Expertisepunt Open Overheid

“Open Schiedam geeft antwoord op wat voor een type overheid wij zijn.”

“Open Schiedam geeft antwoord op wat voor een type overheid wij zijn.”

Maak kennis met het actiepunt Pioniersnetwerk Open Overheid voor Gemeenten

Van 2018 tot en met 2020 wordt het derde Actieplan Open Overheid uitgevoerd. In het nieuwe Actieplan, dat het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) coördineert, tref je een verscheidenheid aan onderwerpen en actiehouders. Wij spraken alle actiehouders om een beeld te krijgen van de actiehouders en hun actiepunten: wie zijn ze en wat willen ze bereiken?

Het tiende interview uit onze interviewreeks gaat over het actiepunt Pioniersnetwerk. Hierover spraken we met actiehouder Marijn Kuitert van de gemeente Schiedam.

Wat betekent een ‘Open Overheid’ voor jou?
Een Open Overheid voor mij is een overheid die niet meer vanuit zichzelf redeneert. Het is een onderdeel van een groter geheel, en dus niet de zender of bepaler.

Het hele ‘van binnen naar buiten’ en al die termen impliceert altijd een grens of een lijn tussen de overheid en de ‘burger’. Het moet in elkaar overgaan. Een Open Overheid is een overheid die zich flexibel en wendbaar opstelt en een plek inneemt in de samenleving. Het moet een logisch onderdeel worden van de huidige samenleving.

Hoe zijn jullie daar met Open Schiedam mee bezig?
De raad heeft eind 2017 de visienota Open Schiedam vastgesteld. Open Schiedam geeft antwoord op wat voor een type overheid wij zijn en hoe we ons verhouden tot de stad. Dit vertaalt zich naar de verschillende rollen die we hebben als gemeente en hoe we flexibel kunnen schakelen tussen deze rollen. Niet alleen als organisatie, maar ook als raad en bestuur. We zijn immers niet altijd dezelfde overheid: de ene keer gaan we voor maatwerk, de andere keer handhaven en controleren we juist. Of we laten het aan de stad over en faciliteren. Het kunnen schakelen tussen deze rollen zorgt ervoor dat we aansluiten op de samenleving en dat we een wendbare organisatie zijn die niet alleen mee kan, maar ook op de toekomst is voorbereid. Hierdoor willen en kunnen we het maatschappelijke verschil blijven maken.

“Door open te staan voor vernieuwing en initiatieven in de stad benut de gemeente kansen en maakt zij gebruik van de kracht uit de samenleving.”

 

Daarnaast werken we er naartoe dat Schiedammers een zo groot mogelijke invloed krijgen bij het opstellen en realiseren van de doelen in de stad en de wijken. Door open te staan voor vernieuwing en initiatieven in de stad benut de gemeente kansen en maakt zij gebruik van de kracht uit de samenleving. Deze ambitie heeft geleid tot ‘Samenwerken in Schiedam’, dat moet uitmonden in Schiedams participatiebeleid dat van en voor de stad is en zorgt voor een betere samenwerking met de stad. Het bijzondere hieraan is dat we ervoor gekozen hebben om de dagelijkse praktijk van de Schiedammers centraal te stellen. Gewoon actief: doen, experimenteren en daarvan leren. Alle ervaringen worden geëvalueerd en wat we ervan geleerd hebben delen we met de stad en de organisatie.

Een proces van collectief leren dus. Zo worden we steeds beter in het samenwerken en komen we erachter hoe samenwerken in Schiedam het beste werkt. Dat schrijven we op in een visie op samenwerken, die eind 2021 gereed is.

Hoe sluit het actiepunt Pioniersnetwerk Open Overheid hierbij aan?
Het is voor mij een onderdeel van het experimenteren. Er gebeurt super veel in het land en iedereen is met mooie dingen bezig. We zijn alleen geneigd om het wiel opnieuw uit te willen vinden. We moeten elkaar juist gaan versterken door te kopiëren en te inspireren.

Ook moeten we gaan versnellen als overheid, we lopen achter. Door met elkaar in contact te komen en dingen van elkaar over te nemen gaan we samen deze achterstand inhalen. Dit is alleen mogelijk als je samenwerkt en van elkaar leert, wat ik met het pioniersnetwerk wil bereiken.

Je zegt dat de houding van de overheid moet veranderen, hoe zie je dit voor je?
Het begint bij realiseren dat de rol van de overheid niet alleen verandert, maar eigenlijk al is veranderd. Ik denk dat dat veraf staat van waar je in de praktijk mee bezig kan zijn.

“Een open overheid is veel meer dan alleen het aansluiten en gebruikmaken van nieuwe technologische ontwikkelingen.”

 

Een Open Overheid roept veel filosofische vragen op. Wat is een democratie? En hoe moeten we met elkaar samen leven? Alleen het openstellen van informatie maakt ons nog niet een Open Overheid. Je moet ook gesprekken faciliteren, het contact met de burger zoeken en je houding veranderen. Een Open Overheid is veel meer dan alleen het aansluiten en gebruikmaken van nieuwe technologische ontwikkelingen.

Er zijn twee bijeenkomsten geweest, hoe wordt hier op gereageerd door anderen?
We zijn blij verrast door het aantal aanmeldingen, de bijeenkomsten zijn ook goed bezocht. Er is blijkbaar een behoefte aan een pioniersnetwerk. Het is moeilijk om na twee bijeenkomsten te zeggen of mensen hierdoor ook geïnspireerd zijn. We moeten nog een vorm vinden waarin we niet de hele tijd aan het zenden zijn, maar ook het gesprek tussen de betrokken organisaties bevorderen. De volgende keer wordt het weer door iemand anders georganiseerd en dan moeten we even kijken welke vorm het beste werkt.

In mijn ideale wereld wil ik na vijf bijeenkomsten opgebeld worden en horen dat iemand vier nieuwe ideeën tot uitvoering kan brengen. Dat we met elkaar in contact komen en elkaar ook praktische handvatten kunnen bieden. Zowel de goede als de slechte ervaringen met elkaar delen, daar leer je ook van!

Wat zijn de komende stappen van het actieplan?
Het onderwerp participatie staat bij gemeenten hoog op de agenda. Daarom wordt er op veel fronten hard gewerkt aan beleid rondom participatie. De afgelopen acht weken werden bij diverse gemeenten beleidsdocumenten opgeleverd. Binnenkort organiseren we daarom een bijeenkomst, waarbij we met elkaar deze beleidsdocumenten gaan bestuderen en bediscussiëren. Het is belangrijk om van elkaar te leren en elkaar te inspireren om zo tot passend beleid te komen. In het eerste kwartaal van 2020 wordt een grote bijeenkomst georganiseerd.

De komende jaren moeten we steeds na een aantal bijeenkomsten evalueren of we nog de goede kant op gaan. Zoniet, dan moeten we de richting veranderen. Het is moeilijk te zeggen wat we specifiek gaan doen, want we weten nog niet wat de komende bijeenkomsten en evaluaties ons gaan brengen.

Wie zouden jullie willen activeren?
Ik ben op zoek naar mensen die worstelen in hun eigen organisatie. Personen die pioniers zijn en een Open Overheid naleven en die verder willen kijken buiten hun eigen organisatie. Als ze inspirerende sprekers hebben, tips en trucs, of prikkelende casussen: iedereen is welkom.

Wat zijn de gevolgen van dit actiepunt? Wat gaat het opleveren?
Een grote groep ambtenaren en belangstellenden de erkenning geven dat ze niet voor niks hard aan het werk zijn. Dat ze er niet alleen voor staan. Dat wat zij aan het doen zijn, dat dát de juiste richting is en dat het ook echt zin heeft. Dat hun eigen zingeving bevestigd wordt en het ze de energie geeft om hier mee door te gaan. En dat zij in hun organisatie dingen teweeg kunnen brengen omdat ze praktische kennis hebben opgedaan in het netwerk. Dit levert draagvlak voor je eigen ideeën binnen en buiten de organisatie op.

“Iedereen die een Open Overheid belangrijk vindt mag mee doen.”

 

Is het alleen maar voor gemeenten?
We willen niemand uitsluiten, dus iedereen die een Open Overheid belangrijk vindt mag mee doen. Wij denken dat je juist als gemeente veel kunt leren van andere organisaties.

Wat zijn de uitdagingen bij het opzetten van een netwerk?
Aanvankelijk is de grootste uitdaging de toewijding van de deelnemers: willen zij hier de noodzakelijke tijd en energie in steken. Het moet zo inspirerend zijn dat je de drang voelt erbij te moeten zijn en het niet wilt missen. Dit proces heeft tijd nodig.

We moeten de juiste mensen en sprekers binnenhalen voor inspirerende sessies en bijeenkomsten. Maar, de juiste personen binnen een organisatie moeten aanhaken. Dit zijn de mensen die verandering teweeg kunnen brengen binnen hun eigen organisatie.

Hoe je alle verschillende partijen gaat bedienen is een lastige vraag en een grote uitdaging. Het netwerk moet ervoor zorgen dat het alle lagen in een organisatie kan vertegenwoordigen. Het moet niemand uitsluiten, maar juist iedereen erbij betrekken.

Wat willen jullie de lezers meegeven?
We zien nu heel veel open data en dat is makkelijk om je over te buigen. Dit maakt het heel tastbaar en meetbaar waardoor je kunt zeggen: ik ben open. Dit biedt echter nog niet de oplossing voor de veranderende samenleving, waar juist de uitdaging ligt.

“Met alleen open data kom je er niet.”

 

Bij Open Schiedam zijn we met vier thema’s bezig:

  1. Versterken van de lokale democratie
  2. Datagedreven sturing
  3. Participeren in de samenleving
  4. Openbaar zijn

In mijn optiek is dit wat een Open Overheid moet zijn voor gemeenten. Met alleen open data kom je er niet.

