Alle code, designs en onderzoeken stonden op Github en werden besproken in een openbare Slackgroep. Hier zaten vooral kritische programmeurs en ontwerpers. Sommigen kregen zelfs toegang tot onze Figma zodat ze zelf aan de slag konden gaan in onze ontwerpbestanden om hun ideeën bij te dragen.
  • In de openbare Slackgroep zaten ook belangenorganisaties (bijvoorbeeld op het gebied van privacy) en journalisten. Zij volgden het project kritisch (terecht!).
  • Burgers die de app potentieel zouden gebruiken nodigden we uit om vanuit huis of in het onderzoekslab in Amsterdam de app uit te proberen. We lieten hen de app in een vroeg stadium zien en elke wijziging testten we opnieuw tot het goed was. We nodigden allerlei burgers uit, 60+’ers, mensen die Arabisch spreken, mensen die taalarm zijn, jongeren, mensen met een visuele beperking, en meer.
  • We betrokken wekelijks medewerkers van de GGD. Door met hen mee te lopen in hun werk maar ook door de verslagen van deze bezoeken met hen te delen. Ook op bestuurlijk niveau werd regelmatig advies gevraagd en geluisterd naar de GGD.
  • Daarnaast werkten we samen met een begeleidingscommissie van gedragswetenschappersdie ook toegang hadden tot dezelfde informatie als wij.

“Open werken is een gesprek en dat gesprek voer je niet met jezelf.”

Iemand test CoronaMelder in het Arabisch

Stap 2: Waar ga je open?

Voor wie je open gaat, bepaalt ook waar je dat doet. Welk platform kies je en voor wie moet welke informatie toegankelijk zijn? Bestuurders, programmeurs en gebruikers van je product vragen allemaal een andere taal en plek. Ik denk dat je een plek nodig hebt voor je informatie/ documentatie en een plek voor het gesprek hierover. Die plekken moeten toegankelijk zijn voor je doelgroepen, maar mogen best onhandig zijn voor wie je doelgroep niet is. Wil je bijvoorbeeld samenwerken met mensen die niet zo handig zijn met techniek, dan is een appgroep een beter idee dan Slack.

“Kies de plek die past bij je doelgroep.”

 

Bij CoronaMelder plaatsten we alle documentatie op Github, daar konden anderen ook wijzigingen voorstellen. We gebruikten Slack om het gesprek hierover te voeren. Dit had een kleine drempel. Je moest je aanmelden voor zowel Slack als Github. Hiervoor had je motivatie nodig maar ook een beetje inhoudelijke kennis. Later maakten communityleden een website om het meepraten over de app toegankelijker te maken. Deze drempel was ook fijn omdat een inhoudelijke discussie op Twitter soms niet te voeren was door de felheid en valse informatie.

“Je hebt een veilige plek nodig om te experimenteren en een open gesprek te voeren.”

 

Toen ik de afgelopen twee jaar aan De Begripvolle Ambtenaar werkte, deed ik dat ook open. Ik gebruikte dit blog om de voortgang te delen. Ik gebruikte sociale media (Twitter en Linkedin) om een gesprek te organiseren. Dit omdat de algoritmes van sociale media maakten dat het bereik groter werd dan mijn eigen netwerk maar ook omdat ik het belangrijk vond dat het thema van mijn onderzoek open en eerlijk besproken wordt (en niet in een semi-verborgen groep).

Stap 3: Geef context

Je kunt pas meepraten, als je weet waar het over gaat. Doe niet een code dump op Github, maar geef context bij het doel wat je wilt bereiken. Bij CoronaMelder delen we daarom ook al het onderzoek open, zowel gebruikersonderzoek als inzichten over het werk van de GGD. Die context hebt je nodig om ontwerpkeuzes te begrijpen en te kunnen bevragen.

Bij blogs die ik hier schrijf, deel ik in de inleiding ook altijd context. Bij het schrijven bedenk ik me altijd ‘Stel nu dat je voor het eerst op mijn blog bent: wat moet je dan weten om deze blog te begrijpen?’

“Deel je voorkennis en context zodat je op gelijke voet staat.”

Je werk wordt er altijd beter van als je het samen doet 🙂

Stap 4: Maak je documentatie op orde

Lijkt op stap 3, maar is toch anders. Maak van je kladblok heldere samenvattingen die je open kunt delen. Niet iedereen volgt automatisch je hersenspinsels of kent alle afkortingen van je organisatie. Open werken betekent dat je goed uitlegt wat je doet, wat je leerde en hoe je verder gaat.

“Deel elke stap en maak de stap niet te groot.”

 

  • Een kleine stap is makkelijker te overzien en sneller gedaan.
  • Kleine stappen zetten de ander niet buitenspel. Je kunt alleen meepraten als je toegang tot info hebt en er nog geen beslissing is genomen.
  • Het eindverslag schrijft zichzelf want elke stap is al goed gedocumenteerd.

Als je De Begripvolle Ambtenaar vanaf het begin volgde op dit blog, zal mijn eindpublicatie niet volledig nieuw zijn. Veel fragmenten uit mijn essays zijn eerder als blog hier verschenen. Soms kregen blogs later een nieuwe lading wanneer ik nieuwe inzichten op deed. Soms stuurden anderen na een blog een boekentip of een praattip waarmee ik een nieuw puzzelstukje vond.

