Omschrijving

Overleg Interbestuurlijke Stuurgroep Openbaarheid

Vergaderdatum en - tijd

15 december 2025 om 13:00

Vergaderplaats

Z36-39, Turfmarkt 147

Aanwezig

BZK, Rijk, VNG, IPO, UvW en Logius/KOOP

Afwezig

UWV (NPD)

0. Opening en mededelingen

Verslag:

  1. • De UWV, namens de NPD, is vandaag niet aanwezig.

  2. • Mededeling BZK. De borrel in januari wordt georganiseerd voor een breder gezelschap met ook andere collega’s uit het openbaarheidsveld.

  3. • Mededeling Rijk. De capaciteit binnen PROO is een aandachtspunt in relatie tot de ambities van PROO. BZK neemt het als aandachtspunt mee.

  4. • Het Rijk verzoekt de brief aan de informateur breder te delen met ook de andere stakeholders. Deze is reeds openbaar gemaakt, maar zal met de Programmaraad OenIHH worden gedeeld.

1. Verslag Stuurgroep Openbaarheid 30 oktober

Verslag:

  • De Stuurgroep stelt het verslag vast, wat daarmee geanonimiseerd openbaar gemaakt zal worden.

2. Knelpunt attenderingsfunctie i.r.t. ontwikkeling Generieke Woo-voorziening (ter bespreking)

Verslag:

  • BZK geeft een toelichting bij het onderwerp. Naar aanleiding van de PI-dagen van 10 en 11 december is meer inzicht over de vertraging. Op basis van het huidige inzicht, is de vertraging minimaal 9 maanden, wat ook betekent dat de inwerkingtredingsdatum van tranche 2 zal verschuiven.

  • KOOP vult aan met excuses vanuit KOOP. Bij de herijking van de planning zijn onjuiste inschattingen gemaakt, zowel in relatie tot de attenderingsfunctie als de tijd en effort die het kosten de Generieke Woo-voorziening en de aanlevermethoden te realiseren.

  • IPO reageert dat het blij is specifiek in het vorige verslag te hebben opgenomen dat de inwerkingtredingsdata verschuift wanneer de planning van op te leveren specificaties niet wordt gehaald, maar is verbijsterd over het feit dat dit nu al op deze wijze noodzakelijk blijkt te zijn. Het roept allerlei vragen op zoals waarom er een nieuwe verwerkingsstraat nodig is, of er specifiek gewacht moet worden op onderdelen, of er geen alternatieven zijn en wat er nu wordt verwacht van bestuursorganen?

  • IPO geeft daarnaast aan dat er te weinig inzicht aanwezig lijkt bij Logius/KOOP over de samenhang van het gehele traject en de integraliteit van de planning.

  • VNG sluit zich aan bij de woorden van IPO en dankt BZK voor de openheid van zaken. Van primair belang is nu hoe we hierover gaan communiceren naar de achterban? Daarnaast voert Logius/KOOP nu op meerdere fronten dit gesprek en de realisatiekracht lijkt te ontbreken. \

  • VNG heeft de commissie Griffiers en Raadsleden meegenomen in de stand van zaken van de Generieke Woo-voorziening en merkt op dat ze een informatieachterstand hebben. Er moet dus gecommuniceerd worden.

  • VNG benadrukt om na te gaan wat er moet gebeuren om te voorkomen dat over negen maanden hetzelfde gesprek weer gevoerd moet worden.

  • UvW sluit zich aan bij de woorden van IPO en VNG. Vragen die het oproept is wat is het handelingsperspectief, hoe en wat wordt er gecommuniceerd naar de achterban, hoe voorkomen we dat het nog eens gebeurt en hoe kan het dat er zo weinig zicht is op de integrale agenda?

  • Het Rijk sluit zich aan bij de vorige sprekers en geeft aan dat er veel vragen bestaan na wat er is gebeurd. Ook is er na het datalek van april de afspraak gemaakt om een extra ‘laag’ in te regelen bij Logius/KOOP om dergelijke problemen in de toekomst te voorkomen. Logius/KOOP geeft aan dat ze een capaciteitsprobleem hebben en dat hun ontwikkelteams niet op de hoogte bleken te zijn van de afgesproken planning met de projectleiders.

  • Daarnaast is de vraag op welke wijze de prioritering t.a.v. de attenderingsfunctie vs. de realisatie van de Generieke Woo-voorziening heeft plaatsgevonden?