Deze thema’s willen we allemaal bij elkaar brengen in het pioniersnetwerk Open Overheid. Wij weten ook nog niet alles maar willen graag samen met anderen nadenken over hoe we een Open Overheid in de toekomst willen vormgeven en hoe we elkaar daarin kunnen versterken.

“We willen open zijn over algoritmen en het gesprek hierover voeren.”

“We willen open zijn over algoritmen en het gesprek hierover voeren.”

Maak kennis met het actiepunt Open Algoritmen

Van 2018 tot en met 2020 wordt het derde Actieplan Open Overheid uitgevoerd. In het nieuwe Actieplan, dat het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) coördineert, tref je een verscheidenheid aan onderwerpen en actiehouders. Wij spraken alle actiehouders om een beeld te krijgen van de actiehouders en hun actiepunten: wie zijn ze en wat willen ze bereiken?

Het negende interview uit onze interviewreeks gaat over het actiepunt Open Algoritmen. Hierover spraken we met actiehouders Maike Popma (Vereniging Nederlandse Gemeenten, VNG) en Gwen Wijman-Jansen (Rijkswaterstaat).

Waarom zijn jullie actiehouder geworden?
Omdat wij ontzettend nieuwsgierig zijn naar de invloed van algoritmen op de samenleving. Er zijn veel verschillende opvattingen over wat Open Algoritmen precies zijn. Vragen die spelen zijn bijvoorbeeld wat je onder algoritmen en onder open kunt verstaan. We gaan ervan uit dat mensen weten wat een algoritme is, maar dat is niet altijd zo.

We merken dat het landschap erg diffuus is. En ook het kennisniveau is heel divers. Velen vinden het verschijnsel algoritmen spannend. Zeker met de kwalificatie ‘open’. Met ons actiepunt hopen wij hier meer helderheid in te scheppen en het kennisniveau op te schalen. En dat doen wij niet alleen, maar samen met andere overheidsorganisaties. We onderzoeken het kennisniveau en de belevingswereld rondom algoritmen. Het gaat er niet om wat wij als actiehouders vinden en wat onze kennis over algoritmen is, maar om wat leeft in verschillende overheidslagen. Ook is het interessant om te onderzoeken wat er al gebeurt in de praktijk, zowel bij VNG als Rijkswaterstaat.

“Met ons actiepunt hopen wij meer helderheid te scheppen
en het kennisniveau op te schalen.”

 

Overigens zijn wij niet per se voorstander van verdere ‘veralgoritmisering’. Wij zien onszelf meer als de detectives van het onderwerp. Algoritmen gebruiken is prima, maar niet altijd gewenst als onderdeel van een autonoom beslissingssysteem. De context waarin een algoritme gebruikt wordt is dus heel erg belangrijk.

Kunnen jullie iets meer vertellen over het gebruik van algoritmen?
Je hebt verschillende niveaus van intelligentie in algoritmen. Een simpel model om te bepalen of een sluis open of dicht moet bij een bepaalde waterstand is al een algoritme. Daarnaast kun je een poging doen om menselijk handelen in te sluiten in het algoritme. Of juist het menselijk handelen nabootsen.

Algoritmen worden ingezet op onderwerpen die politiek gevoelig zijn. We kunnen nieuwe opvattingen ontwikkelen en de vraag is of een bepaalde technologie daar wel bij past. Door deze politieke gevoeligheid zit er een houdbaarheidsdatum aan algoritmen. We zouden dit in metadata kunnen aangeven, maar het is wel een aspect waar we over na moeten denken.

Een belangrijke vraag over het gebruik van algoritmen is: wat is de invloed van algoritmen op onze informatiesamenleving? We zien dat deze vraag veel verschillende reacties oproept. Diverse media besteedden aandacht aan wat er fout kan gaan met algoritmen, bijvoorbeeld het programma Tegenlicht (VPRO).

Waar gaat jullie focus naar uit bij het actiepunt Open Algoritmen?
Wij willen de maatschappelijke effecten van algoritmen graag bespreekbaar maken. Onze focus ligt daarbij op bewustwording, verantwoording en het openstellen. Dat je algoritmen open kunt stellen is leuk, maar geen doel op zich. Bij ons actiepunt gaat het daarom niet over de technische en functionele aspecten van algoritmen. Het gaat juist over hoe het algoritme landt binnen een organisatie en in de samenleving.

Er wordt op verschillende plekken geëxperimenteerd met algoritmen en data. Daarbij komt ook de ethische kant om de hoek kijken: wat gebeurt er precies en welke invloed heeft het op de samenleving? Kortom: wat is het effect van algoritmen? Je zou bijvoorbeeld een algoritme kunnen programmeren om een steen te gooien. Dat die steen dan vervolgens in het water belandt en daar een vis doodt, is het effect van het feit dat de steen is gegooid. En dus van het algoritme. Je hebt immers niet geprogrammeerd dat je een vis wil doden.

“Eigenlijk zou ons actiepunt ook Open over Algoritmen kunnen heten.”

 

Dan is er ook nog de gevoelskant. Mensen kunnen het gevoel hebben dat er over hun leven wordt beslist door algoritmen en dat voelt voor veel mensen onprettig. Wij vinden het belangrijk dat er aandacht is voor die gevoelskant. Wij denken dat transparantie essentieel is om de werking en effecten van algoritmen uit te leggen. Met transparantie werk je aan de uitlegbaarheid en aan verantwoording. In het kader van die transparantie denken we na over een soort bijsluiter over algoritmen.

Wat ons betreft gaat ons actiepunt dus niet over het open maken van algoritmen. We willen open zijn over algoritmen en het gesprek hierover voeren. Eigenlijk zou ons actiepunt daarom ook Open over Algoritmen kunnen heten. Want dat is wat we willen zijn.

Wat merken inwoners van Open Algoritmen?
Een algoritme kan consequenties hebben als er geen menselijke tussenkomst is. Redelijkheid kun je niet programmeren. Hierbij moet je vragen blijven stellen: kan een algoritmen alles vangen? Algoritmen schrikken daarom nog af. En dat is niet erg, want we moeten eerst het gesprek met elkaar voeren: een open gesprek over de verschillende aspecten die bij algoritmen horen. Wij hopen met dit actiepunt bewustwording binnen overheidsorganisaties te creëren en daardoor transparantie met betrekking tot algoritmen – bijvoorbeeld door meer informatie of verantwoording – bij de burger te brengen.

“De vraag die we onszelf moeten stellen, is of we onze overheid nog wel op de huidige manier willen inrichten.”

 

Waarom hoort dit actiepunt in het Actieplan Open Overheid?
In een samenleving die steeds meer digitaliseert is het is belangrijk dat de overheid eigentijds en responsief is. Het samenspel van deze twee aspecten vinden wij heel interessant.

Open Algoritmen is geen doel op zich, het is een onderwerp waar we het over hebben. We hebben regelingen voor alle details voor ons leven. Deze regelingen kunnen we transparant en open maken, maar misschien zijn ze ook toe aan een redesign? Het proces van nadenken over een herontwerp – en dus niet de implementatie in het huidige landschap – willen we transparant en open maken.

De vraag die we onszelf moeten stellen is of we onze overheid nog wel op de huidige manier willen inrichten. Want zelfs als een overheid volledig transparant is, dan is dat misschien nog niet voldoende. Wat willen we in de toekomst van de overheid? Hoe blijf je collectiviteit en solidariteit organiseren? Nu, maar ook in de toekomst. Kunnen we dat doen op de huidige manier of wordt er juist iets anders verwacht? Techniek heeft daar mogelijk wel een aanjagende, emanciperende rol in.

Wat hopen jullie de komende twee jaar te bereiken?
We hopen een zaadje te planten zodat mensen meer over het onderwerp nadenken. Gedurende de looptijd van het Actieplan Open Overheid willen we een bijdrage leveren aan de ethische digitalisering van de samenleving. En ontdekken wat de rol van de overheid daarbij is in relatie tot de markt en inwoners. Die ontdekking vindt plaats in samenwerking met onze collega’s van verschillende overheidsorganisaties.

Open Algoritmen in een notendop
Bekijk ook deze video waarin Gwen Wijman-Jansen in een notendop vertelt wat het actiepunt Open Algoritmen precies inhoudt:

 

Foto: Bart Versteeg
Video: Sebastiaan ter Burg

“Open Aanbesteden zorgt ervoor dat inwoners openheid van zaken krijgen over de besteding van het belastinggeld.”

“Open Aanbesteden zorgt ervoor dat inwoners openheid van zaken krijgen over de besteding van het belastinggeld.”

Maak kennis met het actiepunt Open Aanbesteden

Van 2018 tot en met 2020 wordt het derde Actieplan Open Overheid uitgevoerd. In het nieuwe Actieplan, dat het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) coördineert, tref je een verscheidenheid aan onderwerpen en actiehouders. Wij spraken alle actiehouders om een beeld te krijgen van de actiehouders en hun actiepunten: wie zijn ze en wat willen ze bereiken?

Het achtste interview uit onze interviewreeks gaat over het actiepunt Open Aanbesteden. Hierover spraken we met actiehouder Peter Specker, manager inkoopinformatie Rijk bij BZK.

Wat betekent Open Aanbesteden precies?
De Rijksoverheid wil transparant zijn over haar inkoop. Dat wil zeggen, over de inkoopstrategie, de planning van Rijksaanbestedingen, over het inschrijvingsproces en de daaruit volgende Rijkscontracten en Rijksuitgaven. Wat ons betreft is de tijd is nu rijp om het geheel aan openbaar gemaakte stukken over de Rijksinkoop te toetsen aan de internationale Open Contracting Data Standard (OCDS).

Deze internationale standaard bestaat sinds 2014 en is ontwikkeld om transparantie te vergroten en corruptie te bestrijden. Dit gebeurt door informatie over de inkoop door overheden op een uniforme en transparante manier naar buiten te brengen als open data. Ook geeft de standaard inzicht in het monitoren van de prestaties van overheidscontracten.