Stap 5: Organiseer het gesprek

Niemand bedenkt op dinsdagmiddag ‘goh, eens kijken of de gemeente nog iets heeft gedeeld waar ik in mee kan denken’. Een gesprek ontstaan niet vanzelf.

“Nodig mensen actief uit om mee te doen.”

 

Dat deden we bij CoronaMelder bijvoorbeeld door deze post die ik op Linkedin deelde. Ik vroeg ontwerpers zich aan te melden voor onze community. De post werd veel gedeeld en meer dan 42.000 mensen hebben hem gezien. Er kwamen zo’n 300 ontwerpers de Slack in. Nog steeds melden zich nieuwe mensen, of worden mensen juist minder actief. Dat is okè!

Om dit in goede banen te leiden, is een community manager handig. Bij CoronaMelder is dit Edo Plantinga. Onvermoeibaar betrekt hij iedereen. Stelt hij vragen en gooit hij gesprekken open. Zit hij teamleden achter de broek dat er ‘2 dagen geleden al een vraag gesteld is waar niemand nog op heeft gereageerd, wie wil dat even doen?!’

“Geef iemand de rol van community manager in je open project.”

Edo organiseerde regelmatig openbare videocalls waar iedereen aan mee kon doen. Elke vrijdag hadden we een inloopspreekuurtje of een teamlid deed een AMA, een Ask Me Anything. Informeel bespraken we allerlei zaken over de app met communityleden.

“Organiseer laagdrempelige contactmomenten”

 

Behind the CoronaMelder app: Open source, experts & de overheid

Edo hoeft het niet alleen te doen. Open werken betekent ook dat teamleden zelf de gesprekken voeren en de discussie aangaan. Het is juist goed als je direct met het teamlid kunt sparren als communitymember. Hèt teamlid dat zelf aan de knoppen zit waar jij juist een goede inhoudelijke vraag over hebt. Niet alles hoeft langs communitymanagers of woordvoerders te gaan, het is veel beter voor het resultaat als het rechtstreeks gaat.

“Betrek het hele team erbij.”

 

Dit is spannend want in de ambtenarij zijn we gewend om anoniem te kunnen werken. Maak je een account op Github aan onder je eigen naam? Maar dan kunnen ook alle beslissingen teruggeleid worden tot jou persoonlijk. Als ambtenaar val je onder de ministeriële verantwoordelijkheid. Dat betekent dat ambtenaren niet zelf verantwoordelijkheid hoeven af te leggen over wat ze doen, dat doet de minister.

Deze zomer adviseerde de Raad van State om deze ministeriële verantwoordelijkheid aan te passen. ‘Uitleggen wat de overheid doet en waarom is belangrijker dan ooit. Er is een transparant en correct samenspel nodig tussen Kamer, Kabinet en Ambtenaren‘ en burger, voeg ik daar zelf even aan toe *angelface*. Dit onderwerp heb ik al uitgebreid uit de doeken gedaan op debegripvolleambtenaar.nl, maar ik stip het hier toch even extra aan omdat dit een van de redenen is waarom ambtenaren weinig naar buiten treden en daardoor moeilijk open kunnen samenwerken. Dat kan anders!

“Wees jezelf en ga het gesprek aan.”

Stap 6: Betrek de woordvoerder

Niet alleen de woordvoerder, ook de manager, de directeur, de minister of de burgemeester. Open werken zorgt voor een andere dynamiek. Vraag je af wie verantwoordelijk en aanspreekbaar is in je organisatie, dat ben jij niet alleen. Een open gesprek voer je samen, ook binnen je organisatie. Zorg ervoor dat iedereen die een rol speelt ook weet dat je open wilt werken en hoe je dat gaat doen. En werk samen om dit goed te doen.

Ik noemde al eerder: er zitten ook belangengroepen en journalisten in de zaal. Als het open is, kunnen zij ook meelezen en meevragen. Dat betekent dat het gesprek alle kanten uitgaat, in plaats van netjes via de minister die verantwoordelijk is om de Kamer eerst te informeren. Soms staan er details op Github, en dus binnen no time in de krant, die bijvoorbeeld niet in de Kamer zijn besproken. Is dat erg?

“Betrek de mensen in je organisatie die verantwoordelijk en aanspreekbaar zijn op wat je doet.”

 

En ja, niet altijd zal alles open kunnen zijn. In juni schreef de GGD een brief naar het ministerie van VWS over de app met allerlei zorgen. Die brief kwam later pas openbaar toen de NOS een wob-verzoek deed en erover publiceerde. Had deze brief eerder openbaar kunnen zijn? Misschien wel, misschien niet. Open werken betekent niet dat elke communicatie, elke overweging openbaar hoeft te zijn. Waar de grens ligt moeten we continu ontdekken, afspreken en weer aanpassen.

“Bespreek de grens van openheid met elkaar.”

 

Open werken maakt van het klassieke trapje ‘organisatie – minister – kamer/ journalist – burger’ een twee-richtingsgesprek. In de community worden zaken besproken die leiden tot nieuwe inzichten en dus nieuwe ontwerpkeuzes. Dat gaat geleidelijk in elkaar over. Bij CoronaMelder zorgden we ervoor dat de Kamer regelmatig geïnformeerd werd over het open proces en de stand van zaken. Op debegripvolleambtenaar.nl schreef ik al eerder over deze omgekeerde dynamiek als de oplossing om onbegripvolle patronen in de overheid te doorbreken.