  • BZK reageert begrip te hebben voor de teleurstelling en frustratie en dat de situatie ook door BZK als zeer ongelukkig wordt beschouwd.

  • KOOP benoemt allereerst dat er gelijk in januari een eerste planningssessie wordt georganiseerd. Daarnaast is de aanleiding van deze vertraging tweeledig, zijnde enerzijds de attenderingsfunctie en anderzijds een te strakke planning. Voor wat betreft het interne Logius/KOOP-deel is het zeer frustrerend dat er ruimte heeft bestaan tussen de ontwikkelteams en het management. Er zijn een nieuwe projectleiders aangetrokken die laten verbetering zien en mede daarmee kan herhaling worden voorkomen.

  • KOOP geeft aan dat in het algemeen de prioriteiten van werkzaamheden worden bepaald door PROO, op basis van gegevens van KOOP/Logius, maar dat er in dit geval nog onvoldoende inzicht is in wat deze nieuwe situatie precies gaat betekenen voor de vertraging. Dat wordt nu uitgezocht door KOOP/Logius, maar op die informatie moet nog gewacht worden. De opdrachtgever kan de prioriteiten niet maken zonder alle inzichten en de opdrachtnemer mag het niet.

  • IPO herhaalt de vraag hoe het kan dat het oplossen van de attenderingsfunctie prioriteit heeft gekregen en dat de capaciteit niet naar de Generieke Woo-voorziening is gegaan.

  • Logius/KOOP antwoordt dat het komende kwartaal niet wordt gebouwd aan de attenderingsfunctie, omdat er eerst nog analysewerk verricht moet worden en dat gebeurt buiten de ontwikkelteams die werken aan de Generieke Woo-voorziening.

  • BZK vult aan dat er dus nog niet geprioriteerd is. Het enige besluit dat genomen is, is het uitstellen van de ingebruikname van de nieuwe verwerkingsstraat aangezien de huidige attenderingsfunctie van AZ/DPC anders per direct zou vervallen. BZK wacht de informatie van KOOP/Logius af voordat een besluit wordt genomen.

  • BZK vult aan dat ‘life cycle management’ een van de redenen is dat er naar een nieuwe verwerkingsstraat gemigreerd moet worden en dergelijke migraties komen altijd op ongewenste momenten. Daarbij blijkt het zo dat bij de overgang naar de nieuwe verwerkingsstraat, de attenderingsfunctie per direct vervalt en dat is zeer onwenselijk.

  • BZK benadrukt de Stuurgroep dat de vertraging primair voortkomt uit het niet halen van de afgesproken planning en dat het effect van de werkzaamheden t.a.v. de attenderingsfunctie beperkt van invloed zijn op de omvang van de vertraging.

  • Rijk reageert dat ‘life cycle management’ ruim van tevoren meegenomen had kunnen worden in de planning, omdat dergelijke zaken altijd vooraf bekend zijn. Daarnaast is lastig om te horen dat wanneer AZ iets wil, BZK het dan uitvoert en dat het makkelijk is om te zeggen dat het simpelweg door de gebrekkige interne processen bij Logius/KOOP komt.

  • BZK reageert dat er BZK geen extra actie namens AZ heeft opgepakt, en dat een gezamenlijke planning is vastgesteld, maar dat de ontwikkelteams bij Logius/KOOP hier niet goed op bleken aangehaakt. Daarnaast bestond de verwachting dat de extra capaciteit bij Logius/KOOP eventueel nieuwe drempels in de oplevering kon voorkomen.

  • Logius/KOOP herhaalt dat er in het volgende kwartaal geen capaciteit gaat naar de attenderingsfunctie.

  • VNG geeft aan dat in het gesprek nu heel veel informatie wordt gegeven en dat het daardoor onduidelijk wordt. Het is nodig dat er handelingsperspectief komt voor bestuursorganen en de achterban en er moet gecommuniceerd worden.

  • IPO vult aan dat er een heel duidelijk feitenrelaas moet worden opgesteld en dat er duidelijke werkafspraken moeten worden gemaakt om dit in het vervolg te voorkomen.

  • BZK erkent dat het op dit moment nog niet helder heeft hoe dit in de toekomst met zekerheid kan worden voorkomen en zegt toe hier bij de Stuurgroep op terug te komen.

  • Rijk vraagt opnieuw naar de besluitvorming rond de attenderingsfunctie en de Generieke Woo-voorziening.