Wie werken er aan het actiepunt Open Aanbesteden?
Met een enthousiaste groep van vier inkooptrainees – academisch geschoolde ambtenaren die strategische opdrachten oppakken – werken we aan Open Aanbesteden. Dit doen zij met ondersteuning van Rob Koning, beleidsadviseur bedrijfsvoering, en mijzelf.

“Ik wil leren hoe je inwoners en bedrijven beter kunt betrekken bij het Rijksbeleid en bij de uitvoering daarvan.”

 

Waarom is Open Aanbesteden eigenlijk belangrijk?
Open Aanbesteden zorgt ervoor dat inwoners openheid van zaken krijgen over de besteding van het belastinggeld. Ook geeft het bedrijven de kans om aan te haken bij de inkoopstrategie van het Rijk. Als het Rijk met de markt in gesprek gaat over haar inkoopstrategie, dan vergroot dit de kans om de meest voordelige Rijkscontracten af te sluiten. En daarmee draagt Open Aanbesteden bij aan een betere besteding van het belastinggeld. Daarmee wordt het draagvlak voor onze democratie verstevigd.

Waarom besloten jullie om met het project Open Aanbesteden mee te doen aan het Actieplan Open Overheid?
We doen in de eerste plaats mee om kennis en expertise met elkaar te delen. Wat is de kijk van andere landen en organisaties op Open Aanbesteden en het organiseren van de dialoog tussen de overheid, inwoners en bedrijven? Wat kunnen wij hiervan leren? En belangrijker: hoe kunnen we bijdragen aan een gezamenlijke stap vooruit?

“Door actief informatie openbaar te maken, laten we zien wat het Rijk van plan is en heeft gedaan met het belastinggeld.”

 

Wat betekent een Open Overheid voor jou?
Het Rijk is er voor ons allemaal en wij staan in dienst van de samenleving. Door actief informatie openbaar te maken, laten we zien wat het Rijk van plan is en heeft gedaan met het belastinggeld. Met deze informatie kunnen inwoners, bedrijven en het Rijk het gesprek met elkaar aangaan om het met elkaar nog beter te doen.

Hoe sluit Open Aanbesteden hierop aan?
Met het openbaar maken van alle relevante informatie over de Rijksinkoop krijgen inwoners en bedrijven zicht op de voorgenomen en gerealiseerde besteding van het belastinggeld aan de inkoop van het Rijk. Zij kunnen zo zelf aan de slag met deze informatie, zonder daarvoor eerst Wob-verzoeken te doen over de inkoop bij het Rijk. Dit stelt mensen in staat om op tijd te reageren op wat het Rijk van plan is of al heeft gedaan.

Wat zijn jullie grootste uitdagingen?
De grootste uitdaging is om goed zicht te krijgen op de internationale ontwikkelingen bij Open Aanbesteden. Daarvoor is het nodig om een netwerk op te bouwen met personen en organisaties die hier zicht op hebben en hier actief in zijn. Dat blijkt nog niet makkelijk!

Een andere uitdaging is om de informatie over de inkoop door het Rijk inzichtelijk bij elkaar te krijgen en deze informatie eenvoudig toegankelijk te maken.

“We hopen alle relevante bestuurlijke informatie over de Rijksinkoop openbaar te maken.”

 

Welke resultaten hopen jullie met Open Aanbesteden te bereiken?
Het openbaar maken van alle relevante bestuurlijke informatie over de Rijksinkoop, voor elke stap in het inkoopproces. Om dat te bereiken voert onze projectgroep een controle uit om te beoordelen of het Rijk goed bezig is en wordt bekeken welke mogelijkheden het Rijk heeft om het (nog) beter te doen.

De uitkomst van deze acties wordt vastgelegd in een advies van de projectgroep aan de Chief Procurement Officer van het Rijk. Die zal vervolgens samen met de coördinerend directeuren inkoop van de departementen kijken welke opvolging ze aan dit advies zullen geven.

Wat hoop je de komende tijd te leren?
Hoe je inwoners en bedrijven beter kunt betrekken bij het Rijksbeleid en bij de uitvoering daarvan. Het formuleren van een antwoord hierop, is een competentie die van pas komt bij elke volgende stap van ons binnen het Rijk. Door hierover kennis en expertise te delen met collega’s en experts buiten het Rijk, worden wij zelf hopelijk wat wijzer.

Open Aanbesteden in een notendop
Bekijk de video waarin Peter Specker in een notendop vertelt wat het actiepunt Open Aanbesteden inhoudt:

Foto: Bart Versteeg
Video: Sebastiaan ter Burg

“We maken besluitvorming inzichtelijk: Thorbecke 2.0”

“We maken besluitvorming inzichtelijk: Thorbecke 2.0”

Maak kennis met het actiepunt Open Besluitvorming bij gemeenten en provincies

Van 2018 tot en met 2020 wordt het derde Actieplan Open Overheid uitgevoerd. In het nieuwe Actieplan, dat het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) coördineert, tref je een verscheidenheid aan onderwerpen en actiehouders. Wij spraken alle actiehouders om een beeld te krijgen van de actiehouders en hun actiepunten: wie zijn ze en wat willen ze bereiken?

Het zevende interview uit deze reeks gaat over het actiepunt Open Besluitvorming bij gemeenten en provincies. Hierover spraken we met actiehouder Henk Burgering van de provincie Zuid-Holland.

Wat betekent een Open Overheid voor jou?
Een Open Overheid is een overheid waarbij ik het gevoel krijg dat het een betrouwbare beschermer, bediener en informatieverstrekker is waar ik honderd procent van op aan kan. Ook verwacht ik dat de informatie die ik van de overheid krijg volledig is en handvatten geeft voor het beantwoorden van mijn vragen.

“Met dit actiepunt gaan we over overheidslagen heen.”

 

Hoe sluit jullie actiepunt aan bij jouw visie op een Open Overheid?
Het actiepunt Open Besluitvorming gaat nog een stap verder. Meestal is het zo dat je als inwoner een gerichte vraag stelt aan een organisatie omdat je weet dat zij daar over gaat. Met dit actiepunt streven we naar het verstrekken van betrouwbare en volledige informatie zonder de vraagsteller ‘lastig te vallen’ met afzenderproblematiek.

Vaak willen mensen namelijk niet weten welke organisatie de informatie verstrekt, maar gewoon een antwoord op hun vraag. Met dit actiepunt gaan we over overheidslagen heen. We maken daarbij de besluitvorming inzichtelijk. Niet per organisatie, maar per onderwerp.

Kun je iets meer vertellen over het openbaar maken van besluitvorming bij jouw provincie?
Vanuit ons programma Transparante en Open Provincie (TOP) waren we ook al betrokken bij het vorige Actieplan Open Overheid. Transparantie staat al een tijd voorop bij onze provincie en blijft het toverwoord.

We legden de nadruk eerder vooral op het openbaar maken van besluiten, zodat iedereen deze besluiten kan zien. Inmiddels heeft er een verschuiving plaatsgevonden: we maken niet alleen documenten en besluitvorming openbaar en transparant, maar stellen ook de data en datatoepassingen beschikbaar.

Twee jaar geleden had ik niet durven dromen dat we data stelselmatig beschikbaar zouden aanbieden via één Dataloket. In dit Dataloket van de provincie Zuid-Holland staat alle relevante beschikbare data machineleesbaar en herbruikbaar voor geïnteresseerden.

“Als je als organisatie data beschikbaar stelt, dan laat je daarmee nog eens extra zien dat je geen geheimen hebt.”

 

Hoe kwam deze verschuiving tot stand?
Eigenlijk vooral door maatschappelijke en technische ontwikkelingen. Vanuit de maatschappij is er veel meer vraag naar data. Mensen willen graag data hebben en daar zelf mee aan de slag. Als je als organisatie data beschikbaar stelt, dan laat je daarmee nog eens extra zien dat je geen geheimen hebt. De grote maatschappelijke vraag naar data en de ontwikkeling van techniek zorgt dat onze rol als overheid verandert. Wij vinden het daarom belangrijk om in techniek te investeren.

Voor welke veranderingen zorgt deze verschuiving binnen jullie organisatie?
De verschuiving vraagt om een cultuuromslag. Zo experimenteren we bijvoorbeeld al met datagedreven werken, waarbij we data gebruiken als grondstof voor beleid en argumentatie. Dit is natuurlijk heel spannend en mijn tip is om dit niet te onderschatten: het vraagt veel van mensen. Het gaat namelijk niet alleen om afstemming met collega’s en bestuurslagen. Deze manier van werken gaat nog een stap verder, omdat data zorgt voor bewijslast en cijfers.

Een andere verandering is dat we nu informatie uitwisselen over overheidslagen heen. De afzender is hierbij minder interessant dan voorheen. Wat ik hoop is dat je voortaan op thema kunt zoeken, in plaats van dat je per organisatie informatie moet opvragen. Dit is een uitdaging, omdat we allemaal een andere visie hebben over bepaalde vraagstukken. Ik noem dit ‘Thorbecke 2.0’.

“Als de top het aandurft, dan moeten anderen ook wel mee.”

 

In een vorig interview zei je dat Transparante en Open Provincie (TOP) begint bij ‘de top’. Werkt dit ook zo bij Open Besluitvorming?
Ja dat denk ik wel. Ik heb ervaren dat dit werkt: als de top het aandurft, dan moeten anderen ook wel mee. Bij dit actiepunt beginnen we weer opnieuw!

Wat waren jullie eerste stappen?
We trapten dit actiepunt af met een app-challenge waar we veel aanmeldingen voor ontvingen. Oberon won de app-challenge met de applicatie ‘Voordat het nieuws was’. Met de plug-in ‘Voordat het nieuws was’ heb je wanneer je een artikel leest op een nieuwswebsite eenvoudig toegang tot interessante data uit de Open Statendatabase. Zo kom je meer te weten over de achtergrond van nieuwsberichten. De winnende app werd op 11 maart tijdens het Open Ontbijt bij het ministerie van BZK gelanceerd.