Stap 7: Maak plezier

Het is heel leuk om open te werken. Je leert allerlei nieuwe mensen kennen en maakt iets veel beters dan wanneer je dat alleen met je eigen clubje had gedaan. Je ziet hoe je product in actie gebruikt wordt en je hebt zeker geen saaie kantoorbaan meer.

Sta open voor het gesprek. Dat is spannend want je stelt je kwetsbaar op. Je krijgt feedback, dat is leuk èn moeilijk. Meestal heb je echt wat aan de feedback, soms is het ongefundeerd (stap 3 en 4 maken de kans hierop veel kleiner). Soms is het ook gewoon moeilijk te verteren. Heb je zo je best gedaan, zet je het ’s avonds laat online en wordt je wakker met op sociale media ‘een dikke onvoldoende’ en zie je jouw werk met rode strepen. Ook dat hoort erbij. Neem het niet persoonlijk, en…

“Ga ’s ochtends niet voordat je koffie hebt gehad op Twitter.”

Ask Me Anything… hartje als toestemming dat je op de foto wil

Tot zover mijn tips hoe je kunt beginnen met open werken. Als je Ineke, Anouschka en Marieken van de Gemeente Amsterdam wilt helpen met hun open project, begin dan hier.

Hoe werk jij open? En hoe ben je begonnen?

Oproep: deel alle kennis en data over Covid-19

Bericht van Open State Foundation

Namens 33 maatschappelijke organisaties, politieke jongerenorganisaties en 20 volksgezondheidsexperts roept gezondheidsorganisatie Wemos het kabinet op om bij te dragen aan een wereldwijde COVID-19-pool.

De kern van de boodschap aan de Nederlandse overheid is dat kennis, data en intellectueel eigendom rondom COVID-19 vrij moet worden gedeeld. Open State Foundation is een van de ondertekenaars van de brief aan de ministers Van Rijn (Volksgezondheid), Kaag (Buitenlandse Handel) en Wiebes (Economische Zaken).

De oproep volgt op een brief die Costa Rica vorige week stuurde aan Dr. Tedros, de hoogste baas van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO). Het land verzoekt de WHO om een ​​wereldwijde pool te creëren voor de data, kennis en technologieën die nuttig zijn bij de preventie, detectie en behandeling van de corona-pandemie. De Nederlandse organisaties roepen de overheid op om zich achter het voorstel van Costa Rica te scharen en zich hier actief voor in te zetten.

Lees de brief aan het kabinet.

 

Gemeenten en provincies, open je data

In hoeveel Raadszalen zit tegenwoordig nog standaard een verslaggever van een lokaal medium op de perstribune? En hoeveel journalisten volgen hun provinciebestuur nog op de voet? De lokale journalistiek kampt al jaren met een tekort aan capaciteit. Tegelijkertijd zijn en worden steeds meer taken overgeheveld van het Rijk naar het lokale bestuur. Het is een gevaarlijke combinatie die een gezonde controle op de democratie in de weg staat. De oplossing: transparantie door open data.  

Door Lucas Benschop, Sebastiaan ter Burg en Wilma Haan 

Het is voor burgers en journalisten haast onmogelijk geworden om op de hoogte te blijven van de handel en wandel van het lokale bestuur, terwijl gemeenten en provincies door de decentralisaties meer op hun bord hebben liggen. De bedragen waarover wordt beslist zijn steeds groter, maar de democratische controle wordt steeds minder en moeilijker.

Gemeenten en provincies hebben zelf een belangrijke sleutel in handen om deze beweging om te draaien en hun eigen democratische controle beter te faciliteren. Iets dat fundamenteel is voor een gezonde democratie. Die sleutel heet open data.

Overheden passen meer en meer datagedreven sturing toe. Databases en spreadsheets bepalen in toenemende mate keuzes. Helaas wordt deze data nog lang niet altijd actief openbaar gemaakt. Daardoor is het moeilijk om na te gaan hoe een beslissing van de overheid tot stand is gekomen of om te controleren of de gegevens wel kloppen.

Het resultaat: Wie nu op gemeentelijk of provinciaal niveau informatie zoekt, moet dit doen op websites die allemaal anders in elkaar zitten, en de data overschrijven uit tabellen die zitten opgesloten in niet-machineleesbare pdf-bestanden.

In het Actieplan Open Overheid (vastgesteld door Binnenlandse Zaken) valt gelukkig te lezen: Provincies [gaan] hun stateninformatie beter toegankelijk maken en via een standaard beschikbaar stellen. [..] Het uiteindelijke doel is om in alle provincies en gemeenten Open besluitvorming te realiseren.”  

Helaas wordt er nog onvoldoende gebruik gemaakt van beschikbare standaarden: iedere gemeente en provincie heeft documenten op geheel eigen wijze gestructureerd. Dit bemoeilijkt het analyseren van grote hoeveelheden informatie.

Pas wanneer de Wet open overheid in werking treedt worden gemeenten en provincies gedwongen om hun informatiehuishouding op orde te brengen en meer data te ontsluiten. Het wachten op deze wet – het initiatiefvoorstel dateert uit 2012 – is echter geen reden om niets te doen.

Gemeenten en provincies moeten voor hun eigen democratische legitimiteit de noodzaak van open data gaan inzien. Dat kan bijvoorbeeld door raads- en Statenstukken openbaar en goed doorzoekbaar beschikbaar te stellen via www.openbesluitvorming.nl. Inmiddels hebben 130 (van de 355) gemeenten dat gedaan, en zijn 6 provincies aangesloten.