  • BZK herhaalt dat de integrale planning ongeacht de attenderingsfunctie zou zijn vertraagd.

  • IPO reageert en benadrukt dat de argumentatie zuiver moet zijn. Als de attenderingsfunctie geen impact zou hebben op de planning, dan moet het als zodanig worden verwoord in de communicatie.\

  • BZK stelt het volgende proces voor en vraagt de Stuurgroep te reageren op het voorstel.

  1. Op hele korte termijn wordt de relevante informatie die nu voorhanden is gedeeld met de relevante gremia.

  2. Op korte termijn wordt gekeken of en zo ja wat er hierover naar de minister gaat gecommuniceerd worden.

  3. Begin 2026 wordt in samenwerking met de medeoverheden gecommuniceerd met de achterban.

  4. VNG geeft aan dat we vertrouwen moeten blijven uitstralen, want het draagvlak bij de achterban is aan het afnemen. De communicatie moet daarop worden toegespitst. VNG wil graag inzetten op het positieve, de gezamenlijke opgave benadrukken en niet alle hoop wegnemen. Wel moet de werkelijke informatie worden gedeeld.

  5. UvW sluit zich aan bij de woorden van de VNG. Zo snel mogelijk informeren van de achterban is belangrijk. Daarbij is de voorkeur om liever in eenmaal goed te communiceren na de kerst dan snel, minder goede communicatie voor de kerst. Ook is een brief van de minister naar de achterban wenselijk.

  6. IPO voelt zich zeer ongemakkelijk bij dat een ambtelijke adviescommissie dit nog niet weet. Er zal dus zo snel mogelijk moeten worden gecommuniceerd naar de achterban. IPO staat positief tegenover de optie dat er voor de kerst een directeursbericht komt vanuit BZK en dan na de kerst communicatie vanuit de minister.

  7. Rijk vindt de vertraging van negen maanden erg fors en twijfelt nog even of hoe dit nu voorkomen kan worden. Goed om deze week te communiceren naar de gremia.

  8. IPO vult nog aan dat er naar aanleiding van het AcICT-advies ook budgetverantwoordelijkheid is belegd bij deze Stuurgroep Openbaarheid en IPO voelt zich daar dan ook verantwoordelijk voor.

  9. BZK legt de vraag bij KOOP of er ook spoedig inzicht gegeven kan worden in de financiën en consequenties van de vertraging.

  10. KOOP komt in de planningssessie van januari met een helder inzicht in de financiële consequenties.

  11. Daarnaast zal KOOP een feitenrelaas opleveren.

Conclusie:

  • Deze week gaat er een mail met een stand van zaken update over de Generieke Woo-voorziening, mede vanuit Mark Vermeer.
  • In januari wordt er een planningssessie gepland tussen BZK en Logius/KOOP. Daarna volgt een sessie waar ook het Rijk en de medeoverheden bij aanwezig zijn.
  • In samenwerking met de koepels een neutraal en zuiver verhaal communiceren richting de achterban.

3. Handreiking antimisbruikbepaling Woo (ter besluitvorming)

Verslag:

• BZK geeft een toelichting bij de totstandkoming van de handreiking en verzoekt de Stuurgroep ermee in te stemmen.

• Rijk is positief, maar vraagt nog of het een punt over AI-bulk verzoeken kan worden meegenomen. De wijze van agendering wordt besproken bij het volgende agendapunt.

• IPO uit complimenten over de handreiking.

Conclusie:

  • De Stuurgroep stemt in met de handreiking antimisbruikbepaling.

4. Implementatie- en communicatieplan (ter besluitvorming)

Verslag:

  1. BZK geeft een toelichting bij het implementatie- en communicatieplan. Ondanks het gesprek over de inwerkingtredingsdata van de actieve openbaarmaking, kan er wat BZK betreft wel besluitvorming plaatsvinden over het plan. Dit was ook de afdronk van de stuurgroepadviseurs.

  2. Rijk uit complimenten over het plan. De oproep wordt gedaan of er nog meer KPI’s in het plan kunnen worden opgenomen en of de rapportagemomenten kunnen worden opgenomen in de nieuwe, volgende integrale planning.