Hoe reageren anderen op jullie actiepunt?
De reacties zijn positief. We zijn samen met Open State Foundation met het actiepunt begonnen en al snel haakten andere provincies aan. Doordat het actiepunt ook op tafel kwam bij het griffie overleg raakten alle provincies geïnteresseerd. We hebben veel vertrouwen in ons actiepunt!

“Het is goed dat we ons realiseren dat openheid en transparantie ook een vorm van kwetsbaarheid met zich meebrengen.”

 

Wat wil jij leren tijdens de looptijd van dit Actieplan Open Overheid?
Wat ik wil leren heeft met ‘Thorbecke 2.0’ te maken. Ik hoop te leren en te ervaren hoe ik samenwerkingsverbanden nog beter in de vingers kan krijgen. Hoe kun je elkaar zo goed mogelijk ondersteunen? En wat is het beste moment om beslissingen te maken? Iedere organisatie heeft zijn eigen doelgroep en daardoor een ander beeld van wat de behoefte is of van wat nodig is. Dit verschil in beeld is complexer dan we denken. In deze vraagstukken wil ik me graag nog meer verdiepen.

Daarnaast is het denk ik goed dat we ons realiseren dat openheid en transparantie ook een vorm van kwetsbaarheid met zich meebrengen. We moeten erop vertrouwen dat het goed komt als we transparant zijn en data openen. Ik ben benieuwd hoe we hier over een paar jaar naar kijken.

Open Besluitvorming in een notendop
Bekijk de video waarin Henk Burgering in een notendop vertelt wat het actiepunt Open Besluitvorming bij gemeenten en provincies inhoudt:

 

Foto: Bart Versteeg
Video: Sebastiaan ter Burg

Met veel dank aan Rosanne Braak voor het afnemen van dit interview.

“Transparantie zorgt voor betere discussies”

“Transparantie zorgt voor betere discussies”

Maak kennis met het actiepunt Extractive Industries Transparency Initiative (EITI)

Van 2018 tot en met 2020 wordt het derde Actieplan Open Overheid uitgevoerd. In het nieuwe Actieplan, dat het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) coördineert, tref je een verscheidenheid aan onderwerpen en actiehouders. Wij spraken alle actiehouders om een beeld te krijgen van de actiehouders en hun actiepunten: wie zijn ze en wat willen ze bereiken?

Het zesde interview uit onze interviewreeks gaat over het actiepunt Extractive Industries Transparency Initiative (EITI). Hierover spraken we met actiehouder Martijn Reubzaet van het ministerie van Buitenlandse Zaken.

Vertel, wat houden jouw werkzaamheden en het EITI project precies in?
Het grootste deel van mijn tijd ben ik bezig met het thema circulaire economie in relatie tot ontwikkelingssamenwerking. Het idee van een circulaire economie is dat zo min mogelijk grondstoffen worden gebruikt, dat die grondstoffen zoveel mogelijk worden hergebruikt en dat de belasting op het milieu minimaal is door ‘het sluiten van kringlopen’. Daarnaast houd ik me bezig met grondstoffen. En daar valt de transparantiestandaard EITI onder.

Het EITI staat voor Extractive Industries Transparency Initiative. Dit is een wereldwijde vrijwillige standaard voor transparant beheer van olie, gas en minerale delfstoffen in de gehele keten. Dus van winning tot baten voor de samenleving. Op dit moment zijn 52 landen aangesloten bij deze standaard, waaronder Nederland. Sinds de oprichting van EITI in 2003, zorgde EITI voor openheid over 2,5 biljoen dollar.

Hoe gaat dat implementeren van het EITI precies in zijn werk?
Als je de EITI-standaard op nationaal niveau implementeert, dan moet jouw kandidatuur voor het EITI lidmaatschap eerst goedgekeurd worden door het internationale secretariaat. Dat gebeurde voor Nederland in juni 2018. Voor de verdere implementatie zijn nu twee dingen van belang. Allereerst heeft Nederland zich gecommitteerd om jaarlijks een rapport op te leveren. Daarmee is Nederland transparant en laten we zien hoe de geldstromen lopen tussen de delfstoffenindustrie en de overheid. Ook zijn we in het rapport transparant over het proces van delfstoffenwinning. Het is de bedoeling dat we ons eerste rapport eind 2019 opleveren.

Een andere eis is dat je ook op nationaal niveau een EITI-organisatie in de vorm van een multi-stakeholdergroep in het leven roept. In die organisatie zitten afgevaardigden van de Rijksoverheid, het bedrijfsleven en maatschappelijke organisaties. Publicaties van de nationale multi-stakeholdergroep, waaronder verslagen van vergaderingen, worden gepubliceerd op de website van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO). De multi-stakeholdergroep is verantwoordelijk voor de implementatie van de EITI-standaard in Nederland. En de RVO voert het secretariaat hiervan.

“Ik geloof zelf dat veel dingen beter worden als je transparant bent.”

 

Waarom is het EITI belangrijk?
Ik geloof zelf dat veel dingen beter worden als je transparant bent. Een groot voordeel is dat de rapportageverplichting van het EITI ervoor zorgt dat alle relevante informatie goed vindbaar is, inclusief een toelichting op de cijfers. Dat komt de transparantie ten goede. En deze transparantie stelt maatschappelijke organisaties en inwoners in staat om bedrijven en overheden aan te spreken. Doordat deze informatie beschikbaar is, komen zij goed beslagen ten ijs. Zo zorgt transparantie ervoor dat discussies beter worden. En betere discussies leiden idealiter tot beter beleid en groter draagvlak.

Dat werkt zeker ook zo bij het EITI. Je kunt veel betere discussies voeren op het moment dat heel duidelijk is wat de overheid precies verdient met het winnen van de grondstoffen en hoe het proces van delfstoffenwinning precies werkt. Zo gaf één van de EITI-landen expliciet aan dat zij dankzij het EITI meer zicht op de illegale export van goud heeft gekregen. Ook zijn er landen die hun geld anders gingen besteden door de discussies die dankzij het EITI op gang kwamen. In veel landen zijn corruptie tegengaan en goed bestuur bevorderen doelen waar het EITI aan bijdraagt. Ook al zijn de landen waar het echt nodig is helaas nog niet altijd lid.

Waarom besloten jullie om met het EITI mee te doen aan het Actieplan Open Overheid?
Het EITI gaat echt over transparantie. Dat sluit dus goed aan bij het Actieplan Open Overheid. Het EITI gaat verder dan alleen transparantie bij de overheid omdat ook het bedrijfsleven betrokken is. Wij merken dat we dankzij het EITI nog meer aan transparantie werken. Er was altijd al informatie te vinden over de delfstoffenindustrie, maar nu zal die informatie nog vollediger en beter vindbaar zijn. Het staat straks allemaal bij elkaar.

Wat mij betreft zou iedereen ook alles ook mogen Wob-en. Het nadeel van Wob-en is echter dat het ook veel tijd van ambtenaren vraagt. Tijd die ook aan andere zaken had kunnen worden besteed. Doordat we dankzij de EITI-standaard transparanter zijn ‘aan de voorkant’, is er minder reden voor een Wob-verzoek. Daarnaast wekt Wob-en toch ook een soort achterdocht in de hand met de zwartgelakte stukken waardoor je de tekst niet goed kunt lezen. Wat mij betreft: hoe transparanter je bent, hoe beter!

“Met de juiste informatie is het vervolgens veel makkelijker om de overheid aan te spreken op hoe het geld is uitgegeven.”

 

Wat betekent een Open Overheid voor jou?
Een Open Overheid is voor mij een overheid die inwoners op een goede manier informeert over wat de overheid doet. En dat is wat het EITI echt nastreeft: feitelijke, geverifieerde en makkelijk vindbare informatie verstrekken. Met de juiste informatie is het vervolgens veel makkelijker om de overheid aan te spreken op hoe het geld is uitgegeven.

Wat zijn jullie grootste uitdagingen op dit moment?
De grootste uitdaging op dit moment is de publicatie van ons eerste jaarrapport. Dat betekent dat allerlei zaken voor het eerst gebeuren. Er zijn veel partijen bij betrokken, dus dat is best een uitdaging. Ik denk dat het gewoon alle hens aan dek is om dat klaar te spelen. Zowel qua inhoud als tijd. Het verkrijgen van de informatie is daarbij zeker geen probleem. Iedereen werkt mee en er is al heel veel data beschikbaar. Het gros van de data is al vindbaar via nlog.nl. Het is nu vooral aan ons om het begeleidende verhaal goed op papier te zetten en de ontbrekende data boven water te krijgen.

Daarnaast moet iedereen het ook oké vinden dat bepaalde zaken gepubliceerd worden. Hoe de presentatie van het rapport er precies uit gaat zien is op dit moment nog niet helemaal duidelijk. Dus ook niet of de informatie als open data beschikbaar zal zijn. Ik kan me daar wel van alles bij voorstellen, maar we zijn nu nog niet in het ‘dataset-stadium’ van het rapport. Alles staat nog in het teken van wat doen we eerst? En wat is haalbaar?

“We willen bijdragen aan een goed geïnformeerd debat over de waardeketen van de delfstoffenindustrie in Nederland.”

 

Welke resultaten hopen jullie met het EITI te bereiken?
Onze doelstelling is het beschikbaar stellen van feitelijke, begrijpelijke, geverifieerde en eenvoudig beschikbare informatie over de financiële stromen tussen de delfstoffenindustrie en de overheid. Op die manier willen we bijdragen aan een goed geïnformeerd debat over de waardeketen van de delfstoffenindustrie in Nederland.