Aan de rest van het land: Dwing alsjeblieft af dat alle raads- en Statenstukken centraal op het landelijke platform beschikbaar komen. En ga vervolgens werken aan standaardisatie, zodat de documenten ook makkelijk vindbaar, analyseerbaar en onderling vergelijkbaar zijn.

Hiervan profiteren inwoners op verschillende manieren. Denk aan de journalist die meerdere gemeenten en provincies in de gaten moet houden. Deze kan dan op verschillende relevante thema’s en direct een alert krijgen bij ontwikkelingen.

Denk ook aan eens bewoners met interesse in de lokale en provinciale democratie. Hun betrokkenheid kan toenemen doordat open data het mogelijk maakt om apps te maken waarbij kan worden ingezoomd op persoonlijke relevantie. Tot op wijkniveau, zodat je precies weet wanneer de gemeenteraad spreekt of stemt over jouw wijk.

Denk aan Raadsleden, die momenteel door alle decentralisaties een alsmaar groeiende berg dossiers moeten volgen. Dankzij open data zullen zij veel makkelijker ontwikkelingen kunnen volgen op diverse politieke niveaus.

Of denk aan maatschappelijke organisaties die invloed willen uitoefenen op beleid. Dankzij de inzichten in ontwikkelingen op lokaal en regionaal niveau die open data bieden, komen zijn op een gelijke informatiepositie te staan met lobbykantoren en grote bedrijven.

Kortom: Overheden, ontsluit je data. Zo laat je zien dat een echte open overheid je menens is, en de democratie je lief.

Lucas Benschop is oprichter en directeur van politiek platform 1848.nl. Hij was jarenlang parlementair verslaggever voor NU.nl.

Sebastiaan ter Burg is bestuurslid van vereniging Open Nederland en één van de DataDUICers, een groep onafhankelijke lokale datajournalisten in Utrecht.

Wilma Haan is directeur van Open State Foundation, een maatschappelijke organisatie die ijvert voor een digitaal transparante overheid. Ze is voormalig journalist van onder meer NU.nl en Het Parool. 

 

Omgevingswet in zicht: durf te denken in dilemma’s!

“Zesentwintig wetten en honderden regelingen ‘gebouwd’ op het principe ‘nee, tenzij’ maken in 2021 plaats voor de Omgevingswet. En die ene wet gaat uit van het principe ‘ja, mits’. Dat nieuwe uitgangspunt levert misschien nog wel meer winst op dan het opruimen van de oude bureaucratische wirwar van wetten en regelingen.”

Guido Rijnja, actiehouder van actiepunt 7 project ‘Dilemmalogica’, schreef met Pascale Georgopoulou een uitgebreid artikel over de kansen die de omgevingswet biedt.

“Het ‘ja, mits’, daagt gemeenten uit om in eerste instantie mee te gaan in de wensen en ideeën van initiatiefnemers. En laat die initiatiefnemers nou juist het gevoel willen hebben dat ze serieus gehoord worden door de gemeente. Wat niet verandert is dat elke gemeente zélf natuurlijk ook een trits aan plannen heeft. En een coalitieakkoord. En de zorg voor rechtsbescherming van de inwoners. Past dat initiatief daarin? En hoe weeg je de belangen van omwonenden? Dilemmalogica kan hiervoor een mooi ‘denkkader’ bieden.”

Op zich is het inzicht is dus al enige tijd aanwezig dat je niet vroeg genoeg kunt beginnen met het herkennen van signalen, als het gaat om die oer-menselijke hang naar erkenning. ‘Actieve openbaarheid’ is daarom in veel organisaties top of mind, en er is zelfs een nationaal Actieplan Open Overheid. Daarmee zetten alle overheidslagen samen de schouders onder eerdere openheid van zaken door te investeren in relaties, inzet van ICT en gebruik van slimme designprincipes. Openheid en transparantie kunnen, volgens ons, niet zonder échte en persoonlijke aandacht.

Het volledige artikel, waarin dhr. Rijnja dieper ingaat op de problematiek maar ook de kansen die opdoemen met dilemmalogica, is terug te lezen op de website van Overheid in Contact.

Meer informatie over de actiepunten vindt u in onze folder van het Actieplan Open Overheid 2018-2020.

 

Terugblik auditoriumbijeenkomst 12 november ‘Bouwen op Data’

Op 12 november 2018 stond de auditoriumbijeenkomst bij het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties in het teken van hoe open data een bijdrage kan leveren aan woon- en bouwvraagstukken. Marieke Schenk (eindverantwoordelijk coördinator van het Leer- en Expertisepunt Open Overheid) opent de bijeenkomst met een quote van Jan Schaefer, destijds wethouder in Amsterdam: “In gelul kun je niet wonen”. Bekende woorden uit alweer de jaren zeventig van de vorige eeuw. “In gelul kun je niet wonen. En ik vrees.. dat voor data hetzelfde geldt. Je kunt er niet in wonen. Wat we wel kunnen met data, is inzicht krijgen in woningmarkt- en bouwvraagstukken, zodat we die beter aan kunnen pakken.” Daarvan lieten de sprekers vervolgens overtuigende voorbeelden zien.

Data om gesprekken te faciliteren
Bregje Thijssen (DisGover) bijt de spits af. Samen met haar collega-trainees organiseerde zij een debat rondom het woningbouwvraagstuk waarbij je data gebruikt om de feiten boven tafel te krijgen.