  3. UvW vindt het mooi dat dit stuk er nu ligt, maar vraagt zich wel af hoe dit zich nu verhoudt tot de vertraging.

  4. BZK reageert dat er bewust zo weinig mogelijk informatie en techniek is opgenomen die direct hangen aan vastgestelde inwerkingtredingsdata. Behalve technische voorbereidingen en feitelijke aansluiting op de GWV zijn er veel organisatorische en procesmatige voorbereidingen die voortgang kunnen vinden, ook nu de planning vertraagd is.

  5. De VNG is akkoord met het plan en benadrukt dat er een neutrale, gezamenlijke boodschap gecommuniceerd moet worden. De achterban weet bijvoorbeeld nog niet dat er meer dan alleen een harvester wordt opgeleverd.

  6. IPO is akkoord met het vaststellen van dit plan als startpunt, maar geeft aan in een dubio te zitten. Het voorliggende plan ademt dat er goed over is nagedacht, maar de hoogambtelijke en bestuurlijke overwegingen lijken te ontbreken. De detailplanning van de verschillende aanlevermethoden ontbreekt in het plan.

  7. BZK reageert dat de planningen over aanlevermethoden het type informatie betreft dat juist wel aan de inwerkingtredingsdata hangt. Het plan gaat daarentegen meer wat en hoe er gecommuniceerd wordt.

  8. IPO vervolgt met de toelichting dat er een standaardwerkwijze ontbreekt over de hoogambtelijke en bestuurlijke communicatie, bijvoorbeeld in relatie tot het datalek eerder dit jaar of de vertraging zoals gecommuniceerd hier en nu. Het zou IPO erg helpen om hierin een vaste, duidelijke werkwijze te hanteren.

  9. UvW sluit zich aan bij deze wens.

  10. BZK reageert dat dergelijke escalaties niet standaard zijn en dat dit plan is opgesteld om breed te kunnen verspreiden. Werkafspraken over de communicatie en specifiek over communicatie in geval van escalatie komen separaat aan dit implementatie en communicatieplan.

Conclusie:

  • Het implementatie- en communicatieplan wordt vastgesteld, met inachtname van de gemaakte opmerkingen.

5. Governance Openbaarheid (ter besluitvorming)

Verslag:

• BZK geeft een toelichting bij het onderwerp, inclusief de tijdelijke werkorganisatie die nu binnen het DGDOO van BZK is gestart. Er loopt een verkenning waar en binnen welke governancelijn het onderwerp openbaarheid kan worden belegd. Begin 2026 gaat BZK hier iteratief mee aan de slag en betrekt de Stuurgroep hierbij. Het formaliseren van de werkgroep Architectuur betreft de inzet in de huidige governance.

• IPO reageert positief op de werkgroep Architectuur. IPO vermoed dat de bestaande lijn van de BOD en GDI geschikt is.

• Rijk stemt in met de werkgroep Architectuur. De wens bestaat om in de toekomstige governance een apart vooroverleg te regelen als voorportaal voor het Rijk. Verzoek om alle bestaande werkgroepen op te nemen. Nuance van het agenderen van de stukken in een/twee lijnen te agenderen.

• Rijk en BZK gaan daar apart over in gesprek, evenals het agenderen van onderwerpen in de interbestuurlijke en interdepartementale lijn.

• VNG sluit zich aan bij de input van IPO en benadrukt de wens om zo veel als mogelijk de governance te stroomlijnen.

• UvW is eveneens akkoord met de formalisatie van de werkgroep Architectuur en is daarnaast net als IPO positief over de BOD-lijn. De behoefte wordt geuit om goed meegenomen te worden in de nieuwe organisatie binnen BZK, ook in relatie tot het splitsen van IHH en OBH en welke rol de medeoverheden daarin hebben.

Conclusie:

  1. De stuurgroep stemt in met het formaliseren van de werkgroep Architectuur.

  2. BZK neemt het punt mee over de communicatie naar de medeoverheden.

6. Ter kennisname

Verslag:

  • Geen opmerkingen van de Stuurgroep.

7. Rondvraag

Verslag:

  1. • Rijk vraagt naar stand van zaken wetsevaluatie en wanneer deze gestart wordt. Er is specifieke interesse in het documentbegrip van de Woo en daarnaast wordt gevraagd naar het WODC.

  2. • BZK bevestigt dat WODC de wetsevaluatie gaat uitvoeren omdat het een zeer ervaren bureau is op het gebied van wetsevaluaties. Later in de week wordt de Stuurgroep Openbaarheid en de Programmaraad OenIHH geïnformeerd over de wetsevaluatie.