Wat willen jullie zelf leren in het kader van Open Overheid?
Om heel eerlijk te zijn, doen we in de eerste plaats vooral mee om de EITI-transparantiestandaard meer zichtbaarheid te geven: we willen namelijk graag dat zoveel mogelijk mensen het rapport gaan lezen en daar een mening over vormen. Hoe meer exposure, hoe meer kans op vragen. Dat draagt hopelijk bij aan een goed geïnformeerde discussie over het Nederlandse delfstoffenbeleid. Daarnaast willen we natuurlijk ook leren hoe we het volgende jaarrapport nog beter kunnen maken.

Foto: Bart Versteeg

“Hoe geven we de lokale digitale democratie van de toekomst samen vorm?”

“Hoe geven we de lokale digitale democratie van de toekomst samen vorm?”

Maak kennis met het actiepunt Lokale Digitale Democratie

Van 2018 tot en met 2020 wordt het derde Actieplan Open Overheid uitgevoerd. In het nieuwe Actieplan, dat het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) coördineert, tref je een verscheidenheid aan onderwerpen en actiehouders. Wij spraken alle actiehouders om een beeld te krijgen van de actiehouders en hun actiepunten: wie zijn ze en wat willen ze bereiken?

Het vijfde interview uit onze interviewreeks gaat over het actiepunt Lokale Digitale Democratie. Hierover spraken we met actiehouder Koos Steenbergen van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.

Wat is jouw beeld van een Open Overheid?
Een Open Overheid is voor mij een overheid die open staat voor de inbreng van inwoners. Een overheid kan tenslotte alleen bij gratie van haar inwoners opereren. Het is daarom belangrijk dat inwoners zeggenschap hebben over het beleid van hun overheid.

Daarnaast is een Open Overheid transparant over wat zij doet. Je zou de overheid kunnen zien als de grootste crowdsourcing organisatie die er is. Inwoners van Nederland betalen allemaal belasting en zij moeten de overheid dus effectief – en bij voorkeur op eenvoudige wijze – kunnen controleren.

“Met dit actiepunt onderzoeken we hoe we samen de lokale digitale democratie van de toekomst kunnen vormgeven.”

 

Hoe sluit het actiepunt Lokale Digitale Democratie aan bij Open Overheid?
Een belangrijk deel van dit actiepunt gaat over digitale vormen van participatie. Digitale participatietools bieden inwoners de mogelijkheid om mee te praten en kunnen inwoners zeggenschap geven over lokale besluit- en beleidsvorming. Met dit actiepunt onderzoeken we hoe we samen de lokale digitale democratie van de toekomst kunnen vormgeven.

Hoe kwam dit actiepunt tot stand?
Het ministerie van BZK vindt al langer dat we na moeten denken over nieuwe vormen van participatie. Vanuit het samenwerkingsprogramma ‘Democratie in Actie’ onderzoeken en stimuleren we daarom nieuwe manieren om inwoners te betrekken en mee te laten doen. De meer traditionele vormen van participatie, bijvoorbeeld inspraakavonden bij gemeente- en/of buurthuizen, zijn vaak onvoldoende inclusief en daarbij vaak reactief.

Hoe ziet jullie aanpak eruit?
Voor het nader onderzoeken en (uit)testen van de toegevoegde waarde van (open source) digitale participatiemiddelen is een proeftuin gestart. Gemeenten die werk willen maken van digitale participatie kunnen, onder bepaalde voorwaarden, deelnemen aan de proeftuin. Gemeenten helpen elkaar door ervaringen te delen over hoe je een digitale tool op de juiste manier gebruikt: hier zitten namelijk heel wat haken en ogen aan. We moeten leren welke vraagstukken zich voor digitale tools lenen en waar je ze voor kan inzetten. Specifieke kennis over het gebruik van digitale tools is nog schaars. Het is daarom van belang dat gemeenten samenwerken, zodat deze kennis gedeeld wordt.

“Gemeenten helpen elkaar door ervaringen te delen over hoe je een digitale tool op de juiste manier gebruikt.”

 

Wat is een digitale proeftuin precies?
In samenwerking met ICTU is voor de proeftuin een digitale omgeving ingericht op Pleio, een online samenwerkingsplatform. Op dit platform kunnen gemeenten elkaar vinden, elkaar vragen stellen en op verschillende manieren van en met elkaar leren.

In hoeverre hebben jullie bij dit actiepunt met weerstand te maken?
Digitale participatie is nog een niche onderwerp. Op bepaalde beleidsterreinen willen gemeenten participatie bevorderen. Maar of dit dan op een digitale manier zou moeten zijn, wordt vaak nog niet verkend. Het is ook niet de bedoeling om alle bestaande participatietechnieken over boord te gooien. We willen vooral verkennen welke andere technieken een goede optie zijn om participatie een boost te geven.

Digitale participatie is ook geen wondermiddel en je doet het er niet even bij. Het is een hele klus om digitale participatie goed voor elkaar te krijgen. Wat je in ieder geval nodig hebt zijn bestuurlijk draagvlak, projectmiddelen en enthousiaste mensen die enige basiskennis hebben (of willen vergaren) op IT-terrein. Bij veel gemeenten zijn deze ingrediënten (nog) niet altijd aanwezig. Ik zie het als de rol van het ministerie van BZK om gemeenten met ambities op dit punt te helpen om aan deze – en aan andere – randvoorwaarden invulling te geven.

“Digitale participatie is geen wondermiddel en je doet het er niet even bij.”

 

Het actiepunt bestaat uit twee delen, kun jij hier meer over vertellen?
Het eerste deel van het actiepunt bestaat uit het inrichten van de proeftuin. Daarnaast zijn we met het kennisnetwerk lokale digitale democratie gestart. Hierin denken we samen met lokale overheden na over de lokale digitale democratie van de toekomst. Centraal staat daarbij de vraag: welke kansen en belemmeringen zijn er voor jouw rol (als raadslid, ambtenaar, bestuurder, griffier en/of burger) in de lokale digitale democratie van de toekomst?

We gaan samen aan de slag met onder andere de formulering van een ‘manifest’ (werktitel) waarin we gezamenlijke uitgangspunten formuleren. Dit kan uiteindelijk de richting aangeven waarin lokale overheden aan de digitale democratie van de toekomst werken.

Wat zijn uitdagingen van het actiepunt?
Het (samen)werken met open source programma’s vereist – zo nu en dan – een andere werkwijze door overheden. We zijn nog volop aan het ontdekken hoe we dit gezamenlijk het beste vorm kunnen geven.

Ook digitale inclusie is een uitdaging. Kan iedereen wel digitaal participeren? We moeten onze ogen daarom zeker niet sluiten voor de belemmeringen die digitale tools met zich meebrengen.

“Ook digitale inclusie is een uitdaging. Kan iedereen wel digitaal participeren?”

 

In hoeverre betrekken jullie inwoners bij de plannen voor digitale democratie?
We drukken gemeenten op het hart om vooral na te denken over de eindgebruiker. Inwoners betrekken bij het ontwerpen van een participatietool, is vaak een stap die wordt overgeslagen.

Daarnaast is het belangrijk om na te denken over de vraag die je voorlegt. Welk vervolg kun je eraan geven? En welke invloed heeft het op de beleids- en besluitvorming. Daarnaast is de gebruiksvriendelijkheid van de tool van groot belang. Het is daarom goed om inwoners al vanaf het begin bij het proces te betrekken, zodat zij de tool kunnen testen.

Wat wil je zelf graag leren van dit actiepunt?
Ik wil graag leren hoe je intergemeentelijke samenwerking het beste kunt organiseren. Gemeenten beschikken over enorme wil, kennis en kunde, maar toch wordt het wiel vaak opnieuw uitgevonden. Wat is de beste manier om dit goed te organiseren? Gemeenten verschillen soms veel van elkaar, maar bepaalde maatschappelijke opgaven spelen in elke gemeente een rol. Het gebruik van techniek maakt het mogelijk om snel op te schalen. Hoe je dit kunt doen en hoe je op een open source manier samenwerkt, dat wil ik graag leren!

Ook wil ik graag ervaren op wat voor manier digitale participatie kan werken. Er zijn al veel buitenlandse voorbeelden, maar ik ben vooral erg benieuwd naar hoe dit in Nederland vorm krijgt. Ik heb er veel vertrouwen in en ben heel nieuwsgierig naar de resultaten van de proeftuin.

“Het is interessant om te onderzoeken waarom participatie bij de ene gemeente wel werkt en bij de andere niet.”

 

Hoe groot is de behoefte aan directe democratie?
Het is interessant om te onderzoeken waarom participatie bij de ene gemeente wel werkt en bij de andere niet. Ook verschilt de mate van participatie en betrokkenheid per thema. Met dit actiepunt hopen we verder te onderzoeken hoe groot de behoefte aan directe democratie is. De vraag is natuurlijk altijd: bieden overheden te weinig mogelijkheden aan of vragen inwoners er te weinig naar en laten ze het links liggen?

Jullie bekijken dus het hele participatieproces bij dit actiepunt?
Inderdaad, de vraagstukken die ik noemde komen inderdaad allemaal aan bod als je nadenkt over digitale participatie. Daar horen technische vragen bij, maar ook algemene vraagstukken over participatie.

De samenleving verandert continue, net als de techniek. Deze veranderingen vragen om een overheid die zichzelf blijft bevragen, een overheid die meebeweegt en een overheid die blijft onderzoeken wat werkt voor haar inwoners.

Meer weten over het actiepunt Lokale Digitale Democratie?

 

Foto: Bart Versteeg
Video: Sebastiaan ter Burg

“Met digitoegankelijkheid bevorder je transparantie.”

“Met digitoegankelijkheid bevorder je transparantie.”

Maak kennis met het actiepunt Open Parlement

Van 2018 tot en met 2020 wordt het derde Actieplan Open Overheid uitgevoerd. In het nieuwe Actieplan, dat het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) coördineert, tref je een verscheidenheid aan onderwerpen en actiehouders. Wij spraken alle actiehouders om een beeld te krijgen van de actiehouders en hun actiepunten: wie zijn ze en wat willen ze bereiken?