In het vooronderzoek kwamen ze erachter dat er enorm veel stakeholders zijn en dat er veel verschil is tussen gemeenten in de ‘data-volwassenheid’ en het soort woonprobleem. Een overeenkomst in gemeenten is dat ze burgers willen betrekken in de besluitvorming rondom woningbouwvraagstukken. Door de input van stakeholders in het vooronderzoek veranderde de behoefte rondom het woningbouwvraagstuk: er moet geen debat worden georganiseerd maar het gesprek tussen de verschillende stakeholders moet gefaciliteerd worden. Alle stakeholders willen namelijk uiteindelijk hetzelfde: fijn en betaalbaar wonen!

Woonbehoefte, burgerparticipatie en woonconcepten
Tijdens het eindevenement in Hilvarenbeek werd aan de hand van de thema’s woonbehoefte, burgerparticipatie en woonconcepten het gesprek tussen de verschillende stakeholders gefaciliteerd door de groep DisGover-trainees. Uit het evenement kwamen een aantal aanbevelingen:

  1. participatie werkt alleen als er ruimte voor is;
  2. laat burgers meedenken van begin tot eind;
  3. bespreek de beschikbare data om het op de juiste manier te interpreteren;
  4. werk met iteratieve en verkorte projecten.

Bregje is voor het gebruik van data om gesprekken te faciliteren. Data heeft geen emotionele lading en is daarom een goed hulpmiddel in gesprekken, meent zij.

Een stad is onderhevig aan constante verandering
Mark van der Net werkt bij het DataLab van de Gemeente Amsterdam. Vanuit het idee dat de stad nooit af is en er constante verandering plaatsvindt zijn ze met een diverse groep mensen bezig met ideeën omzetten naar technische innovaties. Ze zien in de droomstad van Google een uitdaging. Hoe kan een stad functioneren in de 21ste eeuw? Aan welke voorwaarden moet worden voldaan en hoe kunnen we publieke waarden voorop stellen? Bij de gemeente werken brengt mee dat alle belangrijke maatschappelijke thema’s vanzelf op je bordje belanden en je aan het werk bent met de meest uitdagende vraagstukken! Mark geeft aan dat het van belang is dat gemeenten met de inzet van talent het verschil inhaalt tussen publieke en private sector.

Inzicht bieden door visualisaties
Het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) komt voor enorme uitdagingen te staan door het nieuwe klimaatakkoord. Kunnen we kennisinfrastructuren opzetten waarbij we de behoefte van de burger in kaart kunnen brengen?  Door middel van een filmpje illustreren Joram en Jorrit van BZK wat data kan betekenen voor bewoners. Door  visualisaties kunnen burgers meer inzicht krijgen in de mogelijkheden en beter meepraten over toekomstige beslissingen.

Data wordt interessant als je verschillende datasets combineert
Als laatste was Erwin van Mierlo (CBS) aan het woord. Hij gaf ons een kijkje in alle beschikbare data over bouwen en wonen van het Centraal Bureau van Statistiek (CBS). Zodra een huis bewoond wordt begint het CBS met het verzamelen van data. Deze verschillende datasets worden interessant als je ze gaat combineren, stelt hij. De data is allemaal te vinden op de website onder de categorie ‘bouwen en wonen’ van het CBS. Datasets over bouwen leven in Nederland, vertelt Erwin: zes van de tien meest gebruikte datasets van het CBS zijn datasets over wonen.

 

“Datasets over bouwen leven in Nederland, zes van de tien meest gebruikte datasets zijn over wonen.”

 

 

Na de vier interessante presentaties was de beurt aan publiek om vragen te stellen, onder moderatie van Paul Suijkerbuijk (LEOO).
Hoe komen we in de komende 2 jaar aan gefundeerde keuzes?
BZK: Je kunt data gebrouwen bij het onderbouwen van een keuze maar niet bij het maken ervan. We moeten volgens de omgevingswet beslissingen nemen op basis van participatie. We gebruiken data om de puzzel in elkaar te zetten.
Bregje: Als beginnend ambtenaar is mijn missie zoveel mogelijk naar buiten te gaan om daar op te halen wat er speelt!
Mark: Je wil land en stad meenemen in beslissingen rondom wonen. We moeten deze uitdagingen meenemen en hier gepaste technologie op ontwikkelen. Data heeft de mogelijkheid om allemaal scenario’s te maken en zo mensen op de juiste manier te informeren. We moeten eerst vertrouwen en begrip creëren voordat we het gesprek kunnen voeren.

Aankomende 3 en 17 december worden er weer interessante bijeenkomsten georganiseerd, wees erbij!

 

Welke open data toepassing verdient 20.000 euro?

Een manier om de waarde van open data te laten zien, is door te kijken naar de toepassing ervan. Dat is ook een van de doelen van de Stuiveling Open Data Award, kortweg SODA: laten zien wat er mogelijk is met open data en het gebruik ervan stimuleren. Want open data hergebruikers zijn vaak onzichtbare helden en heldinnen: ze maken de meest fantastische websites, apps en visualisaties, terwijl we vaak niet eens in de gaten hebben dat zij open data voor ons op een gebruiksvriendelijke manier toegankelijk maken.

