Expertisepunt Open Overheid

Terugblik auditoriumbijeenkomst 12 november ‘Bouwen op Data’

Op 12 november 2018 stond de auditoriumbijeenkomst bij het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties in het teken van hoe open data een bijdrage kan leveren aan woon- en bouwvraagstukken. Marieke Schenk (eindverantwoordelijk coördinator van het Leer- en Expertisepunt Open Overheid) opent de bijeenkomst met een quote van Jan Schaefer, destijds wethouder in Amsterdam: “In gelul kun je niet wonen”. Bekende woorden uit alweer de jaren zeventig van de vorige eeuw. “In gelul kun je niet wonen. En ik vrees.. dat voor data hetzelfde geldt. Je kunt er niet in wonen. Wat we wel kunnen met data, is inzicht krijgen in woningmarkt- en bouwvraagstukken, zodat we die beter aan kunnen pakken.” Daarvan lieten de sprekers vervolgens overtuigende voorbeelden zien.

Data om gesprekken te faciliteren
Bregje Thijssen (DisGover) bijt de spits af. Samen met haar collega-trainees organiseerde zij een debat rondom het woningbouwvraagstuk waarbij je data gebruikt om de feiten boven tafel te krijgen.

In het vooronderzoek kwamen ze erachter dat er enorm veel stakeholders zijn en dat er veel verschil is tussen gemeenten in de ‘data-volwassenheid’ en het soort woonprobleem. Een overeenkomst in gemeenten is dat ze burgers willen betrekken in de besluitvorming rondom woningbouwvraagstukken. Door de input van stakeholders in het vooronderzoek veranderde de behoefte rondom het woningbouwvraagstuk: er moet geen debat worden georganiseerd maar het gesprek tussen de verschillende stakeholders moet gefaciliteerd worden. Alle stakeholders willen namelijk uiteindelijk hetzelfde: fijn en betaalbaar wonen!

Woonbehoefte, burgerparticipatie en woonconcepten
Tijdens het eindevenement in Hilvarenbeek werd aan de hand van de thema’s woonbehoefte, burgerparticipatie en woonconcepten het gesprek tussen de verschillende stakeholders gefaciliteerd door de groep DisGover-trainees. Uit het evenement kwamen een aantal aanbevelingen:

  1. participatie werkt alleen als er ruimte voor is;
  2. laat burgers meedenken van begin tot eind;
  3. bespreek de beschikbare data om het op de juiste manier te interpreteren;
  4. werk met iteratieve en verkorte projecten.

Bregje is voor het gebruik van data om gesprekken te faciliteren. Data heeft geen emotionele lading en is daarom een goed hulpmiddel in gesprekken, meent zij.

Een stad is onderhevig aan constante verandering
Mark van der Net werkt bij het DataLab van de Gemeente Amsterdam. Vanuit het idee dat de stad nooit af is en er constante verandering plaatsvindt zijn ze met een diverse groep mensen bezig met ideeën omzetten naar technische innovaties. Ze zien in de droomstad van Google een uitdaging. Hoe kan een stad functioneren in de 21ste eeuw? Aan welke voorwaarden moet worden voldaan en hoe kunnen we publieke waarden voorop stellen? Bij de gemeente werken brengt mee dat alle belangrijke maatschappelijke thema’s vanzelf op je bordje belanden en je aan het werk bent met de meest uitdagende vraagstukken! Mark geeft aan dat het van belang is dat gemeenten met de inzet van talent het verschil inhaalt tussen publieke en private sector.

Inzicht bieden door visualisaties
Het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) komt voor enorme uitdagingen te staan door het nieuwe klimaatakkoord. Kunnen we kennisinfrastructuren opzetten waarbij we de behoefte van de burger in kaart kunnen brengen?  Door middel van een filmpje illustreren Joram en Jorrit van BZK wat data kan betekenen voor bewoners. Door  visualisaties kunnen burgers meer inzicht krijgen in de mogelijkheden en beter meepraten over toekomstige beslissingen.

Data wordt interessant als je verschillende datasets combineert
Als laatste was Erwin van Mierlo (CBS) aan het woord. Hij gaf ons een kijkje in alle beschikbare data over bouwen en wonen van het Centraal Bureau van Statistiek (CBS). Zodra een huis bewoond wordt begint het CBS met het verzamelen van data. Deze verschillende datasets worden interessant als je ze gaat combineren, stelt hij. De data is allemaal te vinden op de website onder de categorie ‘bouwen en wonen’ van het CBS. Datasets over bouwen leven in Nederland, vertelt Erwin: zes van de tien meest gebruikte datasets van het CBS zijn datasets over wonen.

 

“Datasets over bouwen leven in Nederland, zes van de tien meest gebruikte datasets zijn over wonen.”

 

 

Na de vier interessante presentaties was de beurt aan publiek om vragen te stellen, onder moderatie van Paul Suijkerbuijk (LEOO).
Hoe komen we in de komende 2 jaar aan gefundeerde keuzes?
BZK: Je kunt data gebrouwen bij het onderbouwen van een keuze maar niet bij het maken ervan. We moeten volgens de omgevingswet beslissingen nemen op basis van participatie. We gebruiken data om de puzzel in elkaar te zetten.
Bregje: Als beginnend ambtenaar is mijn missie zoveel mogelijk naar buiten te gaan om daar op te halen wat er speelt!
Mark: Je wil land en stad meenemen in beslissingen rondom wonen. We moeten deze uitdagingen meenemen en hier gepaste technologie op ontwikkelen. Data heeft de mogelijkheid om allemaal scenario’s te maken en zo mensen op de juiste manier te informeren. We moeten eerst vertrouwen en begrip creëren voordat we het gesprek kunnen voeren.