Het vierde interview uit onze interviewreeks gaat over het actiepunt Open Parlement. Hierover spraken we met actiehouder Jos de Groot, adviseur bij de Tweede Kamer.

Hoe raakte jij bij het Actieplan Open Overheid betrokken?
Nadat de Tweede Kamer besloot haar parlementaire informatie meer digitoegankelijk te willen ontsluiten en mee te doen aan het Actieplan Open Overheid, ben ik actiehouder geworden.

Hoe kijk jij tegen Open Overheid aan?
De Tweede Kamer heeft als Hoog College van Staat een andere positie dan het Rijk. Maar juist ook voor de Tweede Kamer geldt dat transparantie over de werkwijze, de processen en de informatie belangrijk is. Als het mogelijk is, dan leveren wij extra inspanningen om dat verder te verbeteren. En daarom blijven we onszelf de volgende vraag stellen: hoe kan de Tweede Kamer nog toegankelijker en inzichtelijker worden?

Ons actiepunt maakt werk van de digitoegankelijkheid van parlementaire documenten op de website van de Tweede Kamer. Met digitoegankelijkheid bevorder je de transparantie.

“Hoe kan de Tweede Kamer nog toegankelijker en inzichtelijker worden?”

 

Kun je iets meer vertellen over jullie actiepunt?
We publiceren al veel parlementaire documenten op onze website. Echter, dit gebeurt vaak in pdf-formaat. Deze documenten zijn daarom nog niet toegankelijk genoeg. Zo ontbreekt er onder andere voldoende structuur. Door het digitoegankelijk maken van deze documenten, worden ze toegankelijker voor meer groepen in de samenleving en zetten we een stap om aan de Europese webrichtlijnen te voldoen.

Hoe pakken jullie het digitoegankelijk maken aan?
De parlementaire documenten op de website doorlopen allemaal een publicatieketen. Brieven worden geregistreerd, omgezet naar onze vaste huisstijl en in pdf-formaat op de website geplaatst. De vraag die we onszelf hebben gesteld is of de manier waarop dit nu gebeurt wel toegankelijk genoeg is. We hebben onze werkwijze vergeleken met de normen, standaarden en richtlijnen van de Web Content Accessibility Guidelines (WCAG) en kwamen tot de conclusie dat dit niet het geval is.

Om wel voldoende digitoegankelijk te worden, hebben de te publiceren parlementaire documenten meer structuur nodig. Op die manier kunnen ze makkelijker doorzocht worden en kun je bijvoorbeeld afbeeldingen herleiden. Dit kan onder andere door heldere metadata toe te voegen.

“Om wel voldoende digitoegankelijk te worden, hebben de te publiceren parlementaire documenten meer structuur nodig.”

 

Dit klinkt allemaal heel digitaal, gaat het alleen om het veranderen van de structuur van documenten?
Nee, we houden ons ook bezig met de vraag hoe ver je terug moet gaan in de publicatieketen van de Tweede kamer. Wil je al bij de registratie van het document extra structuur creëren? Hoe ver wil je teruggaan en wat is haalbaar om meer structuur aan te brengen?

In de eerste update van het Actieplan Open Overheid lazen we dat jullie drie opties willen onderzoeken. Kun je hier meer over vertellen?
We hebben drie scenario’s gedefinieerd om richting te geven aan ons onderzoek:

  1. Het xml-bestand, dat bij het creëren van het huidige pdf-bestand ontstaat, gebruiken om het document tevens als html te publiceren. De pdf blijft nodig, want daarin staat informatie die noodzakelijk is. Zoals de paginanummers. In dit scenario onderzoeken we of we naast pdf ook html kunnen publiceren. Deze html brengt structuur aan in de documenten, iets wat bij pdf niet mogelijk is.
  2. We kijken naar mogelijkheden en kansen om het pdf-bestand dat wij publiceren toegankelijker maken. Bijvoorbeeld door het toevoegen van metadata.
  3. Xml al bij de bron gebruiken, aan het begin van het proces. Op die manier kan het door de hele keten gebruikt worden.

Wat zijn de uitdagingen?
Er zijn zowel technische als organisatorische uitdagingen. Deze verandering raakt meerdere diensten binnen de ambtelijke organisatie van de Tweede Kamer, dus je hebt inzet nodig van verschillende afdelingen. Het is dus belangrijk om de meerwaarde van dit project duidelijk te maken aan de organisatie.

“Het is belangrijk om de meerwaarde van dit project duidelijk te maken aan de organisatie.”

 

Hoe reageren collega’s tot nu toe op jullie actiepunt?
Positief! Zoals gezegd vinden wij het bij de Tweede Kamer erg belangrijk dat het democratisch proces toegankelijk en inzichtelijk is. Doordat het digitoegankelijk maken van de parlementaire stukken nu in het Actieplan Open Overheid is opgenomen, krijgt dit actiepunt nog meer gewicht. Hier willen mensen graag aan meewerken. Het is goed dat de nut en noodzaak van het digitoegankelijk zijn ook binnen onze eigen organisatie gezien en gevoeld wordt.

In hoeverre hebben jullie een voorbeeldfunctie voor andere organisaties?
Een volksvertegenwoordiging moet ervoor zorgen dat zij toegankelijk is voor de samenleving. De Tweede Kamer heeft het voordeel dat we een duidelijke publicatieketen hebben, met vaste momenten waarop de conversie van documenten plaats vindt. Maar net als andere overheidsorganisaties, lopen wij ook tegen uitdagingen aan met het toegankelijk publiceren van documenten. Het is een onderwerp dat overal speelt, alle overheidslagen staan voor dezelfde uitdaging. We moeten blijven proberen om van elkaar te leren.

Wat hoop je zelf te leren?
Ik wil participeren in het programma en kijken welke actiepunten er zijn die mogelijk door de Tweede Kamer opgepakt moeten worden. Ook wil ik ervaren hoe mensen willen bijdragen aan een Open Overheid, want daar leer ik veel van. Het is goed dat het belang van Open Overheid door het Actieplan wordt uitgedragen.

Foto: Bart Versteeg

Met veel dank aan Rosanne Braak voor het afnemen van dit interview.

“Dit is hét moment om openbaarheid in te bouwen in de machinekamer van het openbaar bestuur.”

“Dit is hét moment om openbaarheid in te bouwen in de machinekamer van het openbaar bestuur.”

Maak kennis met het actiepunt Open by Design

Van 2018 tot en met 2020 wordt het derde Actieplan Open Overheid uitgevoerd. In het nieuwe Actieplan, dat het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) coördineert, tref je een verscheidenheid aan onderwerpen en actiehouders. Wij spraken alle actiehouders om een beeld te krijgen van de actiehouders en hun actiepunten: wie zijn ze en wat willen ze bereiken?

Het derde interview uit onze interviewreeks gaat over het actiepunt Open by Design. Hierover spraken we met actiehouder Guido Enthoven, oprichter van het Instituut Maatschappelijke Innovatie.

Waarom is een Open Overheid belangrijk volgens jou?
Er zijn verschillende redenen waarom een overheid open zou moeten zijn. In het kader van democratie en verantwoording kun je het openstellen van overheidsinformatie zien als een democratische plicht. Burgers hebben het recht om te zien wat er met hun belastinggeld gebeurt, welke regels van toepassing zijn en welke prestaties de overheid levert.

Verder vormt overheidsinformatie een belangrijke grondstof voor nieuwe producten en diensten. Diensten zoals file-informatie en de NS-reisplanner zijn bijvoorbeeld gebaseerd op het gebruik van Open Data van overheden.

Tenslotte kun je met openheid de controleerbaarheid van het overheidshandelen vergroten. Neem als voorbeeld het openbaar maken van ‘bonnetjes’. Dit kan bijdragen aan zuiniger declareergedrag. In de Verenigde Staten noemen ze dit ‘de reinigende werking van openbaarmaking’.

“In het kader van democratie en verantwoording kun je het openstellen van overheidsinformatie zien als een democratische plicht.”

 

Waarom denk jij dat de overheid soms terughoudend is op het gebied van openheid?
Een risico van openbaarheid is reputatieschade. Openbaarmaking kan leiden tot ongenuanceerde beeldvorming. Overigens is het verstandiger om zelf de regie te nemen bij het naar buiten brengen van informatie, in plaats van wachten op een scoop van journalisten of kritische Kamerleden.

Een andere reden voor terughoudendheid kan zijn dat anders ieder woord zal worden afgewogen en dat bepaalde relevante informatie alleen mondeling wordt besproken. De kwaliteit van informatie is soms afhankelijk van de vertrouwelijkheid van de verstrekte informatie.

Een laatste reden is dat organisaties vaak niet weten waar ze moeten beginnen met het uitbreiden van de actieve openbaarheid en op welke manier ze dat het beste kunnen organiseren.

Wat houdt het actiepunt Open by Design precies in?
De beslissing over het actief openbaar maken van overheidsinformatie moet zoveel mogelijk een plaats krijgen in het primaire proces. Actieve openbaarheid zou – net als het waarborgen van privacy – een plaats moeten krijgen in ‘de machinekamer van het openbaar bestuur’. Bij de productie van informatie houdt men er dan rekening mee welke informatie wel en welke informatie niet openbaar kan worden. In de literatuur noemt men dit ‘Open by Design’.

“Een opener overheid vermindert de kosten van passieve openbaarmaking, zoals bij Wob-verzoeken.”

 

Waarom heeft Open by Design baat bij een Open Overheid?
Met Open by Design is het mogelijk om vooraf te bepalen welke informatie openbaar wordt – direct openbaar of bij een Wob-verzoek – en welke informatie écht niet openbaar gemaakt kan worden. Als je pas later in het proces deze informatie duidt, blijft de omvang en actualiteit van de documenten en data altijd beperkt.