Doe mee!
De SODA staat open voor iedereen die een toepassing heeft gemaakt waarbij open data van een Nederlandse publieke organisatie gebruikt wordt, zoals een website, app of visualisatie. Natuurlijk mag er gecombineerd worden met andere soorten (open) data. Zowel bestaande toepassingen als nieuwe ideeën maken kans, wel moet het minimaal een werkend prototype zijn. Publieke en private organisaties zijn welkom om mee te doen. Zowel bedrijven en startups als overheidsorganisaties en maatschappelijke organisaties maken kans op de award. Je kunt tot en met 5 september een inzending doen door middel van het deelnameformulier. Daarnaast is het dit jaar voor het eerst mogelijk om te nomineren. Dus ken jij een prachtige toepassing die gebruik maakt van open data? Nomineer deze dan!

De prijs
De winnaar ontvangt de award, positieve publiciteit en €20.000,-. Het prijzengeld is bedoeld voor de verdere ontwikkeling van de open data toepassing, of voor inspanningen die het beschikbaar stellen of het gebruik van open data ten goede komen.

Open data?
Open data zijn data die openbaar zijn, vrij beschikbaar en vrij van auteursrechten of andere rechten van derden. Ze zijn computerleesbaar en voldoen bij voorkeur aan open standaarden. Open data zijn voor hergebruik beschikbaar zonder beperkingen als kosten of verplichte registratie.

Uitreiking
Wil je bij de uitreiking aanwezig zijn? Dat kan! De uitreiking van SODA2018 vindt plaats tijdens de Innovation Expo op 4 oktober in de Onderzeebootloods in Rotterdam. Daar overhandigt Raymond Knops, staatssecretaris van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, de award aan de gelukkige winnaar. Meld je nu aan voor de Innovation Expo, zodat je verzekerd bent van een plek.

Wat vooraf ging
De SODA draagt de naam van de vorige president van de Algemene Rekenkamer, Saskia J. Stuiveling. Zij was een warm pleitbezorger van open data. Haar credo was: “Alle informatie die de overheid heeft is van de mensen. Zij moeten er zelf mee aan de slag kunnen”. Dat er mooie dingen ontstaan als dit mogelijk is, laten de eerdere winnaars van de SODA zien: de eerste SODA werd in 2016 uitgereikt aan startup GreenHome. Hun HuisScan geeft woningeigenaren snel en eenvoudig inzicht in de beste energiebesparende maatregelen voor hun specifieke woning, op basis van open data. In 2017 won ‘Wat kost mijn zorg?’ van de Consumentenbond, een toepassing die transparantie in de zorg stimuleert.

De jury
Wie zich dit jaar winnaar van SODA2018 mag noemen wordt bepaald door een deskundige jury. De jury van SODA2018 bestaat uit Arno Visser (Algemene Rekenkamer, voorzitter), Marianne Linde (gemeente Tilburg), Marleen Stikker (Waag Society), Michiel Leenaars (Internet Society Nederland), Paul Geurts van Kessel (winnaar SODA2016) en Ramona de Jong (winnaar SODA2017).

Jury SODA2018

Terugblik OGP Global Summit 2018 Tbilisi

Tbilisi, de hoofdstad van Georgië, was 17 tot en met 19 juli de ontmoetingsplaats van Open Overheid vertegenwoordigers van over de hele wereld. Deelnemers uit 96 landen en regio’s kwamen bij elkaar voor de Open Government Partnership (OGP) Global Summit. Zij deelden daar zowel resultaten als uitdagingen op het gebied van Open Overheid met elkaar. Onder de deelnemers waren ministers, ambtenaren, politici, wetenschappers, journalisten en maatschappelijke organisaties. Kortom, een divers gezelschap. Ook Nederland nam deel aan de summit en leverde met een workshop een bijdrage aan het programma.

Leren en inspireren
Het doel van de OGP Global Summit was leren van elkaar, elkaar inspireren om het ambitieniveau van Open Overheid acties te verhogen en elkaar handvatten bieden om uitdagende vraagstukken aan te pakken. De focus van de summit lag op het betrekken van het maatschappelijke middenveld, corruptiebestrijding en publieke dienstverlening.

POC dag
Nederland nam 17 juli deel aan de Point of Contact (POC) dag, waarbij onder andere casussen van verschillende landen werden besproken. Dit zorgde voor een interessante inkijk in de kleuren en vormen die Open Overheid in de diverse landen heeft. Zo bracht Tunesië een casus in waarbij watertekort centraal stond, en vroeg Estland om input voor een systeem om interactief wetgeving te maken.

The Dutch way
Na een ontmoeting met de Nederlandse ambassadeur woensdagochtend waarin we hem vertelden over Open Overheid in Nederland, gaven we ‘s middags een workshop. Hierin stonden de Nederlandse Open Overheid aanpak en de ervaringen met het Leer- en Expertisepunt Open Overheid (LEOO) centraal. Eric Stokkink, hoofd van de afdeling Democratie van BZK, vertelde het internationale gezelschap over de Nederlandse benadering van Open Overheid. Leren, bouwen en focussen staan daarbij centraal. Zoals alle 76 OGP landen vinden we daarbij onze weg, binnen onze eigen nationale context. Daarbij leren we van en met de OGP leden. Eric schetste vervolgens de ontwikkeling die Nederland heeft doorgemaakt aan de hand van de verschillende actieplannen Open Overheid. Het eerste actieplan (2012-2015) was een bonte stoet acties vol enthousiasme, met weinig focus. Het tweede actieplan (2015-2018) concentreerde zich rond minder, maar gerichtere acties. Het derde actieplan (2018-2020) is momenteel in wording, focust zich rond drie prioriteiten en is integraal onderdeel van de versterking van de lokale democratie. De drie prioriteiten in het nieuwe actieplan zijn: het stimuleren van open besluitvorming bij gemeenten en provincies, het vergroten van de transparantie van de financiering van politieke partijen in het decentraal bestuur en het versterken van het Pioniersnetwerk Open Overheid voor Gemeenten.