Aankomende 3 en 17 december worden er weer interessante bijeenkomsten georganiseerd, wees erbij!

 

Gastblog Bregje Thijssen: ‘Bouwen op Data’

Auteur: Bregje Thijssen (DisGover)

Het woningbouwvraagstuk is een ingewikkelde. Daarom zijn wij (zeven trainees van DisGover) aan de slag gegaan om hierover het gesprek te voeren met verschillende stakeholders en inwoners. Een gesprek over wonen is vaak emotioneel, want wonen is iets heel wezenlijks en we wonen allemaal. Data kan helpen om het vraagstuk meer feitelijk aan te vliegen. Tijdens deze gesprekken hebben we geprobeerd om relevante data inzichtelijk te maken en in te zetten in het gesprek. Doel van ons project is om op een innovatieve manier te participeren met inwoners en stakeholders, en deze gesprekken met relevante data te onderbouwen.

Uitkomsten vooronderzoek
Na een uitgebreid vooronderzoek trokken we een aantal conclusies: het woningbouwvraagstuk is complexer dan we in eerste instantie dachten en bovendien zijn er meer betrokkenen dan je op het eerste gezicht ziet.

Zo spraken we verschillende gemeenteambtenaren. Van grote gemeenten met een flinke binnenstedelijke bouwopgave zoals de gemeente Leiden, tot kleinere gemeenten die kampen met krimp en vergrijzing zoals de gemeente Midden-Delftland. De uitdagingen rondom wonen verschillen dus erg per gemeente. Daarnaast verschilt ook de “data-volwassenheid” van gemeenten enorm. Waar de gemeente Zaanstad verschillende data-analisten en -scientists in dienst heeft, welke prachtige data pakhuizen en dashboards ontwikkelen, heeft de gemeente Hilvarenbeek slechts één ambtenaar in dienst die 4 uur per week beschikbaar is om datagestuurd werken op poten te krijgen. Uiteraard is dit geheel afhankelijk van de grootte van de gemeente en van de prioriteiten van de Raad.

Wat we ook merkten is dat gemeenten ontzettend graag met inwoners in gesprek willen, maar vaak nog niet goed weten hoe. En waar participeren in het ene geval ontzettend waardevol is, kan het is het andere geval meer kapot maken dan je lief is. Want op het moment dat er eigenlijk geen ruimte is voor participatie (wanneer er al beslissingen genomen zijn, de kaders heel beperkend of het budget gewoon te klein) kun je beter niet participeren. Wanneer een inwoner participeert en daarna niks meer hoort, daalt het vertrouwen. En dat is heel logisch.

Participeren kun je leren
Wij wilden het goede voorbeeld geven. We organiseerden een aantal kleine evenementen met verschillende doelgroepen. En in plaats van dat vanuit de ivoren toren te doen (zoals het ministerie of het stadhuis) kwamen wij naar mensen toe. Uit deze evenementen haalden we input op voor ons grote eindevenement en concrete ideeën voor ons adviesrapport. Op het eindevenement brachten we iedereen die het gesprek wilde aangaan over het woning(bouw)vraagstuk bijeen. We spraken op een informele manier en aan de hand van concrete casussen met elkaar over wonen. Een raadslid kon zo eens door de bril van een inwoner naar het thema kijken. En een toezichthouder bekeek de mogelijkheden door de ogen van een projectontwikkelaar. Dit was heel verfrissend, want waar de meningen soms tegengesteld zijn, willen we uiteindelijk allemaal hetzelfde: fijn en betaalbaar wonen. En dat is voor iedereen anders, maar ons doel is gemeenschappelijk. De adviezen uit alle bijeenkomsten zijn gepresenteerd op de Open Overheid-bijeenkomst ‘’Bouwen op Data’’ en samengevoegd in een adviesrapport. En met enige trots kijk ik terug op wat we afgelopen half jaar bereikt en geleerd hebben.

Heb je een vraag of wil je doorpraten? Mail mij op b.thijssen@disgover.nl

Gebruik jij Open Data? Geef jouw mening!

In opdracht van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties doet het kenniscentrum Open Data van de TUdelft onderzoek naar het hergebruik van Open Data.

Gebruik jij Open Data en wil je laten weten wat jij verbeterpunten vindt?
Vul dan nu de vragenlijst in!

Jouw inbreng wordt gewaardeerd!

 

Welke open data toepassing verdient 20.000 euro?

Een manier om de waarde van open data te laten zien, is door te kijken naar de toepassing ervan. Dat is ook een van de doelen van de Stuiveling Open Data Award, kortweg SODA: laten zien wat er mogelijk is met open data en het gebruik ervan stimuleren. Want open data hergebruikers zijn vaak onzichtbare helden en heldinnen: ze maken de meest fantastische websites, apps en visualisaties, terwijl we vaak niet eens in de gaten hebben dat zij open data voor ons op een gebruiksvriendelijke manier toegankelijk maken.