Daarnaast vermindert een opener overheid de kosten van passieve openbaarmaking, zoals bij Wob-verzoeken. Doordat men duidelijker in kaart brengt welke gegevens wel of niet openbaar gemaakt mogen worden, scheelt dit veel tijd bij het arbeidsintensieve proces van het ‘weglakken’ van informatie. En omdat bij een Open by Design werkwijze meer informatie al beschikbaar is, neemt wellicht het aantal Wob-verzoeken af.

Kun je een voorbeeld noemen van Open by Design?
Sommige provincies werken aan het openbaar maken van achterliggende ambtelijke stukken bij de besluiten van de Gedeputeerde Staten (GS). Ambtenaren weten vanaf het begin dat de stukken openbaar gemaakt kunnen worden. Als er gevoelige of persoonlijke informatie in staat, dan wordt deze opgenomen in een aparte bijlage. Op deze manier kan het hoofddocument altijd, actief of passief, openbaar gemaakt worden.

En wellicht kan ik binnenkort ook een ander voorbeeld noemen: het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) verkent op dit moment de mogelijkheden van Open by Design. Samen met het Rijksprogramma voor Duurzame Digitale Informatiehuishouding (RDDI) worden ook nog andere overheden gezocht die hiermee willen experimenteren.

“Open by Design vraagt om een grote cultuurverandering.”

 

Wat zie je als uitdagingen voor het actiepunt Open by Design?
Bij het openbaar maken van overheidsdocumenten is er altijd een spanningsveld tussen het bestuurlijk willen, het juridisch mogen en de technische mogelijkheden. Het gaat om de afweging tussen het mogen, kunnen en willen openstellen van overheidsinformatie. En die afwegingen verschillen per informatiecategorie.

Open by Design vraagt daarnaast om een grote cultuurverandering. Alle stukken dienen te worden voorzien van metadata. Dat betekent dat ambtenaren eerder moeten nadenken over de openbaarheid.

Wat is jouw boodschap aan de lezers van dit interview?
Het is de hoogste tijd om nu echt vaart te maken met Open Overheid. De maatschappij verwacht steeds meer transparantie van de overheid. Dit is het moment om openbaarheid in te bouwen in de machinekamer van het openbaar bestuur.

Open by Design in een notendop
Bekijk ook deze video waarin Guido Enthoven kort en krachtig vertelt waar zijn actiepunt over gaat:

 

Foto: Bart Versteeg

Video: Sebastiaan ter Burg

Met veel dank aan Rosanne Braak voor het afnemen van dit interview.

“Een Open Overheid is een overheid waarbij de samenleving ziet wat je doet.”

“Een Open Overheid is een overheid waarbij de samenleving ziet wat je doet.”

Maak kennis met het actiepunt Open Wob

Van 2018 tot en met 2020 wordt het derde Actieplan Open Overheid uitgevoerd. In het nieuwe Actieplan, dat het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) coördineert, tref je een verscheidenheid aan onderwerpen en actiehouders. Wij interviewden alle actiehouders om een beeld te krijgen van de actiehouders en hun actiepunten: wie zijn ze en wat willen ze bereiken?

Het tweede interview uit onze interviewreeks gaat over het actiepunt Open Wob. Hierover spraken we met actiehouder Eveline Stapel – van Dijck van de provincie Noord-Holland.

Hoe raakten jullie als actiehouder betrokken bij het Actieplan Open Overheid?
Sinds begin 2018 ben ik programmamanager van het programma Digitale Provincie bij de provincie Noord-Holland. Vlak na mijn aantreden ging ik in gesprek met al onze stakeholders en zo raakte ik ook in gesprek BZK over het derde Actieplan Open Overheid. Ik werkte voorheen bij BZK en hield me toen met het Open Government Partnership (OGP) bezig. Hierdoor raakte ik zo geïnspireerd door dit onderwerp dat ik Open Overheid ben gaan omarmen.

Het programma Digitale Provincie sluit heel mooi aan bij het Actieplan Open Overheid. Het doel is om een transparante, open en toegankelijke provincie te realiseren. Met datzelfde doel gaan we ook aan de slag met het actiepunt Open Wob.

“Het geeft de samenleving vertrouwen wanneer de overheid open is over haar besluitvorming en beleidsvorming.”

 

Wat betekent een Open Overheid voor jullie?
Een Open Overheid is een overheid waarbij de samenleving ziet wat je doet, een overheid die toegankelijk is en die de samenwerking en interactie met de samenleving opzoekt. Zij is transparant naar burgers, bedrijven en organisaties en staat open voor iedereen.

Hoe sluit het actiepunt Open Wob hierbij aan?
Het actiepunt Open Wob draagt bij aan een transparante overheid door documenten – die op basis van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) openbaar gemaakt worden – op een gestandaardiseerde wijze online te plaatsen als Open Data en eventueel beschikbaar te maken via de website OpenWob.nl.

Wob-verzoeken zijn meestal vragen vanuit de samenleving over hoe iets werkt binnen de organisatie, over hoe een proces is verlopen of waarom een bepaald besluit is genomen. Het geeft de samenleving vertrouwen wanneer de overheid open is over haar besluitvorming en beleidsvorming. Met Open Wob bedien je niet alleen burgers die het verzoek indienen, maar ook anderen die iets aan het antwoord op de vraag kunnen hebben.

Open Wob geeft zo een mooi inkijkje in wat er speelt bij overheidsinstellingen. Voor ons als provincie is het tevens een mooie manier om inzicht te krijgen in hoe andere overheidsinstellingen deze processen aanpakken. Op procesniveau en – door de inhoud van Wob-informatie makkelijker vergelijkbaar te maken – ook op beleidsmatig niveau.

“Voor het publiceren van Wob-verzoeken zoeken we een standaard waar iedereen zich in kan vinden.”

 

Op welke manier heeft Open Wob een plek gekregen binnen het programma Digitale Provincie?
Het actiepunt Open Wob sluit naadloos aan op ons om te streven naar meer openheid en transparantie binnen de provincie. Hoe we dit aanpakken? Concreet betekent het dat we om te beginnen op zoek zijn naar een groep van twintig overheden waarmee we in gesprek gaan over standaarden. Voor het publiceren van Wob-verzoeken zoeken we namelijk een standaard waar iedereen zich in kan vinden.

Vervolgens zijn we van plan om met minstens tien overheden verder aan de slag gaan. Het gaat niet alleen over publiceren volgens dezelfde standaard, maar ook over hoe je dit binnen de bedrijfsvoering vorm geeft. Niet iedereen kan gelijk mee in een dergelijk traject, bijvoorbeeld door verschillen in de ICT-systemen. Het idee is daarom om met tien koplopers stapsgewijs te beginnen. De lessen die we hieruit leren nemen we mee naar de toekomst. In die toekomst sluiten hopelijk nog meer overheden zich aan!

Hebben jullie al twintig overheden om mee in gesprek te gaan over de standaarden?
Nee, nog niet! Dus ben je enthousiast over Open Wob en wil je meewerken aan een standaard? Neem dan contact op met Tom Kunzler van Open State Foundation (we werken samen met Open State Foundation voor dit actiepunt) of met mij, Eveline Stapel – van Dijck van de provincie Noord-Holland.

“Open Wob vereist een andere manier van werken. Dit geldt in eerste instantie vooral voor de proceskant.”

 

Wat zijn jullie grootste uitdagingen?
Enerzijds is het lastig om een standaard te vinden die bij verschillende organisaties, met verschillende systemen, te implementeren is. Daarnaast is de cultuuromslag die Open Wob vraagt ook een aandachtspunt. Open Wob vereist een andere manier van werken. Dit geldt in eerste instantie vooral voor de proceskant.

Noord-Holland publiceert momenteel al Wob-verzoeken op het internet, maar deze zijn niet goed herbruikbaar en doorzoekbaar. De manier waarop men met documenten om gaat zal moeten veranderen. Denk bijvoorbeeld aan de manier van opslaan van documenten. Langzaam werken we toe naar een organisatie die open by design is, met medewerkers die een natuurlijke modus ontwikkelen om documenten openbaar te maken en een organisatie die het proces zo inricht dat documenten openbaar gemaakt kunnen worden. Uiteindelijk hopen we dit niet alleen voor Wob-verzoeken te bereiken, maar wordt dit een manier van werken voor de gehele organisatie.

Welke resultaten gaat Open Wob opleveren?
We streven naar een platform waar alle opgevraagde Wob-documenten van deelnemende organisaties in doorzoekbare en vergelijkbare vorm te vinden zijn. Door hier met verschillende overheidsorganisaties aan te werken, maak je de documenten vergelijkbaar en daarmee ook interessant voor de buitenwereld.

Open Wob is reactief. Daarmee willen we zeggen dat we alleen informatie aanbieden die al door middel van een Wob-verzoek is opgevraagd. We zijn als overheden en actiehouders binnen het Actieplan Open Overheid ook bezig met Open Stateninformatie en andere vormen van Open Data. Open Wob biedt samen met andere acties een goede informatievoorziening voor de samenleving en een mooie stap in de richting van een open en transparant overheidsapparaat.

“Open Wob is een leuke manier om bij andere overheidslagen in de keuken te kijken.”

 

Wat willen jullie zelf leren?
Wij willen als provincie Noord-Holland van andere overheidsorganisaties leren hoe zij met Wob-verzoeken omgaan. Hoe pakken andere organisaties dit aan? Gemeenten hebben bijvoorbeeld veel vaker dan provincies met Wob-verzoeken te maken. Hebben zij dan ook het proces op een andere manier ingericht? Ik kan me ook voorstellen dat de politie, ook een van de deelnemende organisaties, veel vaker te maken heeft met privacygevoelige informatie. Hoe pakken zij dat aan? Dit actiepunt is een leuke manier om bij andere overheidslagen in de keuken te kijken. We hebben er zin in!