Het parlementsgebouw in Tbilisi, voorzien van OGP
Het parlementsgebouw in Tbilisi, voorzien van OGP banners

Leer- en Expertisepunt Open Overheid
Een van de actiepunten in het tweede actieplan is het Leer- en Expertisepunt Open Overheid (LEOO). Het LEOO is onderdeel van ICTU en werkt in opdracht van BZK. Met een klein en toegewijd team leveren zij expertise en support en ondersteunen zij het beleidsteam van BZK. Marieke Schenk, eindverantwoordelijk coördinator van het LEOO, vertelde de aanwezigen over wat het LEOO doet en wat zij in de loop der jaren geleerd hebben. Zo verzorgt het LEOO onder andere elke twee maanden een update van de actiepunten van het actieplan Open Overheid, organiseren zij stakeholderbijeenkomsten en onderhouden ze het netwerk van professionals dat aan de slag is met Open Overheid.

Als ‘key take outs’ gaf zij het internationale gezelschap mee dat het bouwen van een community van praktijkmensen en makers en hen waarderen, cruciaal is. Ook veel aandacht voor opvolging na bijeenkomsten en aangeven wat er met de inbreng van de buitenwereld gebeurt, is van groot belang. Tot slot geeft Marieke aan dat naast de inhoud ook belangrijk is dat het voor de netwerkpartners leuk is om onderdeel van de community te zijn. Als voorbeeld geeft zij de ‘sneak preview’ voor het nieuwe actieplan, die in maart plaatsvond. Daar stonden de nieuwe actiepunten centraal, opgeluisterd door een rode loper en een popcornmachine.

Vervolgens vertelde Tom Kunzler, interim-directeur van de Open State Foundation, over zijn ervaringen met de samenwerking met BZK en het LEOO. De bemiddelende rol van het LEOO in het contact tussen de NGO Open State Foundation en overheden, ziet Tom als een belangrijke toegevoegde waarde. Als het LEOO aangeeft dat open data beschikbaar stellen meerwaarde heeft, en in veel gevallen probleemloos kan, helpt dit overheden vaak over de drempel. Ook waardeert Tom de rol van BZK en het LEOO bij de totstandkoming van nieuwe actieplannen. Door in gesprek te gaan met maatschappelijke organisaties, het organiseren van bijeenkomsten en het betrekken van andere overheden om hen te laten deelnemen aan het actieplan.


Tweet van ambassadeur Jos Douma (l) en sprekers tijdens de sessie van Nederland (r)

Ook op communicatiegebied heeft het LEOO meerwaarde voor Open State, geeft Tom aan. Door middel van video’s, interviews en handreikingen over Open Overheid in het algemeen, en over de actiepunten waar Open State bij betrokken is, zoals Openspending. “Het LEOO is altijd bereid te helpen om onze projecten en evenementen onder de aandacht te brengen. Vaak hoef ik hier niet eens om te vragen, omdat ze dit uit zichzelf al oppakken.”

Informele uitwisseling
Een interessant en leuk aspect aan een wereldwijde summit is ook de informele uitwisseling met collega’s. Zo ontvingen we complimenten over onze website van Portugal en gaf Australië aan de Nederlandse aanpak één op één over te willen nemen. Een hoop indrukken en contacten rijker vertrokken we terug naar Nederland!

Informele uitwisseling tijdens de opening (l) en kennisdeling tijdens de POC dag (r) 
Informele uitwisseling tijdens de opening (l) en kennisdeling tijdens de POC dag (r)

Reisverslag Open Gov Week

Van 7 tot en met 11 mei was het Open Gov Week, oftewel internationale Open Overheid week. Het Open Overheid beleidsteam van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) en het Leer- en Expertisepunt Open Overheid (LEOO) grepen deze week aan om initiatieven die de verbinding tussen burgers en overheden versterken onder de aandacht te brengen en het belang hiervan te onderstrepen. Dit deden we onder meer door samen met anderen bijeenkomsten in het hele land te organiseren. We bezochten twee bijeenkomsten en maakten een reisverslag van onze belevenissen.

Open Gov Week dag #1: Open Lunch in Lochem
Met een speciale Open Gov Week nieuwsbrief trapten we de Open Overheid week af. Hierin viel te lezen welke bijeenkomsten er plaatsvonden. Ook lanceerden we in deze nieuwsbrief de Open Poster, met tips voor een opener overheid.  Daarna stapten we in de trein naar Lochem. Toen we burgemeester Sebastiaan van ’t Erve vroegen om een Open Overheid bijeenkomst te organiseren bij hem in het gemeentehuis, hoefde hij niet lang na te denken. “Kom maar langs!”, was zijn reactie. Na een warm welkom door Sebastiaan zelf, dook Paul Suijkerbuijk (LEOO) met de deelnemers in de wereld van Open Overheid en Open Data.