Doe mee!
De SODA staat open voor iedereen die een toepassing heeft gemaakt waarbij open data van een Nederlandse publieke organisatie gebruikt wordt, zoals een website, app of visualisatie. Natuurlijk mag er gecombineerd worden met andere soorten (open) data. Zowel bestaande toepassingen als nieuwe ideeën maken kans, wel moet het minimaal een werkend prototype zijn. Publieke en private organisaties zijn welkom om mee te doen. Zowel bedrijven en startups als overheidsorganisaties en maatschappelijke organisaties maken kans op de award. Je kunt tot en met 5 september een inzending doen door middel van het deelnameformulier. Daarnaast is het dit jaar voor het eerst mogelijk om te nomineren. Dus ken jij een prachtige toepassing die gebruik maakt van open data? Nomineer deze dan!

De prijs
De winnaar ontvangt de award, positieve publiciteit en €20.000,-. Het prijzengeld is bedoeld voor de verdere ontwikkeling van de open data toepassing, of voor inspanningen die het beschikbaar stellen of het gebruik van open data ten goede komen.

Open data?
Open data zijn data die openbaar zijn, vrij beschikbaar en vrij van auteursrechten of andere rechten van derden. Ze zijn computerleesbaar en voldoen bij voorkeur aan open standaarden. Open data zijn voor hergebruik beschikbaar zonder beperkingen als kosten of verplichte registratie.

Uitreiking
Wil je bij de uitreiking aanwezig zijn? Dat kan! De uitreiking van SODA2018 vindt plaats tijdens de Innovation Expo op 4 oktober in de Onderzeebootloods in Rotterdam. Daar overhandigt Raymond Knops, staatssecretaris van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, de award aan de gelukkige winnaar. Meld je nu aan voor de Innovation Expo, zodat je verzekerd bent van een plek.

Wat vooraf ging
De SODA draagt de naam van de vorige president van de Algemene Rekenkamer, Saskia J. Stuiveling. Zij was een warm pleitbezorger van open data. Haar credo was: “Alle informatie die de overheid heeft is van de mensen. Zij moeten er zelf mee aan de slag kunnen”. Dat er mooie dingen ontstaan als dit mogelijk is, laten de eerdere winnaars van de SODA zien: de eerste SODA werd in 2016 uitgereikt aan startup GreenHome. Hun HuisScan geeft woningeigenaren snel en eenvoudig inzicht in de beste energiebesparende maatregelen voor hun specifieke woning, op basis van open data. In 2017 won ‘Wat kost mijn zorg?’ van de Consumentenbond, een toepassing die transparantie in de zorg stimuleert.

De jury
Wie zich dit jaar winnaar van SODA2018 mag noemen wordt bepaald door een deskundige jury. De jury van SODA2018 bestaat uit Arno Visser (Algemene Rekenkamer, voorzitter), Marianne Linde (gemeente Tilburg), Marleen Stikker (Waag Society), Michiel Leenaars (Internet Society Nederland), Paul Geurts van Kessel (winnaar SODA2016) en Ramona de Jong (winnaar SODA2017).

Jury SODA2018

Open Data helpt je naar de stembus: waarismijnstemlokaal.nl

Nieuwsbericht van Open State Foundation:

Om kiezers op 21 maart te helpen bij het vinden van een stembureau is vanaf 19 maart de website waarismijnstemlokaal.nl gelanceerd met alle meer dan 9 duizend stembureaus. Niet alleen kun je via de website ‘Waar is mijn stemlokaal?’ een stembureaus vinden maar is ook andere informatie, zoals openingstijden en rolstoeltoegankelijkheid beschikbaar. Het is voor het eerst dat informatie van alle stembureaus op een gestandaardiseerde wijze is gebundeld en voor iedereen beschikbaar gesteld als open data. Daarmee kan iedereen de stembureaus in alle gemeenten vinden en zijn de data voor iedereen te gebruiken.

Bekijk hier data Stembureaus raadgevend referendum (csv) en gemeenteraadsverkiezingen (csv)

Bij de Tweede Kamerverkiezingen in 2017 verzamelde Open State Foundation de informatie over stemlokalen handmatig via websites van gemeenten. Elke gemeente publiceerde toen de eigen informatie over stembureaus op een eigen wijze. Open State Foundation publiceerde de verzamelde informatie via een online kaart dat werd gedeeld via Facebook waardoor ruim een miljoen Nederlanders een stemlokaal kon vinden.

Stemlokalen standaard
Gemeenten hebben nu zelf hun lijst met stembureaus aangeleverd volgens een standaard die gemeenten in samenwerking met VNG begin dit jaar hebben opgesteld. De helft van alle gemeenten hebben nu zelf de informatie over stemlokalen beschikbaar gesteld volgens dezelfde standaard. De rest is aangevuld met data verzameld door de Geodienst van de Rijksuniversiteit Groningen.

Duurzame oplossing
‘Dat gemeenten nu zelf volgens dezelfde standaard informatie over stemlokalen beschikbaar maken is een belangrijke stap om open data van gemeenten voor iedereen toegankelijk te maken via een centrale plek’, zegt Tom Kunzler van Open State Foundation. ‘Dit is een duurzame oplossing. Volgend jaar zijn er wederom verkiezingen, voor de Provinciale Staten en het Europees parlement. Gemeenten hoeven dan alleen nog maar wijzigingen door te geven.’

Op 21 maart a.s. plaatst Facebook wederom de ‘Facebook Stemoproep’ online met daarin een link naar de kaart met stemlokalen op waarismijnstemlokaal. Het project ‘Waar is mijn stemlokaal?‘ is een initiatief van Open State Foundation met steun van het Ministerie van Binnenlandse Zaken in samenwerking met VNG Realisatie, Civity, RUG Geodienst and BKB|Het Campagnebureau.

Bekijk hier het nieuwsbericht op de website van Open State Foundation.

Iedere dag een open data dag

Vijf open data ontwikkelingen

Open data zijn overal. We navigeren er op los in het verkeer, gebruiken buienradar om de regen te ontwijken, zoeken de handigste routes voor het openbaar vervoer en bestellen eten online. We bekijken informatie over zorg en scholen en de uitgaven van overheden. In al deze gevallen gebruiken we open data, vaak zonder dat we het in de gaten hebben. 3 maart is het internationale open data dag. Een mooi moment om stil te staan bij waar we staan. Hieronder schetsen we vijf ontwikkelingen.

Hoe het begon: van maatwerkafspraken naar open data
Het hergebruik van overheidsdata kent een lange geschiedenis. Vooral bij kaarten, plattegronden en andere geografische informatie is het van oudsher goed gebruik dat overheden en marktpartijen elkaars data benutten. Om van deze data te kunnen profiteren stemmen overheidsorganisaties die data aanbieden en organisaties die data gebruiken met elkaar af onder welke voorwaarden dit gebeurt. Op deze manier benutten beide partijen de waarde van deze data voor een specifiek doel.

Rond 2010 zijn overheden in Nederland aan de slag gegaan met het beschikbaar stellen van data als open data. Overheidsorganisaties stellen open data beschikbaar zonder een onderliggende afspraak met een hergebruiker van die data. Parallel hieraan bleven maatwerkafspraken tussen leveranciers van data en hergebruikers bestaan, al maakte open data specifieke afspraken in veel gevallen overbodig: de data werd daarmee immers voor iedereen vrij beschikbaar. Bij open data ontbreekt aanvankelijk een toepassing als drijfveer om data beschikbaar te stellen. Hiermee heeft er een ontkoppeling plaatsgevonden tussen de aanbieder en de gebruiker van data en zijn beiden zich onafhankelijk van elkaar gaan ontwikkelen. Open data leveren daardoor naast de geijkte toepassingen die maatwerkafspraken voortbrengen, ook onverwachte innovatieve toepassingen op.

Wat is open data?
Open data zijn data die openbaar zijn, vrij beschikbaar en vrij van auteursrechten of andere rechten van derden. Ze zijn computer-leesbaar en voldoen bij voorkeur aan open standaarden. Open data zijn voor hergebruik beschikbaar zonder beperkingen als kosten of verplichte registratie.

Van hype naar productiviteit
In 2010 startten de eerste overheidsorganisaties enthousiast met open data. Rond 2012 piekte de hype: gemeentelijke open data portalen schoten als paddenstoelen uit de grond, overheden organiseerden tal van hackathons en app-wedstrijden. Open data was een grote belofte waarbij nieuwe toepassingen en diensten lonkten. Toch werd de beloofde potentie lang niet altijd verzilverd. Om in termen van de Gartner hype cycle te spreken: na de ‘piek van opgeblazen verwachtingen’ belandde men ontgoocheld in de ‘trog van desillusie’. Alle inspanningen ten spijt bleken lokale open data voor ontwikkelaars maar matig interessant. En data beschikbaar stellen is één ding, voor het ontstaan van nieuwe toepassingen is vaak meer nodig dan dat.

Inmiddels zijn we in 2018 opgeklommen uit het dal en bewegen we steeds meer naar het ‘plateau van productiviteit’: vanuit de overheid is er steeds meer data beschikbaar, die op continue basis worden gebruikt voor diensten en toepassingen. Ook is er steeds meer aandacht gekomen voor het stimuleren van het gebruik van open data.

Ook hergebruikers hebben niet stil gezeten. Er zijn gigantisch veel toepassingen ontstaan. Zo maakt een toepassing als GoOV het voor mensen met een beperking mogelijk om gebruik te maken van het openbaar vervoer. GreenHome gebruikt in hun HuisScan tal van open data bronnen om te laten zien hoe je je huis kunt verduurzamen. En de Consumentenbond geeft consumenten met ‘Wat kost mijn zorg?’ meer inzicht in medische behandelingen bij verschillende ziekenhuizen en verzekeraars.

Er is de afgelopen jaren meer bewustzijn ontstaan over het gebruik van data en meer besef over de waarde ervan. Data-inventarisaties leverden bij departementen en gemeenten meer inzicht op in welke data ze in huis hebben en welke ze daarvan als open data beschikbaar kunnen stellen. Ook op het gebied van cultuur, houding en gedrag is binnen overheidsorganisaties het nodige veranderd. Veel overheidsorganisaties maakten een omslag in het denken, vanuit de opvatting dat open data toebehoren aan het publiek. Om de vorige president van de Algemene Rekenkamer, wijlen Saskia J. Stuiveling, te citeren: “Alle informatie die de overheid heeft is van de mensen. Zij moeten er zelf mee aan de slag kunnen”.

Bovendien merken overheidsorganisaties dat open data beschikbaar stellen hen zelf veel oplevert: meer aandacht voor de kwaliteit van data, een betere vindbaarheid en de mogelijkheid dankbaar gebruik te maken van de open data van andere overheidsorganisaties. In 2017 onderzocht de TU Delft de maatschappelijke kosten en baten van open data, waaruit blijkt dat open data in algemene zin meer oplevert dan het kost.

Van klein naar groots
Momenteel wordt volop de slag geslagen van verweesde open data portalen met lokale data, naar het opschalen van data tot nationaal niveau. Zo werkt VNG realisatie aan het standaardiseren van datasets, en het vindbaar maken ervan via het nationale dataportaal data.overheid.nl. Daarbij worden datasets van gemeenten op dezelfde manier beschikbaar gesteld, in plaats van enkel lokaal of  voor elke gemeente op een andere manier. Als dezelfde data van alle gemeenten beschikbaar is, is het voor bijvoorbeeld journalisten en ontwikkelaars aantrekkelijker om deze data te gebruiken. De datasets die aangepakt worden komen voort uit een high value datalijst. High value-datasets zijn datasets met een veronderstelde grote toegevoegde waarde voor de samenleving. Of een dataset high value is, wordt onder meer bepaald door de mate waarin de dataset bijdraagt aan transparantie, wettelijke plicht en potentie van hergebruik. Zo is er een landelijke standaard ontwikkeld voor de locaties van stemlokalen. Daardoor kunnen we op 21 maart via verschillende diensten eenvoudig vinden waar we kunnen stemmen voor de gemeenteraadsverkiezingen. Google en Facebook zullen de data integreren in hun diensten. Iedereen die dat wil kan ook met deze data aan de slag.

Ook wordt er binnen het project Open Raadsinformatie gewerkt aan de uniforme en landelijke ontsluiting van raadsinformatie van gemeenten. Open State Foundation en VNG realisatie ontwikkelden een platform om de raadsinformatie van gemeenten te verzamelen en uniform beschikbaar te stellen als open data. Inmiddels doen meer dan 100 gemeenten mee. Onlangs was er op basis van deze data een hackathon die leidde tot de ontwikkeling van de app ‘waaroverheid.nl’. Deze app geeft inwoners gedetailleerd én gebruiksvriendelijk overzicht van raadsinformatie over hun eigen wijk en buurt.

Van isolatie naar data management in brede zin
Steeds meer overheidsorganisaties ontdekken dat open data ‘in isolatie’ bekijken wellicht niet de meest vruchtbare aanpak is. Hoewel het vaak een prima start oplevert, blijft het volwassenheidsniveau laag, en is het lastig de fase van pilots en ad hoc activiteiten te overstijgen. Open data wordt daarom steeds meer benaderd vanuit het bredere perspectief van data en data management. Datamanagement is kort samengevat aandacht schenken aan de creatie van data, het opslaan, onderhouden en het beschikbaar stellen. Daarbij wordt niet alleen gekeken naar wat open kan, maar juist ook wat naar om meer dan terechte redenen zoals privacybescherming besloten moet blijven. Door deze geïntegreerde aanpak ligt data-gedreven werken ineens veel meer binnen handbereik.

Ook het bredere perspectief van een Open Overheid biedt overheden handvatten om open data in samenhang te bezien: niet alleen vanuit technisch oogpunt, maar bijvoorbeeld ook vanuit het eerder genoemde en niet te onderschatten aspect van cultuurverandering.

Van technologie naar maatschappelijke innovatie
De focus lag bij open data lange tijd op de technische kant. Tegenwoordig groeit het besef dat open data een belangrijke grondstof is voor maatschappelijke innovatie en participatie. Zo wordt open data succesvol ingezet bij projecten waarbij burgers meebeslissen over (een deel van) de gemeentebegroting: de ‘burger begroting’. De beschikbaarheid van verantwoordings- en begrotingsinformatie als open data maakt dit mede mogelijk.

Een ander voorbeeld is het FIXXX-team van het Datalab in Amsterdam. De ‘Fixxx-ers’ begeven zich onder de Amsterdammers voor het identificeren en analyseren van problemen in de stad. Ze werken volgens een zelfontwikkelde methode waarbij ze in veertien weken met concrete, praktische oplossingen komen. Hierbij maakt het team waar mogelijk gebruik van open data. Zo ontwikkelden ze een app waarmee touringcarchauffeurs in de stad zo snel mogelijk een parkeerplaats kunnen vinden.

Elke dag een open data dag
Bovenstaande ontwikkelingen laten zien hoe overheid en oplossers bij elkaar gebracht kunnen worden. En dan niet om te komen tot gesloten maatwerkafspraken rond data. Juist om te komen tot de ontwikkeling van een op hergebruik gerichte agenda, met een goed beeld van de te ontwikkelen oplossingen met behulp van open data. Een open aanpak waarin de dialoog tussen hergebruikers en overheidsorganisaties rond maatschappelijke vragen centraal staat.

Er zijn belangrijke stappen gezet de afgelopen jaren, maar klaar zijn we nog lang niet. Zo blijkt de kwaliteit van data niet altijd voldoende, is de koppelbaarheid van de data met andere databestanden vaak beperkt en is de uitleg bij de data niet altijd voldoende voor de hergebruiker om de data goed te kunnen toepassen. Daarnaast is veel waardevolle data simpelweg nog niet beschikbaar als open data. Kortom, er valt nog een hoop werk te verzetten. Daarom blijven open data dagen nodig om de positieve ontwikkelingen van de afgelopen jaren voort te zetten. En niet een keer per jaar, wat ons betreft is iedere dag een open data dag!

Marieke Schenk en Paul Suijkerbuijk schreven dit artikel speciaal voor Open Data Day voor iBestuur.

Tijd voor Open Overheid

2017: een terugblik in 10 gesprekken

Hoeveel tijd besteed jij aan Open Overheid? Vanuit het Leer- en Expertisepunt (LEOO) zijn we er allemaal minstens vier dagen per week erg druk mee. We willen immers bijdragen aan een opener overheid door publieke professionals te ondersteunen en hun actie in beeld te brengen. Zo bouwen we met elkaar aan een community die van elkaar leert en opgedane kennis en expertise deelt. Dit doen we bijvoorbeeld door het voeren van vele gesprekken bij verschillende organisaties en het organiseren van en deelnemen aan bijeenkomsten. Voor de buitenwereld is niet altijd zichtbaar wie wij spreken en waar dat toe leidt. Daarom hier een terugblik op 2017 in 10 gesprekken en bijeenkomsten, van Open Data expert Paul Suijkerbuijk.

1. Belastingdienst
Met de Belastingdienst spraken we over open algoritmen. Data is fantastisch natuurlijk, maar wat er gebeurt met data binnen een organisatie en hoe het wordt verwerkt met andere data om te komen tot de uiteindelijke resultaten zit in algoritmen. Het zou mooi zijn als ook deze algoritmen openbaar gemaakt worden. Dat zorgt voor meer inzicht in besluiten en dan kan men zelf een berekening uitvoeren volgens de rekenregels die een organisatie uitvoert. Misschien vindt dit initiatief een plekje in het nieuwe actieplan Open Overheid?

2. Open Raadsinformatie
Met deelnemers aan het Griffiers Congres sprak ik over het transparant maken van raadsinformatie. Door VNG wordt volop ondersteuning geboden om dit voor elkaar te krijgen, mooi om te zien dat veel griffiers hier mee aan de slag willen! Onder de niet aflatende energie van Robert van Dijk (raadsgriffier te Teylingen) en met de inzet van Tom Kunzler (Open State Foundation) bij VNG gaat dit een succes worden in 2018. De gesprekken die ik gevoerd heb met verschillende raadsgriffiers waren bijzonder positief.

3. Open Contracting
Ook gesprekken gevoerd waar je even over na moet denken. Open Contracting is er zo een. Transparantie omtrent contracten is in Nederland al behoorlijk groot. Met TenderNed en PIANOo wordt al veel informatie over aanbestedingen en contracten gepubliceerd. Deze informatie wordt gepubliceerd in lijn met Europese regelgeving. Nu is er het initiatief van Hivos en het Open Governement Partnership (OGP) om te komen tot een standaard voor het ontsluiten van contract informatie volgens de Open Contract Data Standard. Het omzetten van de bestaande contracting informatie is best een klus terwijl al veel informatie beschikbaar is. Dan is het toch goed zoeken naar argumenten om daar snel mee aan de slag te gaan. Wellicht kunnen we in 2018 komen tot een experiment hiermee.

4. Meetup datagedreven werken bij gemeenten
Data is de basis voor alle processen zoals deze zich binnen een gemeentelijk apparaat afspelen. De expliciete keuze maken om deze data ook in te zetten voor andere processen en taken van de gemeente vergt een ander aanpak. Steeds meer gemeenten zijn hiermee aan het experimenteren in de vorm van datalabs of datacoaches. Waarbij het mij wel opviel dat de experimenten nu nog vooral gericht zijn op het inrichten van de organisatie. Wie gaat er met welke data aan de slag? De vraag waarom en waarvoor kwam tijdens de meetup weinig aan bod. Echter verwacht ik dat op het moment dat de inrichtingsvraag is beantwoord, dit snel aan bod zal komen.

5. Wikimedia
Wikipedia is een belangrijke hergebruiker van data uit het Nationaal Archief. Zo zijn er 5.574 Wikipedia pagina’s met afbeeldingen van het Nationaal Archief. Deze pagina’s met afbeeldingen zijn in November 2017 3.221.507 keer getoond. Een immens aantal. Wie zelf een kijkje wil nemen in rapportages over het gebruik van afbeeldingen in Wikipedia kan terecht op deze pagina. Wikipedia is dus een belangrijke hergebruiker van afbeeldingen. Het zou mooi zijn als nog meer instellingen hun beeldmateriaal beschikbaar stellen voor hergebruik op Wikipedia. Dat het materiaal gebruikt zal gaan worden blijkt wel uit het voorbeeld van het Nationaal Archief.

6. Gesprek met juristen op juridische tweedaags VNG
Open Data aanpakken op een bijeenkomst met juristen is altijd een uitdaging. Dat wat zeker wel openbaar gemaakt kan worden en dat wat zeker niet openbaar gemaakt kan worden, daar hebben we het niet over, maar dat wat op het grensvlak ligt. Daar waar de belangenafwegingen uit de Wob een rol gaan spelen, daar wordt het ingewikkeld en spannend. Hoever ga je met het verwijderen van persoonsgegevens uit een bestand zodat het wel openbaar gemaakt kan worden? Of besluit je in een keer dat het hele bestand niet openbaar gemaakt kan worden omdat er persoonsgegevens in zitten? Ingewikkelde afwegingen als er geen doel bekend is waarvoor de data beschikbaar gemaakt wordt. Daarom zijn we in het gesprek ingegaan op het bedenken van toepassingen die gemaakt zouden kunnen worden met Open Data. En dan blijkt opeens dat het meestal wel mogelijk is om data als Open Data beschikbaar te stellen.

7. Dirk Helbing
Dirk Helbing (o.a. Professor of Computational Social Science in Zurich) schetst de ontwikkelingen rondom data, de harde groei van de hoeveelheid en de belofte erachter: waarheidsvinding en efficiëntie, maar dan beter dan wij mensen kunnen. Artificial Intelligence kan veel oplossingen brengen. De verwachting is dat binnen 20 tot 40 jaar computers slimmer zijn dan mensen via machine learning. Daarbij geeft hij ook direct de kanttekening aan dat patronen in data potentieel fouten bevatten. Als voorbeeld het big data experiment rondom griep van Google. Techniek heeft dus ook keerzijdes waar aandacht voor moet zijn. Via de cookies in je browsers weten bedrijven precies wat je online doet. Dat geeft een gedetailleerd inzicht hoe je jezelf als persoon gedraagt, en dat gaat een zwarte box in van algoritmes. Met behulp van Artificial Intelligence worden er van iedereen digitale persoonlijkheden ontwikkeld (een soort alter ego) met inzichten die men op vele manieren kan inzetten. Naast de inzet voor marketing wordt dit nu ook bijvoorbeeld ingezet in digitale “oorlog”, verwijzend naar de invloed van Rusland op de Amerikaanse verkiezingen en de filter bubbels van Google en Facebook.

8. Gesprek met jongeren over Open Overheid
Bij het verzamelen van inzichten voor het nieuwe actieplan is ook een bijeenkomst georganiseerd met jongeren. Vertegenwoordigers van jongerenorganisaties als het Landelijk Aktie Komitee Scholieren (LAKS), maar ook jongeren afdelingen van partijen als SGP, en de Jonge Democraten waren erbij. Een bijeenkomst met veel energie. Vertrouwen was een belangrijk onderwerp van gesprek. Hoe kan meer openheid en transparantie van de overheid leiden tot meer vertrouwen in die overheid? In een wereld waar nepnieuws aan de orde van de dag is en de Overheid zich ook niet altijd van de beste kant laat zien. Ook de ontwikkeling van vaardigheden in het omgaan met data wordt belangrijk gevonden. Het zelf kunnen vormen van een mening over een situatie op basis van data is belangrijk, aldus de jongeren.

9. Praktijkbeproeving standaarden Open Data
Met VNG zijn gesprekken gevoerd over het opstellen van standaarden voor Open Data. VNG Realisatie heeft, samen met een community van gemeenten en kennisorganisaties, een verkenning uitgevoerd naar een versnelling van Open Data bij gemeenten, met als resultaat een High Value Dataset List (HVDL). Deze lijst dient in eerste instantie als houvast voor gemeenten om gericht Open Data sets te ontsluiten en te publiceren. Het ontbreekt dan nog steeds aan een gestandaardiseerde set van afspraken over onder andere de inhoud, context en techniek die per dataset benodigd zijn om tot centrale, landelijke datasets te komen. En gemeentelijke landelijke datasets stimuleren nu juist innovatie. In de praktijkbeproeving wordt gewerkt met prototypen open datasets (HVDL) die in verband staan met maatschappelijke waarden als bereikbaarheid, transparantie en participatie. De volgende gemeenten doen mee: Drechtsteden, Lansingerland, Gouda, Den Haag, Waddinxveen, Gorinchem, Arnhem, Woerden, Delft, Enschede, Almere en Leidschendam-Voorburg.

10. Roemeense delegatie Open Overheid
Via de ambassade in Roemenië kwam de vraag of we een delegatie van de Roemeense overheid konden ontvangen. Alzo geschiedde. Een mooie bijeenkomst, goed om te zien dat Nederland niet alleen voorloopt, maar ook op punten achterloopt. Zo is de Roemeense ontsluiting van wetgeving beter gestroomlijnd dan in Nederland. Er blijkt voor ons dus nog winst te behalen. Op de aanpak van de ontsluiting van high value data blijkt uit ervaringen in Roemenië dat het lastig is om vast te stellen wat high value dan precies is. Nuttig om te sparren met andere landen en ervaringen uit te wisselen.

 

31 inzendingen voor SODA2017

De wedstrijd voor SODA2017 is nu officieel gesloten. Op vrijdag 15 september kwamen de laatste Open Data toepassingen binnen als kanshebber voor de tweede editie van de Stuiveling Open Data Award (SODA). We wachten vol spanning af: wat vindt de SODA jury van de inzendingen?

Maak kennis met de finalisten
De SODA jury bespreekt de inzendingen en maakt vervolgens een voorselectie van de inzendingen. De finalisten presenteren zich tijdens de awardbijeenkomst op 16 november aan jury en publiek. Wil je hier bij zijn? Dat kan! De awardbijeenkomst vindt plaats tijdens het Jaarcongres ECP. Je kunt je hier nu al voor aanmelden.

De SODA jury spreekt zich uiterlijk 1 november uit over de voorselectie. Natuurlijk plaatsen wij dan ook een bericht op SODA2017.nl.

Jaarcongres ECP
Op 16 november 2017 vindt de 20e editie van het Jaarcongres ECP plaats in de Fokker Terminal in Den Haag. Het thema van dit jaar is samen bouwen aan de digitale samenleving. Tijdens het Jaarcongres ECP worden de bouwstenen van de digitale samenleving besproken, van trends als cloud computing, big data en blockchain tot de benodigde randvoorwaarden als digitale vaardigheden, privacy en cybersecurity.

Over SODA
De Stuiveling Open Data Award (SODA) biedt een podium voor de inspanningen van overheidsorganisaties en hergebruikers van open data en beloont bijzondere prestaties met een prijs. In het bijzonder is de Stuiveling Open Data Award bedoeld om zichtbaar te maken wat er mogelijk is met open data en het gebruik van open data te bevorderen. De award wordt dit jaar voor de tweede keer uitgereikt. Meer over SODA.

Vijf vragen over data.overheid.nl

Zorgen dat zoveel mogelijk overheidsorganisaties – ministeries, provincies, gemeenten en ZBO’s – aansluiten op het Open Data register data.overheid.nl. Dat is wat Inger Waling en haar collega’s van het Open Data team bij KOOP (Kennis- en exploitatiecentrum Officiële Overheidspublicaties) doen. Ze bemiddelen tussen hergebruikers en aanbieders: “Denk in beide gevallen aan ons, als je data hebt of juist op zoek bent.”

Inger Waling (externe trainee informatiemanagement via DisGover) is datamanager voor data.overheid.nl bij KOOP. “Aanvankelijk was het voor zes maanden, maar het bevalt zo goed, daarom ben ik nog steeds bezig met Open Data.” De redactie van Rijksportaal stelde haar vijf vragen over data.overheid.nl:

Wie willen Open Data van de overheid hergebruiken?
Neem een scheepsbouwbedrijf. Dat wil voor de bouw van nieuwe schepen die in de Rotterdamse haven zullen varen, weten hoe het staat met de getijden, de diepte van de vaargeulen en dergelijke. Dit soort gegevens is er gewoon én ze zijn vaak verzameld met publiek geld. Zolang het geen vertrouwelijke gegevens zijn, kan die data vaak pro-actief beschikbaar worden gesteld voor hergebruik door derden. Dit is maar een voorbeeld, je kunt het zo gek niet bedenken of er is wel data over die nuttig hergebruikt kan worden.’

Een andere belangrijke reden achter de publicatie van Open Data is Wob-verzoeken voorkomen zeg je. Leg eens uit?
Door organisaties te helpen hun gegevens openbaar te maken, besparen we indirect veel werk en tijd en dus kosten. Bij een Wob-verzoek aan een organisatie gaat de juridische regelgeving in werking en moeten ambtenaren zich goed houden aan de gestelde termijnen. Door data die openbaar mag ook als Open Data te publiceren, kan een groot deel van de Wob-verzoeken worden afgevangen.

Met hoeveel mensen werken jullie aan het beschikbaar maken van deze Open Data?
Mijn collega Jelle en ik zijn een soort vertaler, bemiddelaar en makelaar tussen hergebruikers en aanbieders van open data. Er is een team van zo’n zeven technici, vooral ontwikkelaars, die bezig zijn met bijvoorbeeld de doorontwikkeling van data.overheid.nl, en het beheer en ontwikkelen van standaarden om de data beschikbaar en vindbaar te maken. Bij KOOP werken in totaal zo’n 100 tot 120 mensen, maar die werken aan tal van overheidspublicaties, zoals de Staatscourant, wetten.nl en eigenlijk alles wat op www.overheid.nl te vinden is.

Wat wil je dat wij vooral onthouden van jouw werk?
Ik denk dat het waardevol is om als rijksoverheid te weten welke data er beschikbaar is en die data waar mogelijk ook te gebruiken bij het opstellen of uitvoeren van beleid. Veel open overheidsdata staat al op data.overheid.nl, maar heel veel ook nog niet. Daarvoor wil ik heel graag meer bekendheid genereren. Dus: denk in beide gevallen aan ons, als je data hebt of juist wanneer je ernaar op zoek bent.

Tot slot, waar kunnen we het Open Data register bekijken?
Daarvoor ga je naar data.overheid.nl.

Meer weten?
Kom dan naar de gebruikersbijeenkomst van data.overheid.nl op vrijdag 29 september.

Dit interview werd op 13 augustus 2017 op het Rijksportaal (intranet Rijksoverheid) gepubliceerd door Marjolein Mars.

Aanleiding voor dit korte interview zijn de rijksbrede open data-inventarisatie en de Kamerbrief over het Open Data beleid. De inventarisatie geeft een overzicht van de Open Datasets die de departementen in huis hebben, welke datasets er nieuw zijn bijgekomen en welke datasets we het komende jaar kunnen verwachten.

“Open data biedt ontzettend veel kansen”

De wedstrijd van SODA2017 ging op 9 juni van start tijdens Accountability Hack. Ben je benieuwd hoe het is om mee te doen aan SODA, wil je inspiratie opdoen voor je inzending of wil je meer weten over wat de mogelijkheden zijn met Open Data. Dan hebben we hieronder twee interessante video’s voor je.

Winnaar SODA2016 aan het woord
Startup Bleeve won eind 2016 de eerste Stuiveling Open Data Award (SODA). De HuisScan van Bleeve geeft woningeigenaren snel en eenvoudig inzicht in de beste energiebesparende maatregelen voor hun specifieke woning, op basis van open data. Los van de voordelen die een duurzame woning biedt voor het individu heeft dit ook een positieve maatschappelijke impact.

Paul Geurts van Kessel (van Bleeve) vertelt in dit video-interview hoe het was om mee te doen aan SODA én wat Bleeve precies met open data doet:

“Open data biedt ontzettend veel kansen”
Constantijn van Oranje vertelt waarom hij open data belangrijk vindt en welke kansen open data biedt. Hij roept overheidsorganisaties op het concept van open data te omarmen. “Met open data geef je anderen de kans om mee te ondernemen en hun eigen ruimte vorm te geven.”

Meer weten over SODA2017 en meedoen?
Laat zien wat er mogelijk is met open data en maak kans op 20.000 euro! Deelname staat open voor iedereen die een toepassing heeft gemaakt waarbij open data van publieke organisaties gebruikt wordt, zoals een website, app of visualisatie. Ga naar de website van SODA2017 voor meer informatie.