Open Wob in een notendop
Bekijk ook deze video waarin Eveline Stapel – van Dijck kort en krachtig vertelt waar haar actiepunt over gaat:

 

Foto: Bart Versteeg

Video: Sebastiaan ter Burg

Met veel dank aan Rosanne Braak voor het afnemen van dit interview.

“Alles begint met eerder contact maken, juist als het schuurt!”

“Alles begint met eerder contact maken, juist als het schuurt!”

Maak kennis met het actiepunt Dilemmalogica

In oktober 2018 presenteerde het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties het derde Actieplan Open Overheid. In het nieuwe Actieplan tref je een verscheidenheid aan onderwerpen en actiehouders. Wij interviewden alle actiehouders om een beeld te krijgen van de actiehouders en hun actiepunten: wie zijn ze en wat willen ze bereiken?

We trappen de publicatie van de interviewreeks af met het actiepunt Dilemmalogica. Hierover spraken we met actiehouder Guido Rijnja van het ministerie van Algemene Zaken.

In een vorig interview (in augustus 2015) vertelde je dat je door een presentatie van Saskia Stuiveling geïnspireerd raakte door Open Overheid. Hoe kijk je op dit moment tegen Open Overheid aan?
Ik moet nog altijd denken aan het gedicht van Lucebert waarin na de zin ‘Alles van waarde is weerloos…’ staat ‘…wordt van aanraakbaarheid rijk’. Als overheid moet je aanraakbaar zijn. Op dit moment is dat sturend in mijn werk. Ik werk bij de Rijksvoorlichtingsdienst, een onderdeel van het ministerie van Algemene Zaken. Wij zorgen voor rijksbrede afspraken over duidelijk communiceren en voor het publiek bereikbaar zijn.

In 2008 werd de communicatiemissie ‘Rijksoverheid. Voor Nederland’ geformuleerd. Hierin lijkt het alsof wij als overheid alleen maar iets vóór anderen doen. Echter, veel zaken komen juist in samenspraak tot stand. Als overheid kunnen we niet alleen maar regels maken en die opleggen of uitleggen aan het publiek. Het is de hoogste tijd om naar die missietekst te kijken en vooral naar het gedrag dat daarbij hoort: hoe communiceren we?

Toen het nieuwe kabinet van start ging, hebben we het kabinet meegegeven waar zij in moet investeren om goed te communiceren in de huidige tijd. We noemen dit programma ‘ECHT’: communiceer in Eenheid, houd Contact, wees Herkenbaar en Transparant.

Waarom vind je dit zo belangrijk?
Het probleem is dat we als overheid vaak nadenken over een oplossing en die naar buiten brengen. Maar we moeten als overheid niet boven de mensen, maar tussen de mensen staan. Daarom noem ik de overheid ook weleens ‘tussenheid’. Als je personen eerder met elkaar in gesprek brengt en eerder open bent over de opgave die er is, dan heb je een grotere kans dat je minder hoeft uit te leggen.

“We communiceren pas in een laat stadium, in plaats van dat we energie steken in de dialoog over het probleem…”

 

Hoe is het actiepunt Dilemmalogica tot stand gekomen?
In het Secretaris Generaal-overleg van anderhalf jaar geleden vroegen ze ons, de Rijksvoorlichtingsdienst, om na te denken over actieve openbaarheid. En dan een keer niet op een juridische manier. Ze vroegen ons te kijken naar hoe medewerkers actief openbaar kunnen zijn.

We adviseerden onder meer om nog eens goed naar de zogeheten Oekaze Kok te kijken. In die regeling uit 1998 staat dat je als rijksambtenaar terughoudend moet zijn met het naar buiten brengen van informatie. Is dat nog wel van deze tijd? Een tijd waarin iedereen met iedereen kan communiceren? Daarnaast benadrukten we dat het eigenlijk vreemd is dat we vooral communiceren over oplossingen. We communiceren pas in een laat stadium, in plaats van dat we energie steken in de dialoog over het probleem, de opvattingen en de afwegingen die bij de oplossing om de hoek komen kijken. Laten we gaan communiceren over dilemma’s! Vanuit hier is het idee van Dilemmalogica ontstaan.

Wat houdt Dilemmalogica precies in?
Neem mensen mee in de probleemstelling. Dat kan met de drie stappen van Dilemmalogica.

1. Herkenning: Erken dat er een probleem is. Breng mensen met elkaar in gesprek en wees open over de opgave die er is. Waarom bemoei je je als overheid je ergens mee? Ga ik in gesprek met belanghebbenden? Stel de vraag: wat doet ertoe?
2. Ordening: Orden de overwegingen en belicht alle perspectieven van een probleem. Maak duidelijk wat wel en niet kan. Ga in gesprek over de mogelijke oplossingsrichtingen. Help met ordenen, laat zien dat je weet wat er gebeurt.
3. Perspectief: Vaak komt in het contact al naar voren wat mensen belangrijk vinden of nodig hebben om uitkomsten in eigen kring verder te brengen. Wat gaan we – of beter: wat gaat wie – doen?

Mensen willen kunnen snappen waarom er een keuze is gemaakt voor de stappen die zijn gezet. Je hoeft het niet zozeer met deze stappen eens te zijn, maar je wilt wel begrijpen waarom deze afwegingen zijn gemaakt.

Hiervoor is de overheid toch ook?! Wij zijn er omdat niet alles vanzelf gaat. We kunnen geen beslissingen maken en dan maar denken dat door een leuk verhaal erom heen te verzinnen het wel wordt geaccepteerd. Vandaag communiceren, is durven uiteenzetten wat je doet: helder zijn over wat wel en niet kan en vanuit hier beslissingen nemen.

“Het moet natuurlijk geen trucje worden.”

 

Heb je vaak te maken met polarisatie in dit soort processen?
Bart Brandsma, een politiek filosoof, zegt daar interessante dingen over. Als er een spanning is over een probleem, dan zie je vaak dat er twee uitersten zijn. Daar vind je mensen die heel hard roepen: ‘pushers’, en hierom heen ‘joiners’ verzamelen. Daartussen heb je ‘het stille midden’ (ongeveer 70%). Door actief over het dilemma te communiceren maak je het midden sterker. Investeer dus in mensen die zoeken en twijfelen: als je deze groep erkenning biedt en helpt woorden te vinden voor wat er aan de hand is, dan leidt dit vaak tot nieuwe oplossingen. In het midden wordt het gesprek gevoerd, aan de uitersten vooral gedebatteerd.

Hoe reageren mensen op Dilemmalogica?
Mensen waarderen vooral dat je herkent en erkent wat er aan de hand is. De overheid weet het ook niet allemaal en gaat het gesprek aan. Het moet natuurlijk geen trucje worden. Blijf goed luisteren naar wat er in gesprekken naar voren komt. Let wel op: het is cruciaal dat je er vervolgens wat mee gaat dóen en mensen daarin meeneemt.

Binnen de organisatie roept het trots op, merk ik. Mensen gaan bij de overheid werken omdat ze maatschappelijke problemen interessant vinden. Dat weten we uit arbeidsmarktonderzoek. Of iets preciezer: ambtenaren houden ervan problemen te snappen en te puzzelen. En dat is precies wat Dilemmalogica doet: organiseren dat je kennis deelt van wat er leeft en dat helpt ordenen. Dat vraagt om vakmanschap!

Wat is de winst van Dilemmalogica?
Het doel is niet dat je vriendjes wordt met iedereen, maar dat mensen beslissingen als logisch ervaren. Je bent eerlijk door een dilemma te herkennen. Door dit te doen heb je een kans dat mensen zeggen “ik ben het er niet mee eens, maar ik snap het.”

In het boek Ons feilbare denken schrijft Nobelprijswinnaar Daniel Kahneman dat we bij een verstoring als het ware met twee systemen reageren: mensen reageren eerst met het emotionele systeem. Iets voelt goed of niet. Door die gevoelens te erkennen en van daaruit verder te kijken en letterlijk uit te leggen wat ertoe doet, ontstaat ruimte voor het tweede, rationele systeem. Maar hoe vaak beginnen we niet andersom: eerst argumenteren en dan kijken hoe het valt?

“Alles begint met eerder contact maken, juist als het schuurt en ongemakkelijk voelt.”

 

Wat wil je zelf leren van het actiepunt Dilemmalogica?
Ik wil onderzoeken hoe ambtenaren met Dilemmalogica omgaan en beter snappen hoe die informatieverwerking van mensen verloopt zodra zich een dilemma voordoet. In welke situaties werkt het om over een dilemma contact aan te gaan en wanneer is het het stomste wat je kunt doen? Wat is de rol van ambtelijk lef? Hoe werkt die informatieverwerking precies: denk dan aan de rol van voorkennis over een onderwerp, de relevantie die mensen aan iets toekennen en de rol van eerdere ervaringen.

In het vorige interview sprak je in het kader van openheid over de bomenkap in Den Haag? Is dit een goed voorbeeld van Dilemmalogica?
Ja klopt! Daar zag je dat het eerst mis ging en dat er nieuwe inzichten ontstonden toen de zorgen en inzichten van bewoners serieus op tafel kwamen. Ik ben al lang bezig met nadenken over hoe je mensen van het begin kan meenemen in het maken van beslissingen. We moeten nog veel meer kennis verzamelen – en delen! – over hoe mensen informatie gaan zoeken. Alles begint bij eerder contact maken, juist als het schuurt en ongemakkelijk voelt. Niet alleen als wij dat als overheid handig vinden, maar juist als mensen je zoeken.

Dilemmalogica in een notendop
Bekijk ook deze video waarin Guido Rijnja kort en krachtig vertelt waar zijn actiepunt over gaat:

 

Foto: Bart Versteeg

Video: Sebastiaan ter Burg

Met veel dank aan Rosanne Braak voor het afnemen van dit interview.