Paul benadrukte hoe belangrijk het is om met elkaar in gesprek te gaan en als gemeente een proces te organiseren om aan transparantie te werken en Open Data beschikbaar te maken. En nee, dat is niet gemakkelijk, maar probeer het in ieder geval. De cultuurverandering die Open Overheid heet moet echt een plek krijgen in de organisatie. De maatschappelijke vraag staat hierbij centraal en Open Data en een Open Aanpak zijn het uitgangspunt om aan die vraag te werken.

Open Gov Week dag # 2: in de toren van BZK
Het contrast kon haast niet groter: na een mooie dag in Lochem zaten we dinsdag in ‘de toren’ van BZK. Ook hier valt het nodige te doen aan de verbinding met buiten. En dus hingen we bij BZK de Open Poster op en zorgden we ervoor dat onze collega’s de speciale Open Overheid nieuwsbrief in hun mailbox kregen.

Ook twitterden we mee met het Open Government Partnership (OGP), initiator van de internationale Open Overheid week, over #OpenGovWeek en plaatsen we een bericht over de nieuwe Open Overheid Academy van Waag Society.

Open Gov Week dag #3: op naar het noorden
Deze week maakte maar weer eens duidelijk hoe wij niet gewend zijn om vanuit Den Haag het land in te trekken. En dan echt het land in, naar plekken die op een paar uur treinen van Den Haag liggen. Na een overstap in Groningen vervolgden we het laatste deel van ons traject naar het prachtige Winsum. Wederom wachtte ons een warm welkom, dit keer door wethouder Marc Verschuren. In een divers gezelschap gingen we het gesprek aan over Open Overheid.

Paul leidde aan de hand van zijn presentatie het gesprek over Open Overheid in. Enkele onvermijdelijke begrippen en wetten passeerden daarbij ook de revue. Zoals de Wob: Wet openbaarheid van bestuur. Paul is bijzonder positief over deze wet: “Op dagen dat er een Wob-verzoek binnenkomt moet je eigenlijk een fles champagne opentrekken. Het is een teken dat burgers meer willen weten over wat je eigenlijk doet op het gemeentehuis.”

Naast begrippen en wetten ging het gesprek vooral over de praktijk. En in het geval van Groningse gemeenten gaat het dan vaak over aardbevingen. De aardbevingen maken veel los bij mensen en gemeenten maken zich zorgen. “We zien niet alles, sommige mensen zijn iets minder mondig bijvoorbeeld.” In één van de dorpen gaat de burgemeester daarom langs de deuren om beter contact te krijgen. Een interessante Open Data toepassing die ook aan bod komt is ‘Aardbevingen Groningen’. Deze visualisatie laat zien waar en wanneer aardbevingen plaatsvonden in Groningen. En dat zijn er veel meer dan ‘wij in het westen’ beseffen.

Tot slot deelde een van de aanwezigen dat er voor alle medewerkers van de gemeente nu een training is over hoe je de maatschappelijke vraag anders benadert. ‘Participatie met lef’ heet deze training. Wij horen hier natuurlijk graag meer over, wellicht in een gastblog?

Gastblogs ter ere van Open Overheid week
Hemelvaartsdag viel precies in Open Overheid week en maakte de week voor ons iets korter. Er waren op donderdag en vrijdag geen bijeenkomsten, wel werd er nog getwitterd en schreven de provincie Zuid-Holland en de initiatiefnemers van Onbegluurd een gastblog ter ere van Open Gov Week.

Oproep: mogen we bij jou komen werken?
Open Overheid week smaakt naar meer! Wij willen vaker het land in, in gesprek met lokale overheden en met burgers. Daarom willen wij gaan werken op locatie, bijvoorbeeld bij jou op het gemeentehuis. Heeft jouw gemeentehuis een koffiehoek of tafel waar we kunnen neerstrijken voor een dag? Laat het ons dan weten!

Kun jij ook geen genoeg krijgen van Open Overheid week?
Bekijk dan:
– de presentatie van Paul Suijkerbuijk;
– de Open Poster;
– schrijf een Open Blog.

Waag lanceert Open Overheid Academy

Tijdens internationale Open Overheid week, oftewel Open Gov Week, lanceert Waag haar Open Overheid Academy programma. Waag werkt al jaren aan nationale en internationale Open Overheid projecten en is agenda-zettend geweest voor belangrijke ontwikkelingen zoals open data, digitale identiteit en smart citizen. In onze academy leren beleidsmakers en beslissers de vaardigheden die ze nodig hebben om een innovatieve technologie agenda neer te zetten in hun organisatie. Daarbij staan co-creatie, design thinking en open & agile development centraal.

Bekijk hier het Open Overheid Academy programma van Waag.

Open Overheid academy Waag

 

 

 

Infographic: Open Government Partnership (OGP) wereldwijd

Het Open Government Partnership (OGP) ondersteunt zowel overheden als maatschappelijke organisaties bij hun inzet om Open Overheid hoog op de politieke agenda’s te zetten en veranderingen door te voeren. Daarnaast brengt OGP landen uit de hele wereld bij elkaar om samen op te trekken en van elkaars Open Overheid ervaringen te leren.

In deze infographic vind je de missie en focus van OGP, inspirerende internationale voorbeelden en een weergave van de deelnemende landen. Ook lees je er welke actiepunten in het huidige Nederlandse Actieplan Open Overheid staan, en hoe jij zelf kunt bijdragen aan deze wereldwijde beweging.

Bekijk de infographic op volledige grootte, waarbij je kunt doorklikken naar relevante bronnen!

Afbeelding van Infographic